Media

Beeldliegen

Het was me het weekje wel voor degenen die geïnteresseerd zijn in beelden: wat die zeggen of juist niet en wat wij ervan begrijpen of juist niet.

Om voor de hand liggende redenen had een aantal van die beeldaffaires met Mandela van doen. Internationaal veel aandacht kreeg de selfie die de Deense premier Helle Thorning Schmidt met Obama en Cameron maakte. Op de foto van dat moment is ook Michelle Obama te zien. Ze kijkt ernstig, zo niet boos. Althans, dat zou je kunnen denken. En zo gebeurde ook. De combinatie helle michelle selfie levert tien miljoen hits op.

Een snelle scan van de eerste paar honderd daarvan leert dat de serieuze blik van Michelle Obama geïnterpreteerd wordt als een vorm van irritatie. Ze zou zichtbaar geen genoegen beleven uit het plezier dat haar echtgenoot met de blonde Borgen-_mevrouw had. _‘Dave, a flirty Dane and a “selfie” that left Mrs Obama VERY unamused’, maakte de Daily Mail ervan. En ons eigen Algemeen Dagblad: ‘Michelle Obama jaloers na selfie Barack Helle’ – een kop overigens die voor iemand die een paar jaar geslapen heeft volstrekt onbegrijpelijk is. Zo zijn er talloze. Teneur: er is iets mis in het Obama-huwelijk en de betrekkingen tussen Denemarken en de VS zijn veelbelovend. Een lange reeks, ook door het AD getoonde foto’s zou een en ander moeten bewijzen.

Een beeldaffaire van geheel andere aard speelde tijdens dezelfde herdenking en werd teweeggebracht door een gebarentolk die niets anders dan onzin bracht. Inderdaad, het is hilarisch, dit optreden. Maar bizar is dat het de overgrote meerderheid van de kijkers niet opviel. De reden: ze hebben van gebarentaal niet het flauwste benul.

‘De grenzen moeten gewoon weer dicht, net als vroeger’

Er zijn nog twee recente beeldaffaires die aandacht vragen. De ene is de magische verdwijning van de Noord-Koreaanse oom Kim uit de beeldgeschiedenis van zijn land. Het is lang geleden dat ik een dergelijke opzichtige manipulatie heb gezien. We kennen haar allemaal uit de geschiedenis van de Sovjet-Unie, met als bekendste vermoedelijk de foto van Trotski en Kamenev die staan voor het gestoelte waarop Lenin spreekt en dan, volgende foto, opeens verdwenen zijn, terwijl het spreekgestoelte bijna twee keer zo groot is geworden. Zo zijn er vele, niet alleen uit de Russische geschiedenis overigens.

Van geheel andere aard is de affaire die de afgelopen week in de Nederlandse sociale media nogal wat aandacht kreeg – van een jonge vrouw die op de Amsterdamse Bos en Lommerweg slachtoffer werd van een wisseltruc en een boel geld verloor. Foto’s van bewakingscamera’s tonen de man die dit ‘grapje’ uithaalde. Op Facebook en elders is te lezen hoe die foto’s geïnterpreteerd worden. Enkele voorbeelden, uit honderden: ‘Je kan wel een zonnebril en een pet opzetten, maar ik herken jou wel aan jouw neus.’ ‘Lijkt op een Oostblokker.’ ‘De grenzen moeten gewoon weer dicht, net als vroeger.’

We leven in West-Europa in een cultuur die in toenemende mate gedomineerd wordt door beeld. Die dominantie begon met de televisie, veroverde de geschreven media en werd totaal door de digitalisering. Tegenwoordig wordt bijna alles een plaatje: informatie (infographic), groet (smiley), nieuws (foto’s). Kijk maar eens naar oude NRC’s, nou ja oude, van een jaar of tien, vijftien terug. Het beeldgebruik doet welhaast negentiende-eeuws aan. En kijk maar ’s naar het tijdschrift dat zojuist de Mercur 2013 won, Linda. Een zeer groot deel van het blad bestaat uit portretten van mensen. Maar die portretten zijn volstrekt anders dan die uit, laten we zeggen, het tijdperk Bibeb. Het zijn daadwerkelijk portretten, foto’s. De tekst is bijzaak.

Ik heb over dit alles weinig oordeel. Persoonlijk ben ik meer van het woord. Maar ik heb wel een oordeel over het feit dat we weliswaar in een beeldcultuur leven maar ons onderwijs nog altijd inrichten alsof het woord aan het begin, in het midden en aan het eind van alles staat. Op de lagere school en thuis leren we onze kinderen lezen via plaatjes, maar wel met de bedoeling dat ze die plaatjes zo snel mogelijk achter zich laten en ‘echt’ lezen – woorden dus. Er is niemand die het belang daarvan ontkent. Maar modern onderwijs zou tegelijkertijd plaatjeslezen moeten bijbrengen, visual literacy zoals dat in de internationale literatuur heet, visuele geletterdheid. Een dergelijke geletterdheid maakt kijkers alert voor de duizenden leugens, verdraaiingen, manipulaties en wat al niet meer waarmee wij dag in, dag uit overspoeld worden. Want voor negen van de tien gevallen geldt, vrij naar Nijhoffs Awater: kijk maar, er staat niet wat er staat.