Bankiers met lange gezichten

Op de altijd zo gezellige jaarvergaderingen van het IMF en de Wereldbank wil de stemming er dit jaar maar niet inkomen. ‘Ze proberen het te verbergen, maar zijn in paniek’, merkte een Latijns-Amerikaanse regeringsvertegenwoordiger op over de vele bankiers die met lange gezichten in Washington rondlopen. Niemand weet waar (Brazilië?) en wanneer de zich nog steeds uitbreidende financiële crisis opnieuw zal toeslaan. Grote banken hebben een daling van hun winstcijfers aangekondigd, maar kunnen niet garanderen dat er niet nog meer slecht nieuws volgt. En centrale banken van verscheidene landen grijpen - veelal met belastinggeld - in om financiële instellingen of beleggingsfondsen voor een faillissement te behoeden.

Het feit dat deze financiële veenbrand samenvalt met een economische recessie die nu al bijna de helft van de wereldeconomie in haar greep heeft, maakt de perspectieven extra somber. Maar terwijl de hele wereld wacht op daadkrachtige actie om een mondiale depressie à la de jaren dertig te voorkomen, weten de regeringsleiders van de G7 niet méér te produceren dan vrijblijvende oproepen, algemene bezweringsformules en tegenstrijdige beleidsaanbevelingen. Japan moet de economie stimuleren, terwijl Euroland dat vanwege de euro kan noch mag. De rente moet omlaag, maar de voor politieke invloed geïmmuniseerde onafhankelijke centrale bankiers voelen daar weinig of niets voor. De financiële markten werken niet optimaal, maar van regulering van financiële stromen of het instellen van snelheidsbeperkingen op het flitskapitaal is geen sprake. De crisislanden in Azië moeten een eind maken aan corruptie en vriendjespolitiek (‘crony-kapitalisme’), maar toen het Long Term Capital Management beleggingsfonds voor zeer rijke mensen onderuit dreigde te gaan, mobiliseerde de centrale bank van New York het old boys network van grote Amerikaanse bankiers om ruim drie miljard dollar te dokken voor een reddingsplan. En terwijl iedereen in Washington roept dat dé remedie tegen nieuwe financiële crises is dat landen hun financiële sector transparanter maken, waarschuwde de Financial Times al in een redactioneel dat zulke grotere doorzichtigheid het ook makkelijker zal maken voor speculanten om hun volgende doelwitten te kiezen.
Met het serieus oplossen van de economische crisis in de wereld heeft wat deze dagen in Washington gebeurt dan ook niets te maken. De G7 en het IMF laten vooral zien hoe diep de crisis en hoe groot de contradicties zijn waarin hun neoliberale project voor de wereldeconomie in minder dan twintig jaar is terechtgekomen.