Australische premier is alleen sociaal voor Aboriginals

Canberra – De conservatieve regering van Tony Abbott verdeelt Australië diep. Een meerderheid juicht Abbotts anti-groene, xenofobe agenda nog altijd toe, hoewel de onvrede groeit.

Progressief Australië (elke dinsdagavond in totaliteit bijeen in een café in Melbourne) is in interne emigratie. Maar zelfs Abbotts felste tegenstanders moeten hem op één onderwerp schoorvoetend krediet geven: hij heeft oprecht aandacht voor Aboriginal Australië. Sterker, Abbott noemde de leefomstandigheden van de inheemse bevolking een ‘schandvlek op onze ziel’ en beloofde maatregelen tegen schooluitval van Aboriginal-kinderen. Dit jaar won Adam Goodes, een prominente Aboriginal Australian-footballspeler, de titel Australian of the Year, een erefunctie die de premier jaarlijks toekent. De keuze voor Goodes was betekenisvol omdat hij na te zijn uitgescholden tijdens een wedstrijd symbool stond voor verzet tegen racisme. Abbott laat zich bijstaan door verschillende conservatieve Aboriginal-adviseurs en heeft Aboriginal-zaken, doorgaans het terrein van een aparte bewindspersoon, bij zijn eigen ministerie ondergebracht.

Wie Abbott niet op zijn woord gelooft dat hij ‘een premier van Aboriginal Australië’ wil zijn, neme zijn vakantieplakboeken erbij. Hij doet op persoonlijke titel al zo’n twintig jaar vrijwilligerswerk in verschillende Aboriginal-gemeenschappen en heeft daarom meer direct contact gehad met Aboriginals dan enige voorgaande Australische premier. Critici wijzen op het feit dat de bezoeken de Liberalen veel Aboriginal-kiezers opgeleverd hebben. Maar Abbotts pleidooi voor erkenning van de rechten van Aboriginals in de grondwet gaat verder dan dat van eerdere Australische premiers. De katholieke naastenliefde van Abbott uit zich vooral in zijn zorgen om de levensomstandigheden van Aboriginals en veel minder in zijn dagelijkse politieke handelen.

Dat Abbotts regering ondertussen een voorstel doet om het verbod op ‘belediging en vernedering’ uit het stafrechtartikel omtrent rassendiscriminatie te schrappen, doet niet per se iets af aan zijn intenties om Aboriginals een sterkere rechtsbasis te geven (Abbotts voornaamste Aboriginal-adviseur keert zich tegen dat voorstel). Dat conservatieve statenregeringen programma’s in onderwijs in inheemse taal en cultuur hebben afgeschaft hoeft niet in strijd te zijn met Abbotts voornemen meer Aboriginal-kinderen binnen de scholen te houden. Ook niet dat een overheidscommissie onlangs concludeerde dat geschiedenislessen op de basisschool de pre-koloniale geschiedenis en massamoord op de Aboriginal-bevolking best mogen overslaan. Dat Abbott niet spreekt over herstelbetalingen of nieuwe bouw- en medische projecten in Aboriginal-gemeenschappen betekent niet dat hij zich niet bekommert om Australië’s nationale ‘schandvlekken’. Abbott méént het. Dat wel.