Bestuurder en ziener

Voormalig partijleider Michail Gorbatsjov schreef onlangs twee boeken. Hij tracht een discussie over de bestaande wereldorde aan te zwengelen en de huidige eenzijdige consensus te doorbreken. Jammer alleen dat juist deze man een groot filosoof wil zijn.

Er bestaan tenminste twee Gorbatsjovs. De ene Michail Gorbatsjov is Gorby, de charmante politicus met een relativerende blik op het heden. Maar er is nog een tweede Gorbatsjov, die partijleider, filosoof, schrijver, denker en groot man ineen wil zijn. Deze Gorbatsjov weet alles beter, legt alles uit en twijfelt niet. Gorbatsjov de allesweter leverde het boek Mijn Rusland af, dat over alles en niets gaat. Het is gesteld in een pompeuze en houterige stijl die past bij een voormalig partijleider. Gorbatsjov onderbouwt zijn betoog met verwijzingen naar ‘wetenschappers’, 'objectieve onderzoeken’, 'lessen van de geschiedenis’ en 'het leven zelf’ zoals alleen amateurs op een vakgebied dat kunnen.
In het boek laat Gorbatsjov zien dat zijn denkwijze duidelijk marxistische lijnen volgt. Hoewel hij zich ertoe dwingt afstand te nemen van 'definitieve oplossingen’ lukt hem dat maar half. Mijn Rusland geeft het recept om alle nijpende wereldproblemen aan te pakken. Volgens Gorbatsjov bestaat de werkelijkheid uit een 'bovenste laag (de oppervlakte)’ van politiek en een daaronder liggende objectieve, economische laag. De economische onderbouw zou de politieke bovenbouw moeten bepalen. Echter, machtswellust en nationalistische verblindheid maken dat politici de onderbouw negeren en hun eigenbelang nastreven. Gorbatsjov wil met zijn boek de objectieve onderlaag blootleggen. Als politici zich vervolgens hierop zouden baseren, kan de mensheid de harmonieuze en vreedzame fase van het socialisme betreden.
Aan zijn inspirator Lenin ontleent Gorbatsjov de voorwaarde voor een nieuw socialisme. De 'materiële basis’ voor een waardig menselijk bestaan in economisch, sociaal en ecologisch opzicht berust op 'de efficiëntie van de productie’. Lenin benadrukte het belang daarvan in de jaren na de revolutie tot vervelens toe - overigens zonder resultaat. Gorbatsjovs marxistische sporen worden aangevuld met een New Age-achtige uiteenzetting over de wereld als eenheid en de toestand in de wereld. Gorbatsjov noemt dit warrige visioen over de 'objectieve’ werkelijkheid 'het Nieuwe Denken’ en stelt dit op een lijn met zijn perestrojka. Waar Rusland is genezen door perestrojka moet nu de wereld worden genezen door het Nieuwe Denken. Vanwege dit Nieuwe Denken meent Gorbatsjov dat zijn rol nog allerminst is uitgespeeld. Integendeel, hij solliciteert uitdrukkelijk naar een post in een wereldregering die het Nieuwe Denken moet doorvoeren. Te pas en te onpas prijst hij zichzelf en zijn Gorbatsjov Stichting aan als redders in de nood.
Het gevolg van Gorbatsjovs filosofische pretenties is een slecht leesbaar betoog dat genegeerd zou kunnen worden als hij niet zijn politieke carrière erbij zou betrekken. Hij stelt echter dat dit Nieuwe Denken de basis vormde van zijn gehele beleid als sovjetleider. Om dit te bewijzen neemt hij in Mijn Rusland regelmatig een loopje met de werkelijkheid. Zo beweert hij dat er onder zijn bewind door het Kremlin geen adviezen of bevelen zijn gegeven aan de leiders van het voormalige Oostblok. Niettemin hebben velen van hen, zoals bijvoorbeeld voormalig DDR-leider Egon Krenz, verklaard immer hun politieke plannen te hebben besproken met de sovjettop. Alleen de opening van de Muur had Krenz verzwegen, zodat Gorbatsjov op het histo rische moment nietsvermoedend te bedde lag. In Mijn Rusland wijdt hij daar geen letter aan. Wel schrijft Gorbatsjov dat hij en zijn omgeving niet verrast werden door de val van de Muur maar er juist op voorbereid waren. Niettemin werden er op de dag erna twee totaal tegenstrijdige reacties vanuit Moskou aan Krenz doorgegeven.
In het boek Wie es war laat Gorbatsjov zich van een andere kant zien. Hij nuanceert zijn bewering dat hij geen bezwaar tegen de Duitse eenwording zou hebben gehad. In Wie es war heet het dat hij een politiek standpunt ertegen innam, maar 'echter met een tot op zekere hoogte filosofisch perspectief: “De tijd zal het leren”.’ Terwijl in Mijn Rusland de interessante details worden verstikt door een ideologisch keurslijf krijgen ze in Wie es war juist alle ruimte. Gorbatsjov citeert uitgebreid uit zijn privé-aantekeningen en verhaalt van zijn ontmoetingen met westerse leiders. Hij laat zien hoe hij al snel na de val van de Muur de nieuwe DDR-leiding liet vallen en zich volledig richtte op zijn westerse tegenspelers, bondskanselier Kohl en president Bush.
Wie es war toont Gorbatsjov als verteller met een oog voor detail en voor grote lijnen. Hij pretendeert geen buitengewone voorspellende gaven te hebben, maar ziet politiek als de kunst om op de werkelijkheid te reageren. In plaats van de grote visionair is hij de manager die probeert alle ontwikkelingen in goede banen te leiden. De geschiedenis gebeurt volgens deze Gorbatsjov 'gewoon omdat deze gebeurt’. Natuurlijk heeft hij wel idealen en inzichten maar die vormen geen groot bouwwerk. In plaats van een naïeve ideoloog is hij meer een geslepen politicus die overal complotten ontwaart en dwangmiddelen niet uit de weg gaat om zijn beleid uit te voeren. De politicus Gorbatsjov presenteert zichzelf als degene die voortdurend moet kiezen tussen meerdere opties en daartoe vanwege zijn politieke ervaring uitstekend in staat is.
De bestuurder Gorbatsjov komt in tegenstelling tot de ziener met interessante politieke stellingen en inzichten. Zo verhaalt hij van de beloften van Kohl en Bush in 1990 om de Navo niet oostwaarts uit te breiden. Hij schetst een alternatief scenario dat Europa had kunnen volgen - een Europese integratie onder begeleiding van de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie. Echter, omdat de Sovjet-Unie uiteenviel en Jeltsin aan de macht kwam, kon dit scenario geen doorgang vinden. Gorbatsjovs vriend Kohl verbond zich met Jeltsin, waarna het Westen de situatie uitbuitte door de Navo alsnog oostwaarts uit te breiden en de Koude Oorlog voort te zetten.
Ook Gorbatsjovs visie op de westerse ingrepen tegen Irak en Kosovo is belangwekkend. Volgens hem maakt de Navo gebruik van middelen uit de Koude Oorlog terwijl deze na 1989 niet meer gepast zijn. Hij pleit voor een versterkte Verenigde Naties met regionale onderafdelingen over de gehele wereld, respect voor de internationale rechtsorde en het gebruik van vreedzame middelen. Daarmee is Gorbatsjov een van de weinigen die een discussie over de bestaande wereldorde aanzwengelt en probeert de huidige eenzijdige consensus te doorbreken. Het is alleen spijtig dat juist deze man een groot filosoof wil zijn.