Ditte Merle

Beestachtig

De Amerikaanse schrijver Henry Miller zei het al: ‘Liefde is niets anders dan een boogiewoogie van de hormonen.’ En iedereen die het tot de verbeelding sprekende seks(dieren)boek Wild verliefd van de geprezen non-fictieauteur voor kinderen Ditte Merle openslaat, zal het met Miller eens zijn en met hem concluderen dat het hele leven om seks draait.
In Wild verliefd onthult natuurliefhebster Merle het seks- en liefdesleven van zo’n honderd gewone en ongewone diersoorten. Schaamteloos humorvol, levendig, helder en met gevoel voor taal vertelt zij over ‘de zoete seks’ van de zalm en ‘de zoute seks’ van de paling, over konijnen die hitsig en geiten die ritsig zijn, over hoe ‘haaien niet paaien maar paren’, over het ‘lichtgevende kontje’ van de vuurvlieg dat het mannetje helpt ‘landen’, over ‘wilde wippers’ (eenden) en over ‘gepimpte en gepompte piemels’, die, wanneer langs de meetlat gelegd, in lengte variëren van 0,2 cm (hamster) tot 250 cm (blauwe vinvis), met de als ‘een wokkel’ gekrulde 32 cm lange piemel van de Argentijnse stekelstaarteend als meest opmerkelijke.
Verrassend is dat ook bij dieren alles in de liefde kan: stapelseks bij muiltjes (zeeslakken), homoseksuele pinguïns, zwangere zeepaardmannetjes, als monniken levende darren en tuimelaardolfijnen die het liefst onophoudelijk met elkaar of zichzelf seksen… Merle maakt onomwonden duidelijk dat het wonder van de evolutie groot is en dierenseks grenzeloos fantasievol. Daarbij vergeleken steekt de oud-Indiase Kamasoetra bleekjes af.
Overzichtelijk is de hoofdstukindeling die dieren rangschikt naar gelang het soort liefde dat ze bedrijven (‘Flirten en flikflooien’, ‘Stevige seks’ et cetera). En handig en humorvol zijn de concluderende, hoofdstuk afsluitende ‘Tips & Tricks’, die, doordat Merle de lezer direct aanspreekt, ook voor ons mensen – beestachtige lieden – bruikbaar zijn.
Zo is ‘een ruige seksfilm goed voor de romantiek (een verhitte panda)’. Zo adviseert Merle mannen ‘met een klein pikkie een verlengstuk te nemen (een uitgebouwde octopus)’ en vrouwen ‘een man nooit meteen te geven wat hij wil, zodat het spannend blijft (een ondeugende poes)’. Ten slotte lijkt Merle EO-coryfee Arie Boomsma en zijn veertig-dagen-zonder-seks-jongeren te willen meegeven dat mensen, zoals bonobo-apen, niet met ‘hun wipjes’ willen wachten, maar graag het hele jaar door ‘paren’.
Behalve zinnenprikkelende suggesties voor nieuwsgierige tieners en volwassenen die hun seksleven willen verbeteren, biedt Wild verliefd de biologisch geïnteresseerde leek interessante wetenswaardigheden over hoe wetenschappelijke waarnemingen dierenseks inzichtelijk hebben gemaakt. Maar, hoe leerzaam en inspirerend die ook zijn, de conclusie dat het leven om seks draait is onontkoombaar.

Ditte Merle, met illustraties van Alex de Wolf, Wild verliefd: Alles over liefde en seks bij dieren, The House of Books, 2009