Welke klassiekers? door Ger Groot

Big deal

Als jullie het dan echt weten willen, dan zullen jullie wel eerst willen weten waar ik geboren ben en al dat soort David Copperfield-flauwekul, maar daar heb ik nu even geen zin in. Ik bedoel, soms kan ik daar zin in hebben maar die heb ik nu toevallig niet. En bovendien wil ik het over dat boek hebben dat ze me cadeau gaven omdat ik bij Engels geen onvoldoende had gehaald.

Dat mag wel in de krant zeiden ze, want voor alle vakken had ik een onvoldoende, behalve voor Engels, en daarom kreeg ik dat boek voor de kerstvakantie en zo. The Catcher in the Rye, zo’n Amerikaanse pocket. Nooit van gehoord, maar ze zeiden dat het een klassieker was. Een klassieker, op zo’n bekakt toontje, zodat je meteen weet dat je maar een halve idioot bent, omdat je dat niet weet. Omdat je je klassiekers niet kent. Ik haat dat soort mensen.

Verhaal van niks. Van ene J.D. Salinger, die zeker geen echte voornamen had of daar niet voor uit wilde komen of een hekel had aan zijn voornamen. Gozertje wordt van school getrapt, loopt wat door New York, en de hele tijd ouwehoeren. Zo van: dit is crap en hier moet ik van kotsen en daar heb ik een hekel aan. Alleen van zijn kleine zusje houdt-ie, en van zijn broer die overleden is, aan leukemie of zo. En toch nog een happy end. Gozertje gaat terug naar huis, eind goed al goed. Big deal.

Waar ik echt niet tegen kan is tegen dat soort boeken dat helemaal nergens over gaat. Ik bedoel: waar gaat dit boek nou over? Gozertje wauwelt en leutert, en maar klagen! Wat een dope! En steeds weer hetzelfde, elk woord komt honderdduizend keer terug. Word ik niet goed van: van al die piepeltjes die steeds hetzelfde zeggen. Ik bedoel: waarom zeg je niet gewoon in één keer wat je bedoelt?

Het was een schokkend boek, zeiden ze toen ze het me gaven. Zeker om het interessant te maken. Stond zelfs op de voorkant: This unusual book may shock you. Alsof ze je er echt van moesten overtuigen. Nou, tienduizend jaar geleden misschien, toen die Salinger dat schreef en nog niemand van school wegliep. Of van huis wilde weglopen, zoals dat gozertje. Zal best.

Maar jezus, wat kan iemand dat nu nog schelen? Dat soort mensen die denken dat iets wat hun geschokt heeft ook de hele wereld moet schokken, en eindeloos moet blijven schokken, daar heb ik de pest aan. En dan noemen ze dat klassiek. En maar doorouwehoeren, net zoals dat gozertje, van dat een hele generatie zich erin herkende. Nou, ik dus niet. Je herkennen in een boek dat alleen maar zeurt over lieve zusjes en dode broertjes en het rode petje dat die jongen ook nog had: big deal. En over waar de eenden in het Vondelpark naartoe gaan als de vijver bevriest, godsamme.

Wat heb ik een hekel aan dat gewauwel dat maar alle kanten op gaat en nergens heen gaat. En maar doorgaat. Sommige Amerikaanse boeken hebben dat. Alsof de schrijver gewoon de microfoon heeft opengezet en maar doorpraat, net zo lang tot het boek vol is. Had ook twee keer zo lang kunnen zijn. Of de helft. Of helemaal niets, voor mijn part. Heeft die Salinger misschien wel uitgevonden. Is-ie daarom klassiek geworden. Net als dat gozertje met dat rode petje omgekeerd op zijn hoofd, op de voorplaat. Is ook een trend geworden. Nu zet iedereen zijn baseballpet omgekeerd op zijn hoofd.

God, wat een treurig boek. Niet treurig om van te janken, maar gewoon: treurig omdat dat dus het Grote Voorbeeld moet zijn voor de literatuur, en zo. Nou, jammer voor de literatuur. You will never forget it, staat op de voorplaat. Ik ben het nu al vergeten. Jezus, wat kunnen romans saai zijn. Echt om nooit meer iets te willen lezen. In ieder geval niets van die Salinger. Nog een geluk dat hij maar een paar boeken geschreven heeft. Echt zo’n schrijver van forget-it-literatuur.