Bezuinigen op defensie, maar met mate

Een kippenhok waar het licht aangaat; de beesten vliegen alle kanten op. Zo beschrijft De Telegraaf de paarse regeringscoalitie als het over defensie en ontwikkelingshulp gaat. Het is niet aardig, maar het is wel waar. Niet voor niets werd tijdens de kabinetsformatie besloten een jaar uit te trekken om het buitenlandbeleid te ‘herijken’. De drie partijen konden het eenvoudig niet eens worden over de uitgaven voor defensie en ontwikkelingssamenwerking in de komende vier jaar en dus werden besluiten daarover maar eventjes uitgesteld. Inmiddels is dat herijken een slogan geworden waar iedereen zich iets anders bij voorstelt.

Het is onzin als De Telegraaf de paarse coalitie verwijt dat er meningsverschillen naar buiten komen. Dit kabinet beloofde immers grotere openheid, en ministers mogen zich meer op elkaars terrein begeven. Minister Pronk van Ontwikkelingssamenwerking deed dat reeds veelvuldig in de vorige kabinetsperiode. Hij zei toen al, tot veler verbazing, dat er eigenlijk niet meer op defensie kon worden bezuinigd. De wereld was er na het einde van de Koude Oorlog immers niet paradijselijker op geworden, maar onstabieler en gruwzamer dan ooit.
Zelfs bij oppositiepartij GroenLinks komen ze er niet uit. Vorig jaar ging er een schokje door de partij toen de Tweede-Kamerfractie voor de defensiebegroting bleek te hebben gestemd. Voor een partij met een zeer pacifistische bloedgroep is dat inderdaad verrassend. Maar op een discussiebijeenkomst in de Utrechtse Jaarbeurs kwamen niet meer dan vijftien personen opdagen. Teken van slapte van GroenLinks, van het uitsterven van het traditionele pacifisme of van algehele verwarring over een links defensiebeleid aan het eind van de twintigste eeuw?
Volgens een verslag in het vernieuwde GroenLinks Magazine waren de vijftien aanwezigen nog sterk verdeeld ook. Leoni Sipkes zocht het namens de fractie bij de decennialang door links vervloekte Navo: die moest worden uitgebreid met landen uit Midden- en Oost-Europa, inclusief Rusland, tot een pan-Europees veiligheidsstelsel. Zij zag ook wel wat in het toekomstig beleid van de - sterke - buitenlandsector van het nieuwe kabinet, met name in het voorstel voor een ‘Boutros-brigade’ dat Van Mierlo onverhoeds in de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties lanceerde.
Daartegenover stond een een heel wat radicaler deel van het partijbestuur van GroenLinks, dat vindt dat het ministerie van Defensie in 1998 kan worden opgeheven. Wat er na echte bezuinigingen aan taken rest, kan wel door andere departementen worden gedaan. Tot nu toe is er nooit echt op defensie bezuinigd. Het leger kan met vijf miljard gulden minder per jaar toe als het geheel wordt afgestemd op VN-operaties en als Nederland zich losmaakt uit de Navo. De GroenLinksers werden het ter vergadering niet eens. Wat is een politiek correct defensiebeleid in deze tijd, vraagt het GroenLinkse maandblad zich vertwijfeld af.
Zulke moeilijke vragen hoeft men zich binnen D66 in elk geval niet te stellen. Daar bestaat niet zoiets als een defensiebeleid. Vandaar dat Van Mierlo vriend en vijand in 1981 verraste toen hij als minister van Defensie onder Van Agt een echte Navo- houwdegen bleek te zijn. En zo konden de internationalisten samen met Leoni Sipkes nu eens aangenaam verrast zijn toen Van Mierlo voor de Algemene Vergadering van de VN zijn 'losse gedachte’ liet vallen naar aanleiding van de slachting in Ruanda, die misschien door een goed georganiseerde brigade had kunnen worden voorkomen: 'Ofwel we handelen op grond van onze gevoelens van afschuw en verontwaardiging, ofwel we stoppen met moraliseren. Wordt het, indien de lidstaten het nodige personeel niet kunnen leveren, niet onvermijdelijk de oprichting te overwegen van een professionele, te allen tijde beschikbare en snel in te zetten VN-brigade voor dit doel: een VN-legioen dat de Veiligheidsraad ter beschikking staat? Zo'n betrekkelijk klein, internationaal, geheel uit vrijwilligers bestaand “brandweerkorps” kan de VN in staat stellen levens te redden in situaties als die in Ruanda. De oprichting ervan kan helpen bij de oplossing van dilemma’s waarvoor wij ons gesteld zien als we het verschijnsel van de falende staat trachten aan te pakken.’
Dit voorstel mocht dan in Nederland vooraf nauwelijks door hem bediscussieerd zijn, het volgt wel logisch uit de ideeen van secretaris-generaal van de VN Boutros Boutros Ghali in zijn Agenda for Peace, later uitgewerkt in een artikel voor Foreign Affairs, waarin hij het over peace enforcement units heeft die de Veiligheidsraad snel zou kunnen inzetten om een wapenstilstand af te dwingen.
Brian Urquhart, voormalig ondersecretaris van de VN, heeft in mei van dit jaar in de New York Times het voorstel gedaan de VN een snel inzetbare politiemacht te geven: een kleine, permanente elitestrijdmacht, bestaande uit vrijwilligers, die onmiddelijk naar brandhaarden zou kunnen worden gestuurd als een speerpunt voor een latere operatie, zolang de verschillende regeringen nog niet durven in te grijpen.
Weer terug in Nederland en voor een heel ander publiek - een Navo-jublieumbijeenkomst in de Haagse Ridderzaal - pleitte Van Mierlo juist voor terughoudenheid bij ingrijpen in gewapende conflicten in het buitenland en waarschuwde hij voor 'ondoordachte avonturen’. De VN-brigade had hij juist voorgesteld omdat het personeel daarvan geen banden zou hebben met de verschillende lidstaten. In een adem begon hij daar een heel nieuwe discussie, namelijk of intussen de kritische grenzen bij het bezuinigen op de defensie niet worden genaderd - grenzen, die 'als zij worden overschreden, onze nationale defensie en ons vermogen een verantwoorde rol te spelen bij het bewaren van internationale vrede en veiligheid, ernstig zouden aantasten’.
Het kippenhok barstte los. De VVD is het natuurlijk helemaal met Van Mierlo eens, maar is bang dat zo alle bezuinigingsafspraken op losse schroeven worden gezet. De PvdA reageert razend. Maar Van Mierlo wordt in de rug gedekt door Pronk - zolang deze hogere defensieuitgaven maar niet ten koste van Ontwikkelingssamenwerking gaan. Minister van Defensie Voorhoeve reageert weliswaar voorzichtig, maar hij kan nu moeilijk beweren dat hij onverkort aan de afgesproken bezuinigingen wil blijven vasthouden.
Toch is het wat vreemd om deze discussie geheel aan internationale vredesoperaties op te hangen. Twee oud-medewerkers van Voorhoeve op het Instituut voor Internationale Betrekkingen Clingendael hebben vorige maand in Trouw een aantal concrete punten genoemd in de defensie-uitgaven waar wel degelijk meer kan worden gesnoeid. Herijken is mooi, discussie ook, maar het zou jammer zijn als de generaals kans zien in het kader van een debat over internationale vredesoperaties de voorgenomen bezuinigingen alweer bij voorbaat ongedaan te maken.