Bangladesh heeft liever een corrupte minister dan een nieuwe brug

Dhaka – De veertienjarige Imran geniet van de wind en het opspattende water als zijn oudere broer met de speedboot de Padma oversteekt, een van de breedste rivieren van Bangladesh. Toch hoeft híj niet zo’n veerpontje te hebben. ‘Ik heb liever een winkel’, zegt hij. ‘Als de brug er is, heb je weinig aan een boot.’

De plannen zijn er al lang, voor die zes kilometer lange brug die op deze plek hoofdstad Dhaka moet verbinden met zestien zuidwestelijke districten. Hij staat al ingetekend op landkaarten. Maar de Wereldbank maakte een voorlopig eind aan het megaproject: het schrapte een miljardenlening omdat Bangladesh ‘geen actie’ onderneemt tegen hoge ‘functionarissen’ die de brug in hun portefeuille hadden, ondanks ‘geloofwaardig bewijs’ dat ze waren omgekocht.

Sindsdien domineert deze ‘vernederende en beschamende’ kwestie de voorpagina’s. Vooral de regering moet het ontgelden. Zij wist al maanden dat een minister en een handvol topambtenaren en zakenmensen waarschijnlijk steekpenningen hebben aangenomen van een Canadese firma, in ruil voor een lucratief consultancy-contract voor de brug. Twee medewerkers waren in Canada al opgepakt; Bangladesh moest de betrokken ‘officials’ in eigen land op z’n minst op non-actief stellen, vond de Wereldbank. De regering schakelde weliswaar een anti-corruptiecommissie in, maar weigerde Syed Abul Hossain, de huidige minister van ict-zaken, weg te sturen. De regering hoopte daarmee te kunnen wegkomen, maar gokte mis.

Toen de Wereldbank met de jobstijding kwam, luidde het klungelige verweer van de Bengaalse regering dat de Wereldbank enkel had gesproken van ‘functionarissen’ die op non-actief moesten worden gesteld, niet van ‘ministers’. ‘Het landsbelang is opgeofferd om één minister te redden’, fulmineerde de toonaangevende krant The Daily Star op zijn voorpagina. Verderop berekende de krant dat als Bangladesh het geld voor de brug moet lenen op de markt in plaats van bij de Wereldbank dat 4,4 miljard dollar aan rente gaat kosten in plaats van 505 miljoen dollar.

Alleen al voor het landsbelang zou minister Hossain daarom moeten opstappen, vindt de krant. Maar voorlopig gaat dat niet gebeuren. De minister heeft niets verkeerds gedaan, zei hij. Integendeel: ‘De Padma-brug is slacht­offer geworden van een lokale samenzwering en internationale politiek.’