Commentaar

Barbie en Fulla

‘Eindelijk, Fulla is in Nederland te koop’. Het was maandag een klein berichtje, maar voor moslimmeisjes en hun ouders is het groot nieuws. Deze islamitische Barbie hoeven ze nu niet meer aan te schaffen tijdens een familiebezoek in Marokko of Turkije. Het is ook een beetje politiek nieuws. Want hoewel het gaat om zoiets onschuldigs als een popje, staat zij symbool voor de discussie over integratie en emancipatie en voor de vraag in hoeverre de islam in de westerse wereld ruimte krijgt en opeist voor een eigen belevingswereld.
Fulla is in de Arabische wereld een van de best verkopende speelgoedartikelen (2,5 miljoen exemplaren) en het antwoord op ‘de perverse westerse wereld’. Met haar uiterlijk geeft ze het goede voorbeeld aan de jonge moslimvrouw, die zich als draagster van de familie-eer zedig in de publieke ruimte dient te gedragen. Fulla heeft geen puntige cup-C-borsten en losse blonde lokken, draagt geen strakke jeans, bikini’s en minirokjes, waarin ze verleidelijk flaneert om – bedoeld of onbedoeld – het testosteronpeil tot gevaarlijke hoogten op te jagen. Zij draagt over haar haren en hals een zwarte hoofddoek en een lange zwarte jas als ze de deur uitgaat. Ook al is het buiten nog zo zinderend heet. Binnenshuis koestert Fulla echter dezelfde dromen als haar ‘perverse zusje’. In het reclamefilmpje op YouTube zie je haar in hippe outfitjes door het huis rondfladderen, taarten bakken, telefoneren en vriendinnen ontvangen. Ze nestelt zich op haar prinsessenbedje, terwijl vlinders en bloemblaadjes om haar heen dwarrelen. Net als Barbie toont ze zich thuis puberaal broeierig. Gelukkig behoort een bidkleedje ook tot het assortiment. Vooral ouders schijnen heel blij te zijn met dit attribuut, aldus de Marokkaanse krant Le Soir.
Wat de islamitische visie op de positie van de vrouw is, wordt zichtbaar in de eigenschappen die Fulla krijgt toebedeeld. Zij heeft ‘respect voor haar ouders, is eerlijk en kan goed geheimpjes bewaren’. De Fulla Shop prijst haar tegelijk aan als ‘een stimulans voor moslimmeisjes om te gaan studeren en zich te ontwikkelen tot sterke, hoogontwikkelde vrouwen’. Dat kan blijkbaar alleen door gesluierd en in een zwarte jas naar een ROC of universiteit te gaan.
Dat dit stukje speelgoed niet helemaal argeloos is, blijkt uit de reactie van Marokkaanse sociologen toen Fulla in 2003 in Marokko werd geïntroduceerd. Zij stelden dat ‘dit een onwenselijke uiting is van een oorlog tussen twee culturen, de westerse en de islamitische’.
Voor Nederland wordt andermaal duidelijk dat integratie zich niet met Haags beleid laat dwingen. Je kunt politiek nog zo hard streven naar gemengde scholen, de (beeld)vorming begint in het privé-domein, achter de voordeur, bij de opvoeding.
Veel interessanter is of Fulla en Barbie ook samen spelen. Delen ze hun geheimpjes? Of kibbelen ze bijvoorbeeld over kleding? Of over de vraag waarom Barbie wel met Ken mag uitgaan en er voor Fulla geen Mohammed is? Overigens is Barbie met haar gestroomlijnde figuurtje ook niet een wenselijk rolmodel voor preseksuele meisjes. Daar is dan ook sinds haar geboorte, vijftig jaar geleden, door feministen hard tegen geageerd.