Makkelijk aan een revolver te komen

Arsenaal wapens in Nederland groeit

AMSTERDAM – Wat is moeilijker te verkrijgen in Nederland: een lijntje coke of een revolver? Leden van schietverenigingen – die anoniem wensen te blijven – zeggen desgevraagd ‘dat het heel makkelijk is om aan een illegaal wapen te komen’. ‘Het is een kwestie van de juiste contacten en de juiste vragen stellen.’ In minder bonafide schietscholen zouden die contacten zich bijvoorbeeld moeiteloos laten leggen. Het Tijdschrift voor Criminologie schreef in 2000: ‘Voornamelijk het sociale milieu bepaalt in hoeverre mensen in staat zijn illegaal aan een vuurwapen te komen.’

Exacte cijfers van het aantal illegale wapens bestaan niet. Naar schatting bevinden zich in Nederland tussen de 68.000 en 75.000 illegale wapens, berekende Peter G.M. van der Heijden, hoogleraar statistiek te Utrecht. Van der Heijden: ‘We gebruikten drie schattingsmethoden en die leverden redelijk overeenkomstige cijfers op. Maar de schattingen zijn gebaseerd op dark numbers waarvan de houdbaarheid soms wel en soms niet onderzocht kan worden. Vaste grond onder de voeten ontbreekt.’ Daarnaast bezitten de 685 officiële schietverenigingen in Nederland en hun 36.000 leden een aardig arsenaal. Ondanks de strenge regels waaraan de schietverenigingen onderworpen zijn – onder meer voor de opslag – verdwijnen er zo nu en dan wapens. Bijvoorbeeld bij een inbraak op de vroege ochtend van de huwelijksdag van Willem-Alexander en Máxima. Er bleken 81 vuurwapens te zijn gestolen. Op de zwarte markt leveren een doorsnee 9mm-pistool tussen de 500 en 750 euro op; een automatisch vuurwapen tussen de 1000 en 2000 euro, zo berichtten onderzoekers van het Korps landelijke politiediensten twee jaar geleden.

‘We weten heel weinig over wapenbezit in Nederland’, zegt Peter van der Laan, programmacoördinator bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) en als universitair hoofddocent verbonden aan de afdeling criminologie van de Universiteit Leiden. Van der Laan onderzoekt met name jeugdcriminaliteit. ‘Cijfers van de politie zijn gebaseerd op toevallige ontdekkingen. Ons onderzoek is voornamelijk gebaseerd op zelfrapportage, maar dat is om begrijpelijke redenen een kwetsbaar instrument.’ De afgelopen jaren is in het onderzoek van Van der Laan een ‘lichte stijging’ in het wapenbezit onder jongeren waarneembaar. ‘Maar wat is een wapen?’ zegt Van der Laan. ‘Opvallend is dat jongeren allerlei voorwerpen als wapen gebruiken, variërend van een zakmes tot een broekriem.’ Preventie van schietpartijen als in het Duitse Erfurt is vrijwel ondoenlijk, zegt Van der Laan. ‘Detectiepoortjes houden de wapens buiten de scholen, maar wat daarbuiten gebeurt, kun je op die manier niet controleren. Daar komt bij dat dergelijke incidenten zo uitzonderlijk zijn dat het moeilijk is daar algemeen beleid op te baseren.’ Belangrijker is het de opvattingen en het gedrag van jongeren te veranderen. Van der Laan: ‘Jongeren zeggen: “Met een wapen op zak voel ik me veiliger.” Het tegendeel is waar. Het gaat erom die houding te veranderen.’

Leidt wapenbezit tot meer geweld? In de Verenigde Staten woedt hierover al decennialang een verhitte discussie. De gelegenheid maakt de dief, zegt criminoloog Jaap Timmer van de Vrije Universiteit. ‘Uiteraard spelen sociaal-culturele factoren een belangrijke rol. De Amerikaanse maatschappij is natuurlijk een heel andere dan de Nederlandse. Je kunt dan ook niet simpelweg stellen: meer wapens leiden tot meer geweld. Maar vuurwapens zijn natuurlijk veel dodelijker dan andere wapens. Meer vuurwapens leiden niet automatisch tot meer geweld, maar wel tot meer dodelijk geweld.’

De Canadese onderzoeker Wendy Cukier vindt dat Nederland ‘de gevaren van wapenbezit onvoldoende inziet’. Cukier: ‘Ik merk in Europa weinig besef van de omvang van het probleem. Met name landen als Nederland, waar weinig wapens zijn en strenge regel geving heerst, moeten van de Canadese situatie leren. Canada grenst aan een land met 260 miljoen inwoners en 200 miljoen vuurwapens. Canada heeft redelijk strenge regelgeving, in tegenstelling tot de VS. Wij merken daar de gevolgen van: in feite heeft Canadese regelgeving weinig zin zolang je in de VS zo makkelijk aan wapens kunt komen. De les die Nederland zou moeten leren, is dat ze van andere EU-landen strengere regelgeving moet eisen. De verschillen tussen de landen zijn te groot. In Frankrijk is het relatief gemakkelijk om aan wapens te komen, net als in Oostenrijk, maar ondertussen zijn er geen onderlinge grenzen meer. Nederland bevindt zich in een kwetsbare positie. Nederland moet meer hameren op strenge, uniforme Europese wetgeving voor wapenbezit.’ Want, zo benadrukt Cukier, ‘wapenbezit is moeilijk te voorkomen, maar nog veel moeilijker terug te dringen’.

De liquidatie van Pim Fortuyn en de slachting in Erfurt zijn zeldzame incidenten, benadrukken criminologen. Desalniettemin groeit het arsenaal wapens in Nederland onmiskenbaar. Als iemand Melkert of Rosenmöller in het vizier wil nemen, zal bezit van een vuurwapen niet de beperkende factor zijn, beaamt Van der Laan van het NSCR.