En weer reageren politici wereldwijd geschokt op een nieuw lek van miljoenen documenten uit belastingparadijzen. Na de Offshore Leaks, LuxLeaks, Panama Papers en Paradise Papers zijn het nu de Pandora Papers: twaalf miljoen documenten laten een patroon zien dat we inmiddels kennen. Staatshoofden sluizen via belastingparadijzen geld weg, oligarchen verrijken zichzelf dankzij geheime financiële vluchtroutes, criminelen kunnen nog altijd terecht bij dienstverleners om hun geld wit te wassen. In de Panama Papers waren het de premier van IJsland, de cellist van Poetin en de premier van Pakistan; nu zijn het de koning van Jordanië, de belangrijkste propagandist van Poetin, de premier van Tsjechië en onze eigen demissionair minister van Financiën Wopke Hoekstra.

Niet onverwacht blijkt Mossack Fonseca – het trustkantoor dat centraal stond in de Panama Papers van vijf jaar geleden – níet die ene rotte appel in een verder keurige sector te zijn. Ook de kantoren uit het nieuwe lek werken voor criminelen, houden geld van politici buiten zicht en overtreden antiwitwaswetten, óók ver na de publicatie van de Panama Papers. De Nederlandse fiscalist Van Lienden bedient vanuit Monaco een keur van klanten, en duikt op in de grootste fraudezaken in de geschiedenis.

De documenten leggen ook de vanzelfsprekendheid bloot waarmee machthebbers nog altijd hun toevlucht zoeken in belastingparadijzen: in het lek duiken meer dan 330 ministers, parlementariërs en andere publieke functionarissen op uit negentig landen. Wopke Hoekstra had verborgen aandelen in de Britse Maagdeneilanden tot een week voordat hij minister van Financiën werd, samen met verschillende kopstukken uit het Nederlandse bankwezen.

Politici halen het niet in hun hoofd om ze in de ban te doen, omdat zij er zelf belangen houden

Het verklaart waarom belastingparadijzen nog altijd met de fluwelen handschoen worden aangepakt. Politici halen het niet in hun hoofd om belastingparadijzen in de ban te doen, omdat ze er zelf belangen houden, omdat ze toch eigenlijk het kwaad er niet van willen of kunnen inzien, of omdat het in hun kringen zo geaccepteerd is dat ze er geen acht op slaan.

De Europese Commissie kwam wel met een zwarte lijst van belastingparadijzen, maar over de consequenties van de lijst wordt nog altijd vergaderd. Er is ook een grijze lijst, maar die is alleen bedoeld om belastingparadijzen aan te sporen tot beterschap. Politici probeerden kool en geit te sparen en ‘goede’ belastingparadijzen te maken. Alsof het frisdrank is die je met of zonder suiker kunt drinken.

Dit nieuwe lek toont dat die aanpak niet werkt: trustkantoren vonden sluiproutes om nieuwe wetten heen, criminelen vonden stromannen zodat ze zelf buiten zicht blijven, en ze bleven veelal ongestraft. Natuurlijk, de wetten kunnen beter gehandhaafd worden. Maar de Britse Maagdeneilanden, het grootste belastingparadijs ter wereld, hebben slechts een handvol openbaar aanklagers tegenover een half miljoen bedrijven. In belastingparadijzen moet je het niet hebben van betere opsporing. Dat is onrealistisch in ministaatjes die volledig draaien op het paaien van buitenlandse investeerders, en die honderd keer meer bedrijven dan inwoners hebben.

De Pandora Papers laten zien dat een ‘goed’ of ‘integer’ belastingparadijs niet bestaat. Belastingparadijzen bestaan namelijk bij de gratie van geheimhouding. Zodra die wordt opgeheven, is het belastingparadijs geen paradijs meer. En zolang die geheimhouding blijft bestaan, blijft het een toevluchtsoord voor criminelen. Er is geprobeerd om het paradijs op te poetsen, maar het blijft vies, hoe hard je ook boent.