Menno Hurenkamp

Bear hug

Wouter Bos ziet het – laten we zeggen – niet zo zitten dat Jan Pronk als PvdA-voorzitter zijn tegenhanger wordt. Daar is in te komen. Jan Pronk staat niet bekend om zijn souplesse of zijn vaardigheid om tweede viool te spelen. Integendeel, Jan Pronk staat bekend om zijn gietijzeren hardnekkigheid en om zijn vaardigheid eerste tot en met zestiende viool te spelen, met ook het dirigeerstokje vast in de ene hand en in de andere hand een onderbouwd commentaar over het partituur als kapitalistische uitingsvorm, om uit te delen na de voorstelling, zulks ‘tegen de tweedeling’.

Voor Bos dus één verstandig advies: prijs Pronk zijn praalgraf in, barst in een ongeremd gejubel los. Doe de bear hug, knel de voormalige minister aan de borst tot nagenoeg alle lucht hem verlaten heeft en poets vervolgens zijn schedel liefdevol glimmend op. Immers, de geschiedenis leert dat de kandidaat die door de partijleider van de PvdA wordt geknuffeld ten dode is opgeschreven – zie de recente verkiezingen waarbij Booij en Van Bruggen en Sharon Dijksma het onderspit moesten delven. Zo’n partijcongres vindt de leiding leuk, maar de leiding plagen vinden de deelnemers nog net wat leuker. Wordt Pronk toch gekozen, dan is er ogenschijnlijke eenheid binnen de gelederen. Dat is ook weer wat waard.

Wie weet moet Bos echt blij zijn met Pronk. De ‘linkse’ machtspoliticus kan – vermoedelijk beter dan een liberalige onbestemde hoofdstadbewoner – de middelpuntvliedende krachten bundelen die nu proberen om de PvdA op SP-koers te krijgen. Denk aan het initiatief van Jacques Monasch. De campagnestrateeg beweert in een plan ter redding van de PvdA met natuurkundige precisie het exacte tegendeel van alles wat hij in de jaren negentig beweerde. Waar het nu is ‘lang leve de lokale partijafdelingen’ en ‘lang leve de arme mensen’, was het jaar of tien geleden nog ‘weg met de lokale partijafdelingen’ en ‘weg met de arme mensen’. Nu moet er volgens de ‘rooie veren’ plotseling met gewesten gepraat worden en moet de armoede Nederland uit. Pronk, met het stof van Darfur nog in zijn wenkbrauwen, wast dat rooie varkentje met één hand op de rug.

Dit alles neemt niet weg dat het een dramatisch moment is voor de PvdA van Bos dat er géén kandidaat is van, zeg, een jaar of veertig die nu het partijroer opeist. Een geluid van een jongere navolger van Bos dat in toon, dwingendheid en ambitie opweegt tegen dat van Jan Pronk de Oudere is niet voor handen. De Nijmeegse wethouder Paul Depla wil het klusje eventueel wel doen, maar alleen ‘in deeltijd’. Zo’n kandidaatstelling spettert nog nét niet helemaal. De reden dat niemand zich expliciet meldt, is vermoedelijk dat het niet goed gaat met de PvdA. De kabinetsplannen komen moeizaam uit de verf. De incidentjes in de multiculturele sfeer, de onhandige reacties van leidende PvdA’ers daarop én de overspannen publieke discussies erover zorgen voor een moeilijk af te schudden beeld van stuurloosheid. De regering hoeft maar per ongeluk te vallen en de SP kan zomaar groter worden dan de PvdA. Een voorzitterschap van de PvdA waarin dát gebeurt staat minder goed op het cv. Het aanstormend kader blijkt andere plannen met het professionele bestaan te hebben dan het gevecht op leven en dood om de sociaal-democratie – iets dat ze niet echt verweten kan worden, omdat bijvoorbeeld ook Bos zelf er nooit misverstanden over laat bestaan dat er naast de politiek andere dingen in het leven zijn.