Appeltjes van Oranje

Bernhards atoombom voor Perón

Hoera, weer een nieuw Máxima-boek! Dit keer heeft een brede journalistieke coalitie zich gezet aan de ontrafeling van het Máxima-mysterie. Kwam eerder René ter Steege van Het Parool met zijn boek Het land van herkomst: Máxima en Argentinië, dit keer hebben Ineke Holtwijk (Volkskrant, NOS-Journaal), Jan van der Putten (Volkskrant) en Roel Janssen (NRC Handelsblad) de handen ineengeslagen. Maar helaas: ook in Argentinië, het land van Máxima (uitgeverij Bert Bakker) wordt de lezer niet veel wijzer over de «Evita van Oranje», die volgend jaar op een staatstoelage van maar liefst 733.762 euro mag rekenen. Interessante details zijn er wel. Duidelijk is dat Máxima qua ambitie op kan tegen haar toekomstige schoonmoeder. Toen ze tijdens haar middelbareschooltijd werd gevraagd naar haar ambities, antwoordde ze: «Te veel om op te noemen.» Een vriendin uit die tijd meldt: «Argentinië was te klein voor Máxima.» Via een nazaat van de hertog van Alva (!) zou ze uiteindelijk in contact zijn gekomen met haar Hollandse droomprins, die ze aan de haak sloeg tijdens een bezoek aan de jaarmarkt van Sevilla. Intrigerend is ook de mededeling dat Máxima nog een keer tevergeefs solliciteerde bij de vestiging van de in handen van de Nederlandse ING verkerende Barings-bank in Londen. Je kunt je afvragen welke bezwaren men daar had tegen de aanstaande vorstin.

Het spannendste hoofdstuk is van Ineke Holtwijk, die op 31 augustus 1999 als eerste de naam onthulde van de kandidate, zij het toen nog geschreven als «Zorro guita». Holtwijk kreeg de primeur van «een bevriende zakenman», die het paar had gesignaleerd in het gerenommeerde skioord Bariloche in het Zuid-Argentijnse Patagonië. Willem-Alexander logeerde die maand vijf dagen in hotel Llao Llao, het hotel waar ook prins Bernhard gaarne toeven mag. De ouders van Máxima hadden in de jeugd van Máxima zelf een chaletje in dit mondaine oord.

San Carlos de Bariloche heeft niet bepaald een goede reputatie. Zo dreef de oorlogsmisdadiger Erich Priebke, die onlangs in Italië terechtstond vanwege zijn aandeel in een moordpartij op burgers van Rome, in het dorp jarenlang ongestoord een delicatessenzaak. Ook Reinhold Kopps, tijdens de Tweede Wereldoorlog namens de Abwehr betrokken bij het liquideren van tegenstanders in Albanië, vond een veilig heenkomen in Bariloche, waar hij onder de naam Juan Maler actief werd in het vervaardigen van antisemitisch drukwerk. En ook nazi-atoomgeleerde Ronald Richter begon hier een nieuw leven. Deze kreeg van president Peron opdracht voor het vervaardigen van een Argentijnse atoombom. Zoals vorige week gemeld, stuurde Bernhard in 1951 de Nederlandse atoomgeleerde C.J. Bakker naar Bariloche om Richter bij te staan. Dit royale gebaar wekte indertijd nogal wat verbazing. Dezelfde Richter werd kort daarop gearresteerd, omdat zijn revolutionaire procédé voor een «thermonucleaire» atoomsplitsing op leugens zou berusten. Werk van dezelfde professor Bakker? Helaas kan het hem niet meer worden gevraagd. Hij kwam in 1961 om het leven bij een vliegtuigongeluk. Het atoomonderzoekcentrum van Peron draaide echter gewoon door.

Het Centro Atomico Bariloche, gelegen aan het meer van Nahuel Huapi, telt heden vijfhonderd personeelsleden, maar kampt wel met grote financiële problemen. Bernhards betrokkenheid bij dit atoomproject roept ook vijftig jaar na dato grote vragen op. Helaas wordt hier ook in het jongste Máxima-boek met geen woord over gerept. Wel melden de auteurs dat Bernhard tijdens zijn bezoek aan Argentinië in 1951 grote belangstelling aan de dag legde voor de Pulqui II, een Argentijns gevechtsvliegtuig dat was ontworpen door een andere Duitse émigré, dr. Kurt Tank, in de nazi-tijd belast met de Duitse luchtvloot. De schrijvers noemen dat het «bizarste aspect van Bernhards bezoek aan Buenos Aires». Die atoombom voor Peron lijkt vooralsnog toch nog een tikkeltje meer bizar.