Sport

Berg

Als je zegt dat je boven op K3 bent geweest, vinden ze je een perverse pocher en een pedofiel, maar wanneer je opschept dat je K2 hebt bedwongen vallen er vele monden open. Van verbazing. Want het is tenslotte de op één na hoogste en de moeilijkste berg van de wereld, en slechts weinigen slagen erin de top te halen en daar hun vlaggetje neer te zetten.
De top van de K2 is voor weinigen weggelegd. Tot nu toe hebben 280 mensen er hun vlaggetje geplant. Inmiddels zijn er tenminste 66 klimmers gestorven aan de berg. ‘Aan’ de berg, want die wordt ‘killerberg’ genoemd, alsof het een levend, wrekend en toornig wezen is, dat graag mensen verslindt. Witte westerse mensen dan, die zonodig naar de top moeten.
Het mooist aan bergbeklimmen is altijd de sjerpa. Misschien heet die tegenwoordig anders, maar vroeger was het een sjerpa die lichtvoetig achter een hijgend groepje te dikke westerlingen aan huppelde, met hun Samsonites op zijn rug en hun koelbox op zijn kruin, met soms ook zijn broer en neefjes bij zich. De expeditie bestond dan uit die tien dikke Amerikanen, die werden geprezen als ze een bepaald punt bereikten, niet eens de top. Met een schele grimas achter hun zuurstofmasker poseerden ze dan voor de foto met hun gevoelloze duimen omhoog en een vlaggetje in hun muts. De fotograaf wachtte even met afdrukken omdat er drie pezige Pakistanen voorbij kwamen die gezellig de hond aan het uitlaten waren en keuvelend naar de top wandelden.
Sporten is je grenzen verkennen en verleggen. Maar ook je grenzen kennen. Je beperkingen. Zien waar je moet ophouden.
Zo zijn er bijvoorbeeld bijna drie mensen verdronken in de Noordzee, die gingen zwemmen bij windkracht tien, in combinatie met sterke stroming en springtij. De sportievelingen hadden de waarschuwingen van de kustwacht in de wind geslagen, waarna in de Westerschelde de boot Zeemanshoop de Duitsers moest redden.
Op top van de K2 staan dus heel veel vlaggetjes. Er hadden er afgelopen week nog twee bij moeten komen, van twee Nederlanders, maar die haalden het niet. Ze zijn eerder teruggekomen, want ze werden aangevallen door een lawine. Wilco van Rooijen en Cas van de Gevel werden bijna verslonden door de berg. Nog net niet helemaal. Ze moeten straks waarschijnlijk wel wat handen en voeten missen, want die zijn bevroren en worden steeds zwarter en dat is niet goed voor handen en voeten.
Een Nederlander, uit het platste land op aarde, heet Van de Gevel en wil de K2 beklimmen – je vraagt je wel eens af…
Waarom wil een Nederlander bergbeklimmen? Omdat dit land zo vlak is? Waarom heten hier zo veel mensen Op den Berg, of Van de Heuvel? Van der Weide, Van der Akker, oké, dat ligt nog wel voor de hand, maar waarom noem je je Van den Berg?
Onthult die onstuitbare drift om een berg te beklimmen iets over een diep verlangen van de vlakkelander naar hoge toppen en diepe dalen? Naar groots en meeslepend in plaats van klein en voorspelbaar?
De mens op het vlakke land kan altijd ver vooruit zien, tot aan de horizon maar liefst, en zal nauwelijks verrassingen op zijn pad vinden. Een groot weiland is een groot weiland, ook als je er honderd meter doorheen loopt. Een berg is heel anders. Je kunt geen tien meter vooruitkijken of er verandert iets. Achter elk heuveltje kan een diep dal liggen, of een nieuwe heuvel, of een beekje, of een autoweg of een pretpark. Je weet het niet. Het is een en al onzekerheid en gissen en oppassen.
Dan sta je toch anders in het leven, als je daar woont.
Het is een kwestie van inzicht. In de dingen en in jezelf. Weten wie je bent en wat je kunt. En niet kunt.
De Pakistanen die aan de voet van de K2 wonen, staan anders in het leven dan de mensen die ze dag in, dag uit naar boven zien gaan – en dag in, dag uit ook weer naar beneden zien kletteren. Die K2-dorpelingen lachen zich vast rot, elke keer als er weer zo’n bergtoerist van hun berg af komt rollen en in het ziekenhuis verderop net wél of net niet overlijdt en minstens één hand of één voet moet missen omdat die bevroren is.
Zij weten dat bergbeklimmen een mooie sport is, maar niet voor iedereen. Daarom gaan zij binnenkort folders ronddelen aan potentiële bergslachtoffers. Met reclame. Want ook mooi aan bergbeklimmen is de indoor-versie. Nederlanders met K2-dromen kunnen zich aanmelden bij de Klimmuur in Amsterdam, achter het Centraal Station. Steile wanden, veel uitsteeksel, lekker moeilijk, lekker gevaarlijk, maar overdekt en met centrale verwarming. Een tienklimmenkaart is nu nog voordeliger!