Bij de première van de Nederlandstalige musical The Wiz

Bedrog met allure

Een boek dat door communistenjager McCarthy uit de bibliotheek werd gehaald en door de sovjets moest worden uitgelegd, is een gevaarlijk boek. Zie The Wizard of Oz.

Hoedt u voor The Wonderful Wizard of Oz. Aan dit onschuldige sprookje over het boerenmeisje Dorothy en haar reisgezellen kleven bezwaren van politieke, sociale, economische en morele aard. Het kan geen kwaad om de belangrijkste op een rijtje te zetten, zeker nu The Wiz, de als feelgood-musical gepresenteerde moderne Nederlandstalige adaptatie, in première gaat.

De geboorte van dit Amerikaanse heldenepos van de journalist en zakenman Lyman Frank Baum (1856-1919) vond plaats in 1900, bij aanvang van de eeuw waarin de Nieuwe Wereld een rol van mondiale betekenis zou gaan spelen. Direct begon het boek met de eveneens klassiek geworden illustraties van William Wallace Denslow aan zijn opmars. Tientallen miljoenen Amerikanen sloten het sindsdien in hun hart en, significanter in dit verband: ze sloegen het op in het collectieve geheugen. Na de eerste bloeiperiode kwam er een tweede, die Baum zelf niet meer meemaakte, met de musicalverfilming in 1939. De passie voor The Wizard of Oz werd er door bestendigd en de verspreiding over de wereld kwam op gang.

Oz is een arsenaal waaruit bij elke gelegenheid geput kan worden: The Wicked Witch of the West. The Emerald City. Ruby Slippers. ‘Follow the yellow brick road’. ‘Toto, I have the feeling we’re not in Kansas anymore!’ Zap een avondje langs Engelstalige programma’s en de kans is groot dat er een verwijzing of citaat voorbijkomt. Even koesteren de gesprekspartners zich in de gedeelde jeugdherinnering.

Baum gaf zijn sprookje een misleidende titel. Men is weliswaar bij voortduring naar hem onderweg, maar dat maakt van de Wizard nog niet de hoofdpersoon. Shakespeare deed dat al met De koopman van Venetië, degene die de verwikkelingen slechts op de achtergrond stuwt. Na Baum stuurde de Italiaanse toneelschrijver Luigi Pirandello Zes personages op zoek naar een auteur zonder dat zij hem vonden, en Wachten op Godot doet ook Samuel Becketts duo vergeefs. Baum, een fervent theaterman, ging niet zover. Halverwege laat hij de tovenaar inderdaad opduiken, in diverse vermommingen en naderhand in het echt. Maar dan blijkt de Grote Tovenaar van Oz in werkelijkheid een Geweldige Bedrieger te zijn. Waarover straks meer.

De echte hoofdpersoon van het epos is het allegorische weesmeisje uit Kansas. Lang voordat Harry Potter de weg zou vinden naar Hogwarts, maar lang nadat Alice het witte konijn volgde op de route naar Wonderland, komt Dorothy terecht in de wereld van Oz. Baum hanteerde het beproefde sprookjesmodel: ontevreden met je lot word je ongehoorzaam, daardoor beleef je een avontuur en ziedaar: eind goed al goed. Baum zegt het niet expliciet, maar al op de eerste bladzijde van The Wizard of Oz is duidelijk dat Dorothy zich niet wenst te schikken in de omstandigheden. Met alle gevolgen van dien. Ze heeft goede redenen om weg te willen. Er moet een wervelstorm aan te pas komen om kleur te brengen in het grauwe leven op de armetierige boerderij van haar oom Henry en tante Em, ergens op de uitgestrekte dorre prairie. Met huis en haard en haar hondje Toto landt ze boven op de onfortuinlijke Wicked Witch of the East, van wie slechts de voeten zichtbaar zijn. Het leidt tot een misverstand bij de Munchkins die er wonen: ‘Iedereen nam aan dat ze een heks was en ze wist drommels goed dat ze maar een gewoon meisje was dat toevallig door een wervelstorm in een vreemd land terecht was gekomen.’

Meteen al een dode op haar geweten. Ze houdt er zelfs een paar tweedehands zilveren (in de film robijnrode en in The Wiz weer zilveren) schoenen aan over, die later nog goed van pas zullen komen. Wat volgt is een aaneenschakeling van wonderlijke voorvallen en ontmoetingen op een uitgestelde terugreis waarbij ze wordt vergezeld door een zonderling drietal: de Vogelverschrikker zonder brein, de Blikken Boswachter zonder hart en de Laffe Leeuw. Ontheemden zijn zij, musketiers gewapend slechts met de droom hun tekort te kunnen laten repareren. Ze beseffen niet dat ze door de avonturen die ze beleven en de tegenslagen die ze overwinnen hun streven allang hebben bereikt. Met zijn geestige dialogen versterkt Baum die notie bij de lezer, alsof hij ze schreef als terzijdes voor het theater – het waren de hoogtijdagen van de vaudeville.

The Wizard of Oz veroorzaakte hongerige lezers. Baum produceerde ten minste dertien vervolgboeken. Het laatst voltooide manuscript verscheen het jaar na zijn dood met het aandoenlijke bericht van de uitgever dat de ‘Royal Historian of Oz’ in mei 1919 was weggegaan om zijn verhalen te vertellen aan kleine kinderzielen die te lang geleden op aarde hadden geleefd om de Oz-verhalen te kennen. Baum, zo mogen we dus aannemen, ging naar het paradijs dat hij zelf had geschapen. Met onder zijn arm honderden artikelen, gedichten, (kinder)boeken, essays, toneelstukken en filmscenario’s waarvan de titels (en soms niet meer dan dat) bekend bleven omdat de Wizard het eeuwige leven beschoren is. Behalve in de optiek van veel inwoners van Kansas; al een eeuw lang hebben die zich moeilijk kunnen vinden in Baums onaantrekkelijke beschrijving van hun staat. Ze kregen het in de jaren zestig opnieuw voor hun kiezen toen Truman Capote In Cold Blood schreef.

Onder de hartstochtelijke fans (van Ozzies tot Ozmaniacs) bevinden zich zulke uiteenlopende beroemdheden als Salman Rushdie, Oprah Winfrey en George Lucas, die de drie sidekicks uit zijn Star Wars-_cyclus – r2d2, c3po, Chewbacca – op Dorothy’s metgezellen baseerde. Rushdie heeft zijn liefde verklaard in een essay, een van zijn mooiste en meest persoonlijke, culminerend in een wens: _‘I won’t deny – and will amplify the admission in due course – that I’ve done a good deal of thinking, these past three years, about the advantages of a good pair of ruby slippers…’ Rushdie schreef zijn grondig gedocumenteerde loflied in opdracht van de British Film Institute in 1992, in de periode dat hij ondergedoken leefde vanwege de fatwa die over hem was uitgesproken na de publicatie van The Satanic Verses. Hij had tijd genoeg om de ideale film uit zijn kindertijd heen en weer spoelend te doorgronden en zo ontdekte hij het thema van de exil in The Wizard of Oz.

Een nogal voor de hand liggend motief voor iemand in zijn benarde positie. Tenzij je nog eens luistert (en kijkt) hoe Judy Garland de ballade Somewhere over the Rainbow zingt – ‘Birds fly over the rainbow, why then, oh why can’t I?’ –, alleen aangehoord door Toto, kort voordat de wervelstorm op de afgelegen boerderij afraast. Zo bezien roept ze, in een variatie op de regendans, het lot over zichzelf af. Dit liedje van hunkering is de ultieme hymne van elke (beoogde) migrant. Het is een ijzingwekkende gedachte dat de directie van mgm het lied wilde schrappen omdat het de handeling zou ophouden.

De film is een meesterwerk, net als het boek. In kracht en overtuiging gelijk, door de verrukkelijke terloopse humor. De scenarioschrijvers en de componist Harold Arlen en zijn tekstdichter Yip Harburg bleven trouw aan de vaudeville-achtige ondertoon van Baums voorstelling van zaken. De decoratie van de sets en kostuums, de zinnestrelende kleuren en klanken fascineren telkens opnieuw. De kijker laat zich gretig overdonderen, zoals de inwoners van de Smaragdenstad geloofden in de Grote Tovenaar die hen regeerde, hoewel hij niets meer was dan een in Omaha kundig opgeleide buikspreker en ballonvaarder in dienst van de reclameafdeling van het circus. ‘I’m a humbug’, bekent hij aan Dorothy. Ze noemt hem van dan af De Grote en Verschrikkelijke Bedrieger.

Tovenaar of Bedrieger, een goed geschoolde variétéartiest, een beetje zoals je je Frank Baum voorstelt, met zijn hang naar goochelkunsten, theater en film en zijn elsschotiaanse manier van zakendoen. In een later deel onthulde Baum de ellenlange naam van de Bedrieger, zoals hij ook pas in 1910 de achternaam van Dorothy bekend maakte: Gale, oftewel storm. Zo heet ze ook in de film.

Zelden is een boek mooier verfilmd, of misschien: zelden verscheen er een beter te verfilmen boek dan dit. Het enige wat valt af te dingen is een ingreep die lijnrecht ingaat tegen de intentie van Baum. Dorothy’s queeste voltrekt zich in de film in een droom. De figuren die ze tegenkomt zijn alter ego’s van de mensen om haar heen in Kansas. Baum zette Oz neer als een werkelijke wereld. In de vervolgverhalen, die hoe aardig en inventief ook niet de kwaliteit van het eerste halen, diepte hij de contouren van Oz uit. Steeds duidelijker wordt hoezeer hij een utopische maatschappij voor ogen had, verlost van hardvochtige, asociale aspecten die de rap groeiende Amerikaanse immigrantensamenleving begonnen te teisteren.

Tijdens de heksenjacht op communisten door the House Committee of Un-American Activities onder aanvoering van senator Joseph McCarthy moest ook The Wizard het ontgelden. De boeken werden bestempeld als radicaal en verdwenen uit vele bibliotheken. Ondertussen heerste aan de overzijde van het spectrum in de Sovjet-Unie een tegenovergestelde opvatting. De eerste Russische uitgave was al in 1939 verschenen, eerder dan in de westerse landen. Het was een bewerking door Alexander Wolkow onder de titel De tovenaar van de smaragdenstad. Eind jaren vijftig kwam een nieuwe editie in tal van Oostbloklanden beschikbaar, met beeldschone aquarellen van Leonid Wladimirski.

Wolkow veranderde nogal wat aan handeling en dialogen, voegde hoofdstukken en beschrijvingen toe, liet details weg en koos andere namen. Als natuurkundige verbeterde hij Baum stilzwijgend: tin kan niet roesten en daarom gaf hij Tin Man een ijzeren voorkomen. Dorothy noemde hij Ellie en de Tovenaar James Goodwin. Het land van Oz heet bij Wolkow Goodwins land. Er was overigens niets goeds aan. Het nawoord sprak vermanend over het verbazingwekkende bedrog van Goodwin: ‘Het Wonderland dat Baum heeft bedacht en het vaderland van Goodwin en überhaupt de gehele wereld waarin de personages uit Baums sprookje leven en zich bewegen, hebben veel gemeen met de kapitalistische wereld waar L. Frank Baum vandaan kwam’, aldus Wolkow. In die wereld ‘berustte de rijkdom van een minderheid op uitbuiting van de meerderheid en op bedrog’. Baum als verspreider van het verfoeilijke kapitalisme. De ironie!

Vanuit het heden terugblikkend blijkt dat Dorothy zo’n beetje de enige emigrant is die Amerika níet verkiest, want Baum liet haar emigreren naar Oz. Ook oom Henry en tante Em, net als veel Amerikaanse boeren toentertijd zwaar gekneveld door een dreigend faillisement vanwege de door de aanhoudende droogte onbetaalbaar geworden hypotheek, vinden er hun thuis. Waarna Dorothy niet langer pendelt tussen Amerika en Oz (een luxe die aspirant-migranten zelden ten deel valt), maar haar nieuwe land tot in de uithoeken exploreert. Samen met prinses Ozma weet ze ten slotte de oorlog te bezweren tussen twee rivaliserende volkeren, hen te bevrijden van hun vreselijke (niettemin komisch beschreven) dictators en hen te motiveren gelukkige, loyale onderdanen van Oz te worden. Toen Baum dit slotdeel schreef was de Grote Oorlog net voorbij, en hoewel hij geen pacifist was, maakte hij zich druk om de bemoeienis van de Verenigde Staten op het terrein van de wereldpolitiek.

De tweede bloeiperiode van The Wizard of Oz begon aan de vooravond van een nieuwe wereldcrisis. Een maand na de première in de Verenigde Staten verklaarden Engeland en Frankrijk de oorlog aan nazi-Duitsland. Een Amerikaanse cartoon becommentarieerde die situatie met figuren uit de film: Hitler als Boze Heks, Mussolini als vliegende aap, Dorothy als de Europese beschaving en haar trio als Engeland, Frankrijk en het onder de voet gelopen Polen.

De reclameslogan op de affiches in Engeland, waar de film begin 1940 werd uitgebracht, luidde: ‘You’ll remember 1940… as the year that brought you The Wizard of Oz.’ In de derde week van maart 1940 arriveerde de film in de Nederlandse bioscoop. Tegelijkertijd verscheen Henrik Scholtes bewerking in boekvorm, De groote toovenaar van Oz, geïllustreerd door Rein van Looy. Veel tijd om van de film te genieten was er niet. Was de trouvaille om de film te beginnen in zwart-wit en bij het betreden van Oz over te gaan op kleur voor de oorlog iets heel nieuwerwets (de recensent van Het Vaderland vond het maar vreemd), in de reprises na de bevrijding kreeg het een magische betekenis.

De eerste geheel zwarte, New Yorkse adaptatie The Wiz, in 1978 verfilmd door Sidney Lumet, kon daar ondanks inventieve ingrediënten en een geweldige song als Ease On Down the Road niet aan tippen. De nieuwe theaterproductie in Utrecht baseert zich ruimschoots en vooral muzikaal op deze versie. Multicultureel, Nederlands en hedendaags.

Baums dialogen uit 1900 zijn ondertussen nog even fris, met als een van de hoogtepunten de wijze waarop de ontmaskerde tovenaar de Laffe Leeuw moed schenkt. Letterlijk, in een schaaltje. De wantrouwige cliënt vraagt wat voor goedje het is. ‘‘‘Och’’, antwoordde Oz, ‘‘als je het eenmaal binnen in je hebt, is het moed. Want je weet natuurlijk, dat moed altijd binnen in iemand zit. Je kunt het dus eigenlijk geen moed noemen, voordat je het hebt opgedronken.’’’

Bedrog gebracht met allure. Dat is de wonderlijke wereld van Oz. ‘Ik ben zo blij om weer thuis te zijn!’ zegt Dorothy aan het slot, maar ze zal er niet blijven, want Oz lonkt. Zoals de nog altijd voortdurende geschiedenis van dit schelmenepos uitwijst, is thuis een veerkrachtig begrip.

The Wiz, Beatrix Theater Utrecht. www.beatrixtheater.nl. Speciale dubbel-dvd. The Wizard of Oz, met gerestaureerde versie van de film en meer dan zes uur documentair en historisch materiaal.