Dans: The Red Piece

Ben ik te intens?

De stukken van de Belgische choreografe Ann Van den Broek zijn niet voor watjes. Wie Co(te)lette (2007), LIstEn See (2011) of We Solo Men (2009) zag, weet dat zij liefst op meedogenloze wijze onze diepste zielenroerselen in de schijnwerpers zet.

Alles waar we het in het dagelijks leven liever niet over hebben zet zij, in flagrant delict, op het toneel. Lust, rouw, ijdelheid, zelfhaat. In haar nieuwe werk The Red Piece is het niet anders. De alom aanwezige kleur rood staat hier voor passie en voor het bloed dat door die passie sneller gaat stromen. Het openingstableau laat al zien waar het heen gaat: zes dansers voor op het toneel, een aantal van hen kunstig vastgebonden volgens de tradities van de Japanse bondage – soms alleen, soms bij elkaar op schoot. De dansers die aan elkaar vastzitten beleven weinig plezier aan hun fysieke contact; met een lege blik kijken ze over elkaars schouder het publiek in. Als een ding wordt een geknevelde danseres van de ene ongeïnteresseerde partner naar de andere doorgegeven. The Red Piece belooft weinig menselijke warmte.

Wat volgt is een minutieus geregisseerde choreografie waarin de hartstocht tot grote hoogte wordt opgestuwd. Vertrekkend vanuit een simpel ritme, gestampt met de hielen, bewegen de dansers als in een hoekig schaakspel over de bühne. Steeds weer herhalen zij kort afgemeten bewegingspatronen die afwisselend doen denken aan warmbloedige flamenco, funky moves á la Beyoncé, of theatrale Italiaanse gebaren. Hier staat passie voor levenslust, voor de drijvende kracht die het de moeite maakt om ’s ochtends je bed uit te komen.

Maar later ontspoort de boel. Passie wordt obsessie. In knalrood toneellicht wordt de situatie voor de dansers steeds nijpender. Ze gaan onderuit, raken verstrikt in dwanggedachten of keren zich tegen elkaar. Zo zien we hoe een onschuldig ogende Aziatische danseres zich ontpopt tot een ware dominatrix die haar partner, na hem in een schokkerig duet als een hond te hebben bereden, moet reanimeren. Dat mag niet baten. Met zijn hoofd in haar schoot beweent ze uiteindelijk zijn aan wellust bezweken lichaam.

In The Red Piece komt uiteindelijk niemand er goed vanaf, en eerlijk gezegd Van den Broek zelf ook niet. Ondanks alle hartstocht die ze gestileerd, in strakke patronen en met veel gevoel voor detail op het podium zet, mist haar nieuwe creatie de overrompelende kracht van haar eerdere werk. Gaandeweg, en juist wanneer de emoties van de dansers zich tegen hen keren en het kookpunt moet worden bereikt, verliest het stuk impact. Je zit erbij en je kijkt ernaar. Op de vraag: ‘Am I too intense for you?’, die keer op keer door een voice-over op het publiek wordt afgevuurd, moet een ontkennend antwoord worden gegeven. En dat was zeker niet de bedoeling.

Zeggen dat The Red Piece daarom niet de moeite waard is gaat echter te ver. Het wordt met klasse uitgevoerd en intrigeert vaak. Met daarbij dank aan de betoverende belichting van Bernie van Velsen, die de dansers afwisselend baadt in knetterend rood en ijskoud wit, en de markante, doorleefde stem van Gregory Frateur, die samen met rockband Dez Mona tekende voor een werkelijk schitterende soundtrack.


The Red Piece, choreografie Ann Van den Broek, op 24 en 25 mei te zien in Toneelschuur Haarlem, tournee in najaar 2013; wardward.be