Sport

Bewijzen

Edgar Davids is terug, en het is niet onopgemerkt gebleven. Zeker niet door Danny Buijs, Davids’ directe tegenstander in de wedstrijd Ajax-Feyenoord van zondag. Davids en Buijs zaten elkaar voortdurend dwars, haalden elkaar onderuit, schopten en sloegen elkaar het hele veld over. De een intimideerde, de ander provoceerde, en andersom. Het was not a pretty sight.

‘Het is niet de eerste keer dat jongetjes zich willen bewijzen’, zei Davids na de wedstrijd, toen hij werd gevraagd naar de opvallend pittige confrontatie tussen de twee gretige middenvelders. En dat die jongetjes zich wilden bewijzen, dat kun je goed zien op een foto in de krant van maandag. De twee staan tegenover elkaar, de gezichten op een centimeter uiteen, de borstkassen vrijwel tegen elkaar aan. En blikken waar de vonken af spatten.

Davids en Buijs, kop tegen kop, briesend, rood aangelopen. Vooruitgestoken borst tegen vooruitgestoken borst, als twee grimmige mannetjesdieren. Het zit er allemaal in: het uitdagen, het groot maken.

Dat beeld van Davids en Buijs doet denken aan een natuurfilm, waarin David Attenborough ons laat zien hoe, bijvoorbeeld, de wisent zich voorbereidt op de paartijd. Wisenten leven in groepen, en meestal zijn er minder vrouwen dan mannen. Wil de soort in stand gehouden worden, en dat wil de soort, aangezien dat het doel van al het leven is, dan dient er het een en ander aan voortplanting te worden gedaan. En dus barst de strijd los.

Wisenten hebben horens, die worden gebruikt als wapen en om indruk op elkaar te maken. Gedurende twee tot drie maanden per jaar wordt er door de mannetjes gevochten – om de vrouwtjes. Als twee mannenwisenten vechten, gaan ze tegenover elkaar staan en buigen hun kop. Dan beginnen ze tegen elkaar aan te stoten met hun kop en proberen elkaar weg te duwen. De winnaar is de sterkste en die mag paren met het vrouwtje.

Wisenten communiceren door geluiden te maken: ze loeien, grommen en brullen. Maar om elkaar dingen echt duidelijk te maken is vooral de lichaamshouding belangrijk. Voor een gevecht gaan mannetjes dan ook met hun flanken naar de opponent toe staan, om indruk te maken. Van de zijkant gezien lijken ze namelijk groter.

Ook krokodillen vechten met elkaar om indruk te maken op een vrouwtje. Ze vechten met opengesperde kaken of laten hun lichaam vol lucht lopen om groter te lijken. Zoals bekend slaan zeekrokodillen zelfs met hun koppen tegen elkaar.

Herten vechten door met hun gewei tegen het gewei van de ander te stoten. Paarden slaan met de voorpoten, die voorbenen worden genoemd. Honden bijten elkaar. Zeeleeuwen beuken tegen elkaar aan door zich op te richten op hun achtervinnen en met hun borst te stoten.

In de dierenwereld wordt het meest en het hevigst gevochten met de eigen soortgenoten. Dat zijn namelijk altijd concurrenten. Ze zijn op hetzelfde voedsel aangewezen. Ze hebben dezelfde soort schuilplaats nodig. Ze willen hetzelfde wijfje hebben.

Cichliden, dat zijn vissen, spreiden de vinnen en tonen hun vechtkleuren om te dreigen. Dit kan al beslissend zijn, als een van de twee vissen kleiner is dan de andere, zijn vinnen weer samenvouwt, zijn kleuren doet verbleken, zijn tegenstander de rug toekeert en er vandoor gaat. Als ze allebei blijven, beginnen de staartklappen. Daarmee raakt de vis zijn tegenstander niet, maar hij slingert hem met gespreide vinnen een golf water in het gezicht, dat zeer gevoelig is. Het staartklappen kan uren doorgaan. Als het gevecht daar niet door beslist wordt, volgt de fase van het bektrekken. De vechters pakken elkaar eerst kort, daarna langduriger en steviger bij de kaken vast en beginnen zo hard mogelijk te trekken, ondertussen achteruit zwemmend. Deze fase kan uren duren. (Er zijn ook soorten die duwen in plaats van trekken. Een gevecht tussen een bekduwer en een bektrekker komt zelden voor.)

Is er dan nog geen beslissing gevallen, dan bedreigen de strijdende Cichliden elkaar frontaal. Ze spreiden hun kieuwdeksels, waarop vlekken zitten die er als ogen uitzien, zodat ze opeens op een enge reuzenvissenkop lijken. Ze doen hun bek wijd open, waar op de randen bonte kleuren zitten, zodat ze nog dreigender lijken.

Volgens kenners doen twee vissen die op deze manier tegenover elkaar staan denken aan ‘bloedhonden vastgebonden aan rubberkabels’. Want omdat ze willen vechten geven ze gas met hun staart, maar omdat ze eigenlijk ook willen vluchten werken de borstvinnen achteruit. Zo staan de vissen, strak als een snaar, op enkele centimeters van elkaar. ‘Ze gaan doorgaans spoedig, alsof het een afspraak gold, weer langzaam uit elkaar, waarbij ze allebei “hun gezicht bewaren”.’

Dan hebben weer een paar jongetjes zich bewezen.