Autodidact

Echte lezers herken je aan hun ondoorgrondelijke smaak. Natuurlijk, het is mooi als iemand uitkijkt naar de nieuwe Pamuk, of niet kan wachten tot de zoveelste nieuwe vertaling van Nabokov er is, maar op de een of andere manier is dat toch net zoiets als zeggen dat je houdt van appeltaart met slagroom, of het liefst vakantie viert aan de Cote d’Azur. Ik bedoel: het is allemaal nogal beproefd en daarmee ook een beetje nietszeggend.

Martin van Amerongen hield van Bach, Shakespeare, Wagner, Heine, en ik had daar verder niet veel gedachten bij, tot ik iemand vlak na zijn dood in een radiogesprek hoorde opmerken dat je aan Van Amerongens voorkeuren de autodidact herkende. Juist degene die opgroeit in een ongeletterde omgeving, zou uit onzekerheid zijn toevlucht nemen tot de ‘usual suspects’, de kunstenaars van wie niemand het meer in zijn hoofd zal halen hun genie te betwijfelen. Onmiddellijk had ik het beeld voor ogen van het bebrilde jongetje dat manmoedig de encyclopedie deel voor deel uit de ouderlijke boekenkast haalt, of uit die van de buren, in de hoop de wereld uit zijn hoofd te hebben geleerd tegen de tijd dat hij bij de S van Shakespeare is aanbeland.

Misschien ook een vorm van minderwaardigheidscomplex, maar ik heb altijd een voorkeur gehad voor de ontdekkingen in de marge. En niet omdat ik thuis werd dood gegooid met Hoge Literatuur en Klassieke Muziek. Nee hoor, gewoon Carmiggelt en James Last. En streekromans, dat vooral. Op een gegeven moment moet je toch op eigen kompas zien te varen, en dan maakt het denk ik niet zoveel uit welke bagage je hebt. Zolang je er maar al lezende achter komt wat het is dat je zoekt, en de illusie kunt hebben dat iets speciaal voor jou gemaakt is.
Ik heb vandaag gegoogled op de naam van Tessa Hadley. In de hoop dat ze weer ’s iets nieuws zou hebben geschreven. Tessa wie? Inderdaad. Schrijfster van een roman en een verhalenbundel, tot nog toe. Ik houd niet zo van verhalen, maar die van Hadley zijn subliem. Mini-romans. En die roman… Ik weet niet wat het is, maar net zoals je op een receptie na drie woorden met een onbekende weet of je wel of niet zal zeggen dat je eigenlijk op weg was naar het toilet, zo weet je bij die roman dat je het allemaal wil lezen. ‘Een beetje steriel’ oordeelde de recensent van de Times Literary Supplement destijds. Dezelfde recensent die me destijds op haar verhalenbundel attendeerde. Ik vond het wel meevallen met die steriliteit. Dat is ook zo goed aan echte lezers: ze zijn trouw aan hun eigen oordeel.