Michaïl Sjisjkin, Onvoltooide liefdesbrieven

Belust op geluk

De middeleeuwse priester ‘Paap Jan’ zou een groot Aziatisch rijk onder christelijk juk hebben gebracht, en Marco Polo was een van de ontdekkingsreizigers die, vergeefs natuurlijk, probeerde het land van ‘Paap Jan’ te vinden. De mythe bleek gebaseerd op een vervalste brief, de ‘Johanneslegende’, waarin een paradijselijk rijk wordt beschreven.

Michaïl Sjisjkin, Onvoltooide liefdesbrieven, € 19,95

Medium sjisjkin onvoltooide liefdesbrieven

In de brievenroman Onvoltooide liefdesbrieven is dat mythische rijk een beeld voor het tijdloze hemelrijk, dat alleen in de verbeelding bestaat. De auteur, Michaïl Sjisjkin (1961), is de belangrijkste Russische schrijver van zijn generatie. Hij woont in Zwitserland en levert als journalist regel­matig kritiek op de regering van Poetin. Onlangs noemde hij de Russische staat ‘een piramide van dieven, die mensen wegens hun politieke overtuigingen opsluit’.

Zoals het rijk van ‘Paap Jan’ alleen in legendes bestaat, bestaat ook de liefde tussen Sasja en Volodja in Onvoltooide liefdesbrieven vooral in de verbeelding. Na hun prille liefde rond de eeuwwisseling van 1900 zien ze elkaar niet meer. Volodja wordt soldaat in de Bokseroorlog zin China, de opstand van straatarme taoïstische Chinezen tegen de westerse overheersers, een gruwelijke oorlog van 55 dagen die tienduizenden doden kostte. Hij sneuvelt al snel aan het front, maar dat belet hem niet om door te schrijven aan Sasja, die inmiddels verpleegster in Moskou is geworden. Zij leeft verder, wordt verliefd op een andere man, en tekent haar leven op voor Volodja. Het duurt even voordat de lezer erachter komt dat de beide geliefden elkaar weliswaar hartstochtelijk schrijven, maar elkaars brieven niet lezen.

De werkelijkheid die Sasja en Volodja in hun brieven optekenen én ontvluchten, belooft weinig goeds: een wrede oorlog en een ­omgeving waarin alle liefdes steevast eindigen in een scheiding. Als in een zwart-witfilm worden de hartverscheurende scènes uit de familielevens van Sasja en Volodja getoond en soms teruggespoeld. Volodja’s vader is ’m gesmeerd. Zijn moeder trouwt een blinde man, en Volodja probeert alles om zijn stiefvader het leven zuur te maken. Hij zoekt zijn echte vader op, herkent zichzelf in hem, om vervolgens van zijn moeder het deksel op de neus te krijgen: die man is helemaal zijn vader niet.

Sasja is ‘belust op geluk’, zoals het in de prachtige vertaling van Gerard Cruys luidt, maar maakt toch een rotzooitje van haar liefdes­leven. Haar vader, toneelspeler en dronkenlap, laat zijn vrouw en dochtertje al gauw in de steek, en Sasja is als bakvis tot over haar oren verliefd op haar mama’s minnaar. Na de affaire met Volodja wordt zij zwanger van een getrouwde kunstenaar, die zijn tragische vrouw Ada en hun dochtertje op zijn beurt voor haar in de steek laat. Sasja krijgt een miskraam, en de liefde dooft. Waren de geliefden eerst als ‘twee spiegels, die het licht weerkaatsen’, na hun vereniging en onder een bepaalde hoek ‘genereerden de twee lichtstralen duisternis’. Zo banaal is het werkelijke leven nu eenmaal, als de wortels van een tak in een fles water: ‘De wortels hebben niets om zich aan vast te grijpen, en ze beginnen zich aan elkaar vast te klampen.’

De enige liefde die wél een leven lang duurt, is de liefde-in-brieven tussen Sasja en Volodja. ‘Mijn lieve, teerbeminde, dierbare, enige!’ beginnen de brieven op de beproefde wijze van klassieke Russische romans. In hun verbeelding zijn Sasja en Volodja man en vrouw, verenigd in een liefde die alle fysieke tekort­komingen negeert: ‘Als ik je schrale lippen zie, zal ik ze onophoudelijk kussen. Ze veranderen van kleur aan de randen. In het midden is een teer roofje.’

Onvoltooide liefdesbrieven speelt niet alleen een knap en verleidelijk spel met de tijd, en zet zo het hoofd van de lezer in werking, maar beroert ook hart en buik. Sasja en Volodja verlangen vurig naar elkaar, naar hun net ontloken liefde als jonggeliefden in de datsja. Ze schrijven elkaar hoe ze verlangen naar elkaars lichaam, naar aanraking. Het gaat niet om seks, maar om de zucht naar levenskracht, dwars door de dood heen, en dwars door de tijd heen. Immers, ‘mensen zijn warmte en licht’. En verliefden kunnen helemaal in elkaar opgaan: ‘Mijn huid bestond alleen daar waar jij haar had aangeraakt.’ Sasja en Volodja worden pas werkelijk in elkáárs bewustzijn.

Als Sasja op leeftijd is, verlangt ze naar haar overleden kind. In haar vergeefse zwangerschap had ze het ‘oneindige’ gevoeld: ‘Ik ben gewoonweg gelardeerd met komende levens!’ In een huiveringwekkende scène kneedt ze zich een dochtertje van verse sneeuw, en wrijft haar voetjes tot ze leeft. Het is dit verlangen door liefde levenskracht te schenken dat ze ook in haar brieven aan Volodja vertolkt. Want het leven is ‘een grandioos cadeau’ en stijgt ver uit boven de oorlogsgruwel, de harde werkelijkheid en de sterfelijkheid.

Sjisjkins roman laat zien hoe groots literatuur kan zijn. Literatuur kan de tijd bezweren en de lezer bereiken over de dood heen. Als Volodja sterft, lijkt het er even op dat hij als een soort Noach met een ark van woorden alle herinneringen aan zijn liefde voor Sasja meeneemt, de dood in. Maar nee: hij schrijft aan ons. Hij schrijft zichzelf en zijn liefde voor Sasja levend in onze verbeelding.


Michaïl Sjisjkin
Onvoltooide liefdesbrieven
Vertaald uit het Russisch door Gerard Cruys. Querido, 312 blz., € 19,95