Toneel - Molière / Het kabaal van de schijnheiligen

Berlijnse Volksbühne in Avignon

Medium theater loek
Die Kabale der Scheinheiligen. Das Leben des Herrn Molière, Volksbühne © Thomas Aurin

Molière is in de zeventiende eeuw een van de belangrijkste Franse toneelschrijvers. Zijn vorst, Lodewijk XIV, is een grootverbruiker van theater, maar knap lastig in de omgang als het over de vrijheid van kunstenaars gaat. Hij blijkt gevoelig voor pressiegroepen met een conservatieve ideologie. Dus blijft Molière’s toneelstuk Tartuffe, met een schijnvrome oplichter in de titelrol, vanwege de invloed van een of andere militie van Jezuïeten geruime tijd verboden. De Russische schrijver Michail Boelgakov ziet in het interbellum van de vorige eeuw mooie parallellen tussen Molière & de Zonnekoning, en zichzelf & Stalin. Hij schrijft er een roman over en een toneelstuk. Waar Molière zijn Tartuffe destijds na zes jaar ruzie alsnog kan spelen, wordt Boelgakov op last van Stalin bijtijds dood getreiterd. De schrijver heeft een zwak hart. En Stalin heeft een zwak voor schrijvers die zijn ‘lievelings­vijanden’ zijn. Regisseur Frank Castorf, die het afgelopen weekend onvrijwillig ‘zijn’ Berlijnse Volksbühne moest verlaten (zie De Groene van 3 mei), en die veel over Stalin heeft nagedacht, maakte van het materiaal onlangs een toneelavond. Met die productie wordt komend weekend het Festival van Avignon geopend. Titel: Het kabaal van de schijnheiligen of Het leven van de heer Molière.

Nog één keer zet de Volksbühne haar beste troeven in. Neem die toneelspelers. Onder hen Sophie Rois als Boelgakov, met haar razendsnelle tempowisselingen en stemmingschakelingen. En Alexander Scheer als Molière, een extatische rocker onder de podiumpersoonlijkheden die de Volksbühne heeft voortgebracht. Ook fascinerend: de vorm. Hier: een kale vlakte van ontwerper Aleksandar Denic, ooit de vormgever van cineast Emir Kusturica. Hij is ook de ontwerper van de decors voor Castorfs Ring-regie, deze zomer voor de derde keer tijdens de Wagner Festspiele in Bayreuth te zien. Voor deze voorstelling over Molière bouwde hij een torenhoog mobiel toneel, een Thespis-kar met uitklapbaar podium, kantinewagen en bescheiden tentencomplex. Dj Sir Henry’s muziek is ook hier iconisch voor de troep, net als de wilde filmprojecties van live beelden achter de schermen. En ja, ook deze Castorf spat alle kanten uit. Ook in tijd: vijf uur en drie kwartier. Ze zijn wat gewend in Frankrijk als het om Molière gaat. Ariane Mnouchkine’s film Molière, trouwens mede gebaseerd op Boelgakovs roman en alweer veertig jaar geleden gemaakt, duurt ook ruim vier uur.

In Berlijn hebben de Volksbühners afgelopen week ondertussen hun eigen icoon, het menshoge wiel-op-pootjes van huisvormgever Bert Neumann, voor hun toneelhuis weggehaald. In Avignon zal het nog een keer herrijzen. En na de laatste voorstelling van Castorfs Brüder Karamasov zijn in de voorbije week eveneens de merktekens in de Berlijnse lucht verwijderd: het in neon geschilderde woord Ost is definitief uitgeschakeld. Je mag het ironie van de geschiedenis noemen dat dat gebeurde in de week waarin Helmuth Kohl ten grave werd gedragen. Castorfs eerste regie als freelancer staat ook vast. In het toneelhuis van Brecht, het Berliner Ensemble, maakt hij komend najaar een eigen bewerking van Victor Hugo’s Les misérables.


Festival Avignon, Volksbühne Berlin, Die Kabale der Scheinheiligen oder Das Leben des Herrn Molière, 8, 9, 11, 12 en 13 juli, Parc des Expositions Avignon, 17.00 uur, festival-avignon.com