Hoe Nederland liberaal-blauw kleurde

Baantjes in de polder

In tien jaar tijd heeft de VVD van Mark Rutte een onuitwisbaar stempel op de Nederlandse samenleving gedrukt. Dankzij enkele cruciale benoemingen is het de liberalen gelukt hun beleid tot in de haarvaten van de samenleving door te voeren.

‘Het kabinet is gevallen, kan ons land eindelijk weer opstaan.’ In 2010 staat deze boodschap in dikgedrukte blauwe letters, oranje onderstreept, paginagroot afgedrukt in De Telegraaf. Ondertekend met: ‘De vvd, zeker nu’. De dag ervoor is het kabinet-Balkenende IV ten einde gekomen, gestruikeld over onenigheid over verlenging van een militaire missie in de Afghaanse regio Uruzgan. Maar het einde van de regering betekent nog niet een einde aan de politieke chaos. De weken die volgen kenmerken zich door opzienbarende leiderschapswisselingen bij de pvda, het cda en de SP, terwijl daar ook nog eens de gemeenteraadsverkiezingen doorheen fietsen.

Toch er is één partij die na jarenlang intern gesteggel de boel juist weer goed op orde heeft: de vvd. Terwijl de kranten bol staan van het politieke gekonkel bij de rest worden de liberalen niet moe erop te wijzen dat er buiten het Binnenhof een economische crisis door Europa raast, die niet wacht tot de dames en heren in Den Haag zijn uitgeruzied. Zoals partijleider Mark Rutte in die tijd minzaam opmerkt: ‘Het speelkwartier is voorbij. We moeten Nederland weer gezond maken.’

Het is de periode waarin alles bij elkaar komt wat Ivo Opstelten heeft beoogd met zijn ‘permanente campagne’. Twee jaar eerder, wanneer de oud-burgemeester van Rotterdam door de vvd als partijvoorzitter is aangesteld, legt hij daarvoor het fundament. Het peilingbureau Psychologisch Marktonderzoek (ipm), gewend om voor grote jongens als Unilever, Philips en Shell te werken, is in de arm genomen om het electoraat grondig door te lichten. Niet langer zal ervan worden uitgegaan dat de onderklasse altijd links stemt en rijke mensen altijd rechts, in lijn met hun ogenschijnlijke eigenbelang. In plaats daarvan wordt er gekeken wat voor soort politíek bepaalde groepen mensen aanspreekt.

Het leidt tot verrassende uitkomsten. Aan de hand van vragen als: ‘Bent u voor of tegen meer blauw op straat?’ blijken kiezers in heel andere segmenten te kunnen worden ingedeeld. Niet alleen maakt de vvd op basis daarvan kans bij succesvolle ondernemers en bij de categorie ‘nette burgers’ die ook vaak op het cda stemt, maar ook ontdekt ipm de ‘law-and-order-conservatieven’: mensen met een gemiddeld of laag inkomen zoals politieagenten en onderwijzers, met een jong gezin en een hang naar zekerheden. Zij verlangen veiligheid op straat, een degelijke overheidsbegroting en een betrouwbare hypotheekrenteaftrek. Het zijn de zogenaamde ‘hardwerkende Nederlanders’, waar ook de electorale concurrent pvv nadrukkelijk op aast.

De partijtop begrijpt: deze groep moeten we zien te overtuigen. Alle eerdere vingeroefeningen van Rutte om liberale visies te formuleren, van een focus op de vrijheid van meningsuiting tot ‘groen rechts’, gaan het raam uit. Economie en veiligheid worden samen met immigratie de hoofdthema’s. En niet alleen in verkiezingstijd. Volgens de filosofie van de permanente campagne zal de vvd dit gedachtegoed altijd en overal uitdragen. Oók in regeerakkoorden, óók in het departementale beleid en óók via de posities die partijgenoten op cruciale plaatsen weten te veroveren. Zo lukt het om de strategie van de vvd, gebaseerd op uitgekiend kiezersonderzoek, in tien jaar tijd in de haarvaten van de samenleving te laten doordringen.

Om in Nederland Polderland politieke plannen écht te kunnen verwezenlijken, hebben de politieke partijen de juiste poppetjes op de juiste plekken nodig. Die puzzel is zo belangrijk dat elke machtspartij minstens één coördinator heeft die zich alleen maar bezighoudt met bestuurlijke benoemingen. Hoe dit circuit precies in elkaar steekt blijft publiek geheim; verse bestuurders zullen altijd voor de camera ontkennen dat hun benoeming iets te maken heeft met politieke kleur. Maar ook zij weten wel beter.

De zeer prominente D66’er en lobbyist Frans van Drimmelen (die nu in opspraak is wegens vermeende #MeToo-praktijken) lichtte in 2017 een tipje van de benoemingen-sluier op in Vrij Nederland. De voorzitter van de scoutingscommissie (die D66-talenten werft) zei dat hij waar mogelijk vertrekkende politici een duwtje in de rug geeft om op een bestuurlijke positie terecht te komen. ‘Je wilt mensen die hun ziel en zaligheid in de politiek hebben gestopt niet met lege handen laten gaan.’ Maar de partij heeft er natuurlijk óók wat aan, vergat hij erbij te zeggen.

vvd’er Sander Dekker was daar in hetzelfde stuk openlijker over. Hij maakte er geen geheim van dat de liberalen al een tijd daarvoor een offensief waren begonnen om méér posities te bemachtigen binnen het maatschappelijk middenveld, waar het cda en de pvda van oudsher de scepter zwaaiden. ‘Tien jaar geleden dachten we als liberalen nog: het komt wel goed met die benoemingen. Tegenwoordig pakken we het iets gestructureerder aan.’ Die ontwikkeling, ingezet in 2010, is inmiddels goed te zien.

Oud-Kamerlid en wethouder Arno Visser werd president van de Algemene Rekenkamer. Oud-minister Jeanine Hennis werd VN-gezant. Bruno Bruins werd – door partijgenoot Dekker – benoemd als toezichthouder bij de npo. Oud-Kamerlid Pieter Duisenberg werd voorzitter van de Vereniging van Universiteiten. Jan van Zanen (burgemeester van Den Haag) vervult al zijn tweede termijn bij de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (vng). En dit zijn pas de meest in het oog springende posten.

De vvd zit echter overal. Neem bijvoorbeeld de Raad van State. Thom de Graaf (D66) geldt als vicevoorzitter als hét gezicht van dat prestigieuze instituut, maar op de afdeling Advisering (die wetten beoordeelt) zetelen vier vvd-prominenten (tegenover twee van de pvda, één van het cda en twee van GroenLinks). Ook lokaal neemt de vvd (met 93 burgemeesters) langzaam het stokje over van het cda (met 97 burgemeesters), ruim dertig procent van alle Nederlanders heeft een vvd-burgemeester, blijkt uit de laatste cijfers van de vng.

Hoewel de landelijke partijen zich officieel niet bemoeien met de burgemeestersbenoemingen – dat is aan de gemeenteraad – wordt er in de praktijk wel degelijk vanuit Den Haag het nodige geregisseerd. De vvd heeft de werving en selectie van mogelijke kandidaten tot prioriteit gemaakt. De burgemeesterspost is zichtbaar, maar bovendien zeer invloedrijk – via allerlei kleinere en grotere overlegorganen. De vvd plukt ook beleidsmatig de vruchten van politieke benoemingen – al zullen de betrokken bestuurders altijd ontkennen dat politieke kleur een rol speelt bij beslissingen.

Annemarie Jorritsma, voorzitter van de Vereniging Nederlandse Gemeenten, wordt boos als iemand beweert dat vvd’ers het bestuursakkoord in elkaar hebben geknutseld. Het is mei 2011 en ze toert door het land om burgemeesters, wethouders en gemeenteraadsleden uit te leggen wat ze precies heeft afgesproken met de bewindspersonen van het kabinet-Rutte I. Den Haag wil allerlei zorgtaken (zoals thuiszorg, jeugdzorg, de sociale werkplaatsen en de begeleiding van jonge arbeidsongeschikten) doorsluizen naar gemeenten. Het idee is dat er meer maatwerk komt. Omdat die taken, zo is de gedachte, dan efficiënter uitgevoerd kunnen worden, koppelt het kabinet er direct 1,8 miljard aan bezuinigingen aan.

Op 21 april zette Jorritsma haar handtekening onder het omstreden bestuursakkoord. Niet als vvd’er, benadrukt ze, maar als voorzitter van de vng (een positie die ze verkreeg via haar burgemeesterschap van Almere). Dat die andere onderhandelaar, Jan Franssen, namens het Interprovinciaal Overleg (ipo) óók vvd’er is, is toeval. Jorritsma roept in het VNG Magazine alle gemeenten op om vooral in te stemmen met dit ‘alleszins verdedigbaar akkoord’. Ze waarschuwt de leden dat dit geen ‘supermarkt’ was waarin ze konden winkelen.

Om politieke plannen te verwezenlijken zijn de juiste poppetjes op de juiste plekken nodig. De VVD zit overal

De leden, doorgaans nogal ambtelijk en meegaand, negeren die raadgeving en rebelleren openlijk. Op 8 juni, tijdens een historisch ‘protest-congres’ van de vng in het Achterhoekse Ulft, stemt een meerderheid van de leden het akkoord weg – Jorritsma moet terug naar de onderhandelingstafel. Ze is overstag: in de periode erop zal ze zich in het openbaar harder opstellen tegen verkapte bezuinigingen.

Rutte I (vvd, cda en gedoger pvv) valt, Rutte II (vvd en pvda) komt en uiteindelijk worden de zorgtaken alsnog gedecentraliseerd. ‘Voortaan hebben mensen geen recht meer op voorzieningen, maar wordt de cliënt en zijn sociale omgeving gesproken over wat nodig is om min of meer zelfstandig te kunnen blijven functioneren’, verkondigt Jorritsma in Elsevier. Het akkoord hierover stelt ze veilig nét voordat ze afscheid neemt van de vng, ze wordt senator van de vvd. In het Eindhovens Dagblad laat ze duidelijk dat vvd-gezicht zien. ‘Geluk is niet bij de overheid te vinden.’

Het past in het ideaal van de zogeheten participatiesamenleving die de partij van Rutte voorstaat. De Participatiewet (het decentraliseren van zorgtaken) staat in 2012 als wens in het verkiezingsprogramma, de wet komt in het regeerakkoord. De klassieke verzorgingsstaat zal, zegt koning Willem-Alexander in 2013 in zijn eerste troonrede, langzaam maar zeker veranderen in een participatiesamenleving. ‘Van iedereen die dat kan, wordt gevraagd verantwoordelijkheid te nemen voor zijn of haar eigen leven en omgeving.’

Onder druk van coalitiegenoot pvda zwakt Rutte deze woorden later wat af. Het is niet zozeer beleid, als wel een ontwikkeling, sust de premier. Maar voor Rutte de vvd’er is ‘mensen in hun kracht laten staan’ wel degelijk een doel op zich.

Afgelopen november werden de resultaten van dit beleid gepresenteerd. Het rijk had te hoge verwachtingen van ‘eigen kracht’, zelfredzaamheid en meer voor elkaar zorgen, concludeerde het Sociaal en Cultureel Planbureau (scp). Vijf jaar na de decentralisaties zijn het vooral de kwetsbaarste jongeren en ouderen die ‘aan het kortste eind trekken’. Bovendien is van alle beloftes weinig waargemaakt. Er zijn lange wachtlijsten in de jeugdzorg en psychiatrie en de baankansen voor mensen met een beperking zijn afgenomen. Ook is het aantal mantelzorgers niet toegenomen. ‘Leun niet al te sterk op klinkende begrippen als eigen kracht en ruimte voor professionals’, is concluderend de hartenkreet van de onderzoekers.

Niet iedereen hoeft het te ontgelden onder de eerste twee bezuinigingskabinetten van Rutte. In de industrie wordt nog wél geïnvesteerd. Maxime Verhagen (cda) richt daartoe in 2010 zelfs een superministerie op: Economische Zaken, Landbouw & Innovatie, dat zich vooral zal richten op het ondersteunen van de zogenaamde Nederlandse topsectoren. De arbeidsmarkt, de universiteiten en de fiscus: alles en iedereen moet dienstbaar worden aan het bedrijfsleven. Zo kunnen we onszelf weer ‘uit de crisis innoveren’.

Het idee komt rechtstreeks uit de koker van Bernard Wientjes, voorzitter van werkgeverslobby vno-ncw en ‘snurkend vvd-lid’. In april, in de aanloop naar de verkiezingen van 2010 pleit hij er in het Financieele Dagblad voor dat de politiek ‘Nederland als een onderneming’ gaat zien. ‘Wij willen een heel sterk bedrijvenministerie, dat de “regie” heeft over een ijzersterk vestigings- en ondernemingsklimaat.’ Een jaar later staan de plannen al in de grondverf, met als belangrijk uitgangspunt dat publieke kennisinstellingen zich optimaal op de behoeften van het bedrijfsleven gaan richten. Ook wordt de industrie gepamperd met enkele aantrekkelijke nieuwe belastingaftrekposten.

Ondanks de goede wil zal Verhagen niet ver met deze plannen komen. In het voorjaar van 2012 sneuvelt het eerste kabinet-Rutte, waarna het cda het veld moet ruimen. Maar minister Henk Kamp (vvd) neemt direct daarop de handschoen op, als vvd en pvda in 2012 hun formatie hebben afgerond. Als echte liberaal zegt hij bovendien fors te willen snijden in regelgeving, waar die ‘innovatie belemmert’. ‘Van overbodige regels moeten we snel af.’

De bewindsman geeft partijgenoot Neelie Kroes een stevige vinger in de pap bij het bedrijvenbeleid van het tweede kabinet-Rutte. Kamp stelt haar na afloop van haar functie als eurocommissaris (Digitale Agenda) aan als Start Up Delta-ambassadeur. Bij het praatprogramma De wereld draait door legt ze eind 2014 uit wat dat concreet inhoudt. Ze heeft een heel team ter beschikking gekregen om Nederland aantrekkelijker te maken voor nieuwe, innovatieve bedrijven en zal ook ‘Den Haag bij de les houden’. Met veel enthousiasme legt Kroes presentator Matthijs van Nieuwkerk uit: ‘Het gaat erom dat mensen die willen investeren in start-ups Nederland weer voor ogen krijgen.’

De vvd-coryfee lost haar belofte in. In de anderhalf jaar dat Kroes haar ambassadeurschap vervult, halen bedrijven, kennisinstellingen, stadsregio’s en investeerders hun banden met elkaar aan en spant Kroes zich in voor allerlei fiscale regelingen waarop start-ups een beroep kunnen doen. Ze sleept Mark Rutte in twee dagen tijd door een propvol programma in Silicon Valley en ijvert er zowel in Nederland als in Brussel voor dat het digitale taxiplatform Uber ruim baan krijgt. Maar bovenal verspreidt Kroes het soort denken waar Wientjes al sinds 2010 vurig op hoopt: het uitgangspunt dat alles en iedereen ten dienste moet staan van de industrie. Ook wanneer Kroes in 2016 zelf een betaalde betrekking verwerft bij Uber blijft er nog een vvd’er achter om haar werk voort te zetten. Partijgenoot Anne-Wil Lucas hangt haar Kamerlidmaatschap aan de wilgen om eveneens voor Start Up Delta aan de slag te gaan.

Kroes en Lucas zijn niet de enige vvd’ers die de ideeën van Wientjes onder de kabinetten-Rutte in de praktijk brengen. Hetzelfde jaar dat Kamp haar aanstelt als Start Up-ambassadeur wijst de bewindsman namelijk nog een liberaal aan op een cruciale plek: Paul de Krom wordt bestuursvoorzitter van kennisinstelling tno, de onafhankelijke onderzoekspartner van de rijksoverheid. Kamp en De Krom werkten eerder al nauw samen als respectievelijk minister en staatssecretaris op het ministerie van Sociale Zaken onder het eerste kabinet-Rutte. Samen snoeiden ze in de regelingen voor uitkeringsgerechtigden. Maar bij tno komt De Krom voor een heel ander vraagstuk te staan: hoe bedrijven, overheid en wetenschappers elkaar maximaal de bal kunnen toespelen. De opdracht van de vvd’er is om van het door bezuinigingen geplaagde academische instituut een meer zakelijk georiënteerde ‘innovatie-organisatie’ te maken.

Direct laat De Krom zien wat hij daarmee voor ogen heeft. Als vertegenwoordiger van de wetenschap neemt hij in 2015 plaats in een Europese adviesgroep die zich buigt over het defensiebeleid van de Europese Unie. De opdracht van de aangetrokken experts is om uit te tekenen hoe Europese lidstaten beter militair met elkaar gaan samenwerken. Hoewel de academische kennis van De Krom op dat vlak in feite minimaal is, is dit wel een onderwerp waar tno belang bij heeft. De kennisinstelling is immers afhankelijk van het ministerie van Defensie en de wapenindustrie voor de financiering van nieuwe militaire onderzoeksprojecten. Samen met gerenommeerde defensiebedrijven komt De Krom dan ook tot een eenduidig advies: Brussel moet fors gaan investeren in de ontwikkeling van defensietechnologie. Het resulteert in de oprichting van een Europees Defensiefonds, dat binnenkort de eerste miljarden zal gaan uitkeren. Ook tno heeft de projectplannen alvast klaarliggen.

Veilig­heid is hét thema waarmee de VVD de achterban kan bekoren en potentiële kiezers kan aantrekken

Niet iedereen is even gelukkig met deze pragmatische benadering. Eind 2018 is oud-tno-medewerker Jeroen Laarakkers vernietigend over zijn voormalige werkgever. ‘Ons onderzoeksinstituut is gecorrumpeerd geraakt door de macht’, zegt hij tegenover de NRC. ‘Ooit waren we een integere organisatie en gingen we objectief en zuiver te werk. Maar de top van tno heeft geen wetenschappelijke ruggengraat meer en handelt als een stel opportunistische politici. Ik heb dat helaas aan den lijve moge ondervinden.’

Het zijn de slotzinnen van het artikel die de NRC-journalisten optikken na onderzoek in samenwerking met Follow the Money en de Singaporese krant Straits Times. Laarakkers wordt in het verhaal opgevoerd als klokkenluider, wiens rechtvaardigheidsgevoel in het geding raakt als de tno-top, in zijn ogen verblind door financiële belangen, cybersecurityprojecten in Singapore gaat najagen, ten koste van ethische overwegingen.

De gebeurtenissen vallen onder de verantwoordelijkheid van Annemarie Zielstra, cybersecurity-directeur bij tno sinds 2014 en daarnaast actief lid van de vvd. Bij haar aanstelling beloofde Zielstra, die zelf geen deskundige is binnen het cyberveld, flink haar best te doen om meer geld uit de markt te halen en de omzet van haar tno-portefeuille jaarlijks te verdubbelen: van 4,5 miljoen naar achttien miljoen euro. In het conflict met Laarakkers zal haar partijgenoot De Krom haar uiteindelijk de hand boven het hoofd houden. De klokkenluider wordt uit tno gegooid.

Misschien wel de meest cruciale vvd’er buiten het kabinet is Ed Nijpels, de klimaatpaus van de partij. Onder het kabinet-Rutte II was hij al, samen met Paul de Krom, betrokken bij het energieakkoord, waarvan de financiële onderbouwing jarenlang een raadsel bleef. Onder Rutte III is het zijn taak om de onderhandelingen over een nieuw Nederlands klimaatakkoord te stroomlijnen. Het ministerie van Economische Zaken is tegen die tijd omgedoopt tot ministerie van Economische Zaken & Klimaat met Eric Wiebes (vvd) aan het roer, opnieuw op aanraden van het bedrijfsleven, opdat de industrie optimaal grip houdt op het klimaatbeleid.

Onder Nijpels timmeren bedrijven en maatschappelijke organisaties in 2018 een klimaatakkoord in elkaar, om de CO2-uitstoot van Nederland met 49 procent terug te dringen. Daar rolt precies uit waar met name de zware industrie in de Rotterdamse haven en gasbedrijven als Shell dan al zeker een jaar ook volop voor lobbyen, zowel bij ‘hun’ ministerie als in de kabinetsonderhandelingen onder leiding van vvd-informateur Gerrit Zalm (die op dat moment ook als commissaris bij Shell is aangesteld). Het pleit: energiedrager waterstof is de toekomst, ook al worden er via dat gas nog fossiele brandstoffen vervoerd. Dus daar moeten veel fondsen en middelen naartoe. In de praktijk betekent het dat Shell via waterstof nog jarenlang gesubsidieerd gas zal kunnen uitbaten, omdat er simpelweg nog niet genoeg groene alternatieven zijn. Het CO2-afval dat vervolgens overblijft wordt in de bodem van de Noordzee gepompt, onder verantwoordelijkheid van de staat.

Milieuorganisatie Greenpeace kan er niet mee akkoord gaan, maar dat blijkt geen belemmering. Opgejaagd door de lobby willen Wiebes en Nijpels niet langer wachten totdat ook de groene activisten zich achter de klimaatplannen kunnen scharen. Rond de zomer van 2019, wanneer het akkoord bezegeld wordt, is het voor de gaslobby namelijk hoog tijd om zich met de handtekening van het Nederlandse kabinet op zak te storten op de hoofdprijs: de Green Deal van de Europese Commissie. De concrete invulling daarvan, inclusief alle benodigde fondsen en regelingen, zal dit jaar beklonken worden.

Op maandag 25 januari laat oud-minister en vvd-prominent Uri Rosenthal op Twitter van zich horen over de rellen en plunderingen tijdens de avondklok. ‘Wanneer snelrecht/celstraffen/opvoedkampen voor tuig uit Eindhoven, Enschede, Rotterdam, Amsterdam?’ slingert hij amechtig de digitale koffiekamer in. Ook andere vvd’ers, die zich verder koest houden over zaken als de vaccinatiestrategie en andere coronazaken, duiken massaal op de rellen in coronatijd. Het tuig kan niet hard genoeg worden gestraft, echoën de liberalen premier Rutte na.

Het eenstemmige koor is geen toeval. Veiligheid is immers hét thema waarmee de vvd de achterban kan bekoren en potentiële kiezers kan aantrekken. Dat gebeurt al sinds 2010. Op 14 oktober 2010 nemen minister Ivo Opstelten en staatssecretaris Fred Teeven plaats op het departement van Veiligheid en Justitie. Het is de optimale plek om de permanente campagne op het thema veiligheid voort te zetten. Het gaat hier overigens vooral over het idéé van veiligheid. Zoals Opstelten zegt in de Volkskrant: ‘Veiligheid is een subjectief begrip. Het is ook gevoel. Het gaat om het vertrouwen van burgers en bedrijven dat hun zorgen over criminaliteit serieus worden genomen. Wat dat betreft is er in dit land nog veel te doen.’

Vanaf dat moment regent het ronkende persberichten vanuit het ministerie. Het zijn vaak stoere nieuwtjes, bedoeld om het imago van ‘crimefighters’ in stand te houden. Uit onderzoek van het Algemeen Dagblad in maart 2012 blijkt dat in zeker dertien gevallen reeds bestaande plannen twee (of zelfs drie) keer als nieuw nieuws werden gepresenteerd. Ze gaan over boeven vangen, maatregelen tegen huwelijksdwang en de aanpak van hooligans. Minder prominent in het nieuws brengen ze zaken als de bezuinigingen op de rechterlijke macht.

Eerder dit jaar schreef De Groene Amsterdammer al over de innige banden tussen vvd’ers en de (private) beveiligingswereld. vvd-lid (en oud-topambtenaar) Tjibbe Joustra lobbyde als voorzitter van de Nederlandse Veiligheidsbranche voor meer politietaken voor particuliere beveiligers. ‘Ik ben ervoor om het geweldsmonopolie op te rekken en de schroom daarover te laten varen’, zei hij in 2009 in het FD. Toen hij in 2011 voorzitter werd van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (ovv) bleef hij de branche in de media een warm hart toedragen. Tot groot genoegen van de omstreden beveiligingsreus G4S, zijn andere broodheer. Hij was eveneens voorzitter van de raad van advies daar.

Intussen heeft oud-minister Ard van der Steur van V&J de voorzittershamer overgenomen bij de Nederlandse Veiligheidsbranche, waartoe ook G4S behoort. Hij zet zich in voor meer ‘samenwerking’ en ‘informatie-uitwisseling’ tussen de private beveiligingsbedrijven en de politie.

Ook lokaal zijn de vvd’ers zichtbaar als het om veiligheid gaat. Volgens de laatste cijfers van de vng hebben vvd-wethouders ‘opvallend’ vaak de portefeuille Openbare Orde en Veiligheid. Zo presenteert de partij in 2018 trots Greetje Bos als wethouder in Breda. Met de oud-officier van justitie haalt de vvd letterlijk een crimefighter in huis die zich gaat storten op leefbaarheid en veiligheid in wijken. Bos toont zich een warm pleitbezorger van meer ruimte voor de buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s). Ze wil de private ordebewakers met wapenstokken en pepperspray uitrusten. De veertig boa’s, erkent ze in een raadsdebat, worden een soort gemeentepolitie. ‘De politie trekt zich terug op de kerntaken. Dat wordt alleen maar minder, niet meer. Met als gevolg dat steeds meer handhaving bij de gemeente terechtkomt, en dus bij de boa’s.’

Dit laatste is in feite een uitwas van de Nationale Politie, de immense reorganisatie die Opstelten met stoom en kokend water doorvoerde en die al jarenlang problemen veroorzaakt (ict-problemen, gebrek aan agenten, te veel bureaucratie). Over dat laatste praten de liberalen liever niet, want pakkende oneliners met tuig, wapenstokken en pepperspray verkopen nu eenmaal beter.

Even lijkt Rutte van de leg. Achter zijn preekstoel schuift hij wat met zijn papieren, terwijl de eerste journalist haar vraag afvuurt. Het dringt niet goed tot hem door, in verwarring kijkt de premier op. Kan de vraag misschien herhaald worden? Het kabinet-Rutte III is gevallen. ‘Het is op een verschrikkelijke manier misgegaan’, heeft de premier zojuist uitgelegd. De keiharde fraudeaanpak heeft de levens van gezinnen verwoest. De vvd’er accepteert de consequentie. ‘Als het hele systeem heeft gefaald, kan alleen gezamenlijk verantwoordelijkheid worden gedragen.’ Maar zich terugtrekken uit de politiek, zoals zijn pvda-collega Asscher heeft gedaan? Dat vindt Rutte niet nodig. ‘Ik heb dat zelf niet overwogen, omdat ik zelf niet direct betrokkenheid heb bij dit dossier. Het is uiteindelijk aan de kiezer om daar een oordeel over te vellen.’

Toch zal ook die kiezer het roer niet in één keer kunnen omgooien. Wat de Nederlandse stemmers in maart ook beslissen, met de posities die Rutte’s partij op cruciale plekken heeft weten te verwerven, is het vvd-beleid niet meer zo makkelijk uit de samenleving te wissen. De partij heeft Nederland Polderland van lokaal tot Europees niveau liberaal-blauw gekleurd.


Dit artikel is mede mogelijk gemaakt door Fonds 1877