Lucky (Hannah Hoekstra) in Love in a Bottle © September Film Distribution

Regisseur Paula van der Oest schreef Love in a Bottle een jaar geleden tijdens de eerste lockdown, een film waarin een jonge vrouw in Amsterdam en een jongeman in Londen op afstand verliefd worden op elkaar. Dat gaat natuurlijk via Zoom, wat productietechnisch een uitdaging betekende. Het eindresultaat is een aangename verrassing, onder meer dankzij het camerawerk van Guido van Gennep. Met GoPro-camera’s en ‘fotocamera’s’ (aldus de productienotities) scheppen Van der Oest en Van Gennep een verhaalwerkelijkheid bemiddeld door digitale beelden. Hieruit groeit de intrigerende vraag of de liefde echt of slechts in de verbeelding bestaat. Deze bredere resonantie – authenticiteit versus virtualiteit – máákt Love in a Bottle.

In een prachtig geanimeerde titelsequentie opent het verhaal op een luchthaven waar twee vreemdelingen – Lucky (Hannah Hoekstra) en Miles (James Krishna Floyd) – elkaar ontmoeten door een misverstand over hun bagage. Eenmaal thuis is de lockdown een feit. Via Zoom maken ze verbinding met elkaar. Meteen is er een connectie, zeg gerust liefde op het eerste gezicht. Het gaat snel. Hij: je bent het lekkerste meisje dat ik ooit heb ontmoet. Zij: denk je dat we ooit zullen neuken? Mooi is dat ze elkaars tegenovergestelde zijn. Lucky is extravert bij uitstek, Miles is teruggetrokken, verlegen. Vreemd genoeg werken de afzondering en de verbinding via beeld voor beiden bevrijdend. Virtualiteit brengt nieuwe vergezichten in hun gevoelsleven, maar of die meer dan luchtspiegelingen zijn weten zij, en wij, niet.

Miles (James Krishna Floyd) in Love in a Bottle. Regie Paula van der Oest © September Film Distribution

Als Lucky is Hoekstra opnieuw een openbaring. Afgezien van haar filmwerk – ik ken haar vooral van Sacha Polaks Hemel (2012) – is Hoekstra ook toneelacteur, drie jaar geleden schitterend als Elektra en Pallas Athene in Theu Boermans’ Oresteia. Ze heeft iets, misschien een mix van intelligentie, kwetsbaarheid en kracht, wat je raakt als je haar aan het werk ziet. Minder dynamisch is haar tegenspeler in Love in a Bottle, de Engelse acteur Floyd, maar dit past ook wel bij het karakter van zijn personage. Miles is een IT-specialist die adviseert op het gebied van ‘systeemkwetsbaarheid’ en vervolgens nagaat of er sprake is van ‘penetratie’. Lucky heeft een eigen bedrijf dat parfums ontwikkelt. Ze houdt zich bezig met de vraag hoe een bepaalde geur ontstaat, dus eerst oppervlakkig maar langzamerhand ‘dieper’. Ja, Van der Oest schroeft de metaforiek flink op, en om duidelijk te zijn: haar film is séxy. Opgehitst en opgehokt moeten Lucky en Miles wat. In een prachtige scène verzinnen ze een manier om elkaar virtueel te kussen via spiegels en live camera’s. Volle kleuren en zilveren reflecties scheppen een droombeeld in splitscreen. Ze bestaan en wat ze doen is echt. Maar natuurlijk ook niet.

Onvermijdelijk zijn de onthullingen tegen het einde over Lucky en Miles. De betekenis hiervan reikt verder dan de vraag of ze online hun ware identiteit laten zien. De implicatie is dat de liefde puur rook en spiegels kan zijn, online of in het echt. Maar de beeldverbinding zorgt ontegenzeglijk voor een echte, menselijke connectie. Dat maakt Love in a Bottle zo verrassend en mooi.

Te zien vanaf 24 juni