Aruba’s status aparte is bloedrood

Op zondag 10 augustus verklaarde voorzitter Gregorio Wolf van de Sindikato Empleadonan Publiko Aruba (Sepa), de grootste vakbond van Aruba, in een radiotoespraak de oorlog aan zo'n beetje alle autoriteiten van het eiland. ‘Het volk beschouwt de huidige regering als een vijand’, aldus Wolf in zijn speech, ‘want deze regering is private property van the happy few.’

Wolf schetste een ontluisterend beeld van de lokale machtsverhoudingen. Zowel de regering-Eman, de plaatselijke rechters als de concurrerende christelijke vakbond FTA maken volgens hem deel uit van een nepotistisch conglomeraat, gecentreerd rondom de uit Libanon afkomstige familie Mansur. Deze zou op haar beurt weer ondergeschikt zijn aan machtige kartels op het Latijns-Amerikaanse continent, met name in Colombia en Venezuela. Volgens Wolf is Aruba hard toe aan een analyse van het democratische gehalte van de status aparte, dat sinds de dood van Betico Croes in 1986 in een neerwaartse spiraal zit.
Met de regering-Eman wil Wolf in ieder geval geen zaken meer doen. De oproep van Eman tot een ‘nationale dialoog’ over de toekomst van het eiland, legt de vakbondsleider naast zich neer. De draconische salarisverhoging die de ministers van de regering-Eman recentelijk aan zichzelf toebedeelden, was voor Wolf de spreekwoordelijke druppel.
Het is niet de eerste keer dat Wolfs Sepa het Arubaanse politieke bestel frontaal attaqueert. De bond is het laatste bastion in Aruba dat zich verzet tegen totale onafhankelijkheid. In een onafhankelijk Aruba zouden de duistere krachten het helemaal voor het zeggen hebben, zo is de filosofie. Om die redenen liet de Sepa de biografie SA-14NL van 'Heer’ Arie O., geschreven door Bert Voskuil, en het boek Bloedsporen van de Belgische journalisten Danny Ilegems en Raf Sauviller, deur aan deur verkopen in Aruba. In deze boeken wordt Aruba genoemd als een der hoofdkwartieren van de internationale drugsmaffia, compleet met vertakkingen richting CIA en andere spionagediensten. In de Arubaanse boekwinkels werden deze werken gelijk en masse ingekocht door de lokale machthebbers, zodat de Sepa zelf tot distributie met korting overging.
Volgend jaar zijn er verkiezingen in Aruba en als de tekenen niet bedriegen, zal het voornaamste thema de ware toedracht rond de dood van Betico Croes zijn. Croes stierf in december 1986 na een jaar in coma te hebben gelegen. Een jaar eerder, op 31 december 1985, was hij het slachtoffer van een auto-ongeluk. In de Latijns-Amerikaanse pers verschijnen de laatste tijd steeds meer verhalen die willen dat Croes’ ongeluk in werkelijkheid een aanslag was. Het feit dat de comateuze man tot twee keer toe naar een andere bestemming werd gevlogen, sterkt die theorie.
Ook andere nooit opgehelderde affaires beginnen op te spelen, zoals de moord in 1995 op Ulric Latham, topman van de Arubaanse vliegmaatschappij ALM. Kortom: de geest is uit de fles op Aruba, en alle verzoeningspogingen vanuit Nederland (onder meer door de commissie-De Ruiter) lijken voor niets te zijn geweest. Lachende derde is de Amerikaanse Drug Enforcement Administration, die Aruba al jaren op de korrel heeft.