Bij de tegenstander thuis (5)

De Argentijnen
Dinsdagavond 30 juni. Argentinië-Engeland. De Alkmaarse Argentijnen zitten op tuinstoelen bij Ramona Quiroga in de huiskamer. Er wordt onafgebroken gerookt en gedronken: Argentijnse wijn die ze speciaal voor het WK hebben laten overkomen.

Het is drukker dan ooit in het huis van Ramona. Familieleden uit het hele land zijn naar Alkmaar gekomen voor de kraker tegen Engeland. Onder hen bevindt zich neef Pablo. Hij zit in een rolstoel, pas geleden is hij geopereerd. Pablo is het Nederlands niet machtig. Daarom staat de kleine televisie afgestemd op de Spaanse zender TVE en schalt het commentaar van ene Paco Grande door het huis.
Bij het volkslied gaat men staan. Alsof er doden herdacht worden, zo stil is het. Alleen de geiser maakt herrie. Ramona zegt dat haar zoon Hans staat te douchen boven. Emanuel schreeuwt in het trapgat. Hoe durft Hans te douchen terwijl zijn land speelt. Als er afgetrapt wordt doucht Hans nog steeds. In de zesde minuut versiert Batistuta een penalty en scoort. ‘Gol, gol, gol.’ Met natte haren en een handdoek rond zijn onderlichaam vliegt Hans zijn dansende landgenoten om de nek. Hond Vito keft als een bezetene.
Niet veel later is het een penalty voor Engeland, die ook benut wordt. De Argentijnen slaan hun handen voor het gezicht. De inmiddels aangeklede Hans slaat met zijn vuist op tafel. Het wordt erger, Engeland scoort 2-1. Dan, vlak voor rust de gelijkmaker. 'Viva Argentina’ klinkt het uit de aanwezige kelen. Een vreugdedans. Met tranen op de wangen rennen de Argentijnen de straat op. Vito de hond ziet zijn kans schoon en verorbert een gebakje.
De tweede helft zit iedereen duimen te draaien. Een gelijkopgaande strijd. Engeland schiet een keer op de lat, Argentinië schiet een keer op de paal. Ook in de verlenging blijft het gelijk. Penalty’s. Sergio Berti schiet beheerst binnen. Alan Shearer ook. Dan, Hernan Crespo, hij mist. 'Puta, puta, puta’, roepen de Argentijnen. Maar ook Paul Ince mist! De kansen zijn gekeerd. De spanning is te snijden. Als Juan Veron de aanloop neemt, gebeurt er iets vreselijks in de huiskamer. Neef Pablo in de rolstoel begint te bloeden. Zijn hechtingen laten los. De vrouwen gillen. Een glas Argentijnse wijn wordt omgestoten. Emanuel blijft kalm en rijdt de neef naar het ziekenhuis. Roberto Ayala benut de beslissende strafschop. Niemand durft echt te juichen.
Zaterdagavond 4 juli, Argentinië-Nederland. De Alkmaarse Argentijnen verkeren in gewetensnood. Emanuel: 'We zijn het gastland veel dank verschuldigd. De opvang na onze vlucht voor het militaire regime was hartverwarmend.’ Ramona stemt in met die woorden. Ze maakt een klievende beweging van haar kruin tot haar onderbuik. 'Voor de ene helft ben ik voor Nederland, voor de andere helft ben ik voor Argentina. Het linkerdeel, waar mijn hart zich bevindt, is Argentina.’
In de huiskamer staat ook de rolstoel met daarin neef Pablo die tegen Engeland zo hevig begon te bloeden. De artsen hebben hem afgeraden opnieuw voetbal te kijken, want dat de hechtingen loslieten kwam volgens hen door de spanning. Voor de zekerheid heeft Ramona de rolstoel op een vuilniszak gereden. Als Jonk na zes minuten op de paal schiet, komt ze bezorgd bij Pablo informeren.
Kluivert tikt 1-0 binnen. De ontgoocheling in Alkmaar is van korte duur. Met een doelpunt van Claudio Lopez komt Argentinië na een paar minuten langszij. De Argentijnen veren op uit de tuinstoelen en stampen in extase door de huiskamer. Een blauw-wit-blauwe vlag gaat van hand tot hand. Een buurman belt aan om te vragen of het wat zachter kan.
Als Ramona haar gasten tot bedaren heeft gebracht is de wedstrijd alweer een tijdje aan de gang. Nederland heeft kansen, Argentinië heeft kansen. Zweethanden worden afgeveegd.
Omdat de televisie zo klein is, vertekent het beeld enorm. Een uitbal lijkt zo de goal in te zwiepen. Verwensingen vliegen door de huiskamer. Als Gabriel Batistuta in beeld komt, is het goed. Marielle en Angelica werpen het toestel kushandjes toe. Alle Argentijnse vrouwen houden van Gabriel.
Numan krijgt rood. De Argentijnen juichen. Ortega krijgt rood. Van der Sar is een 'comediante’. Dan de lange bal van De Boer die Bergkamp zo lekker uit de lucht schept en onverbiddelijk het net injaagt. 'Porqué, porqué, porqué’, kermen de Argentijnen. Emanuel is languit op de grond gaan liggen, zijn gezicht diep weggedrukt in het witte tapijt. Maximiliano en Ramona zoeken troost bij elkaar. Pablo laat een traantje. Iemand doet de televisie uit en het blijft nog lang stil in de huiskamer.
De Brazilianen
Echte Brazilianen zullen nooit thuis voetbal kijken. Brazilianen gaan naar een café of een restaurant. Om na de wedstrijd samen feest te kunnen vieren. Daarom gaan ze ook bij voorkeur naar hetzelfde café. In de Utrechtsestraat blijkt het een uur voor aanvang van de wedstrijd al een drukte van belang. Café Olele Olala kan de druk maar nauwelijks aan. Portier Lucio Relvers weet niet of het nog wel veilig is om mensen toe te laten. Eigenlijk is het al veel te druk. Hij heeft een tussenoplossing gevonden. Als de laatkomers beloven hun jas af te geven aan de garderobe, wil Lucio ze nog wel toelaten.
Door de drukte is de temperatuur in het café opgelopen tot Zuid-Amerikaans kookpunt. Een penetrante zweetlucht vult de ruimte. Hoe dichter bij de televisie, hoe warmer. Alleen echte Brazilianen kunnen dit verdragen. De enkele geïnfiltreerde Nederlanders druipen al gauw af en zullen de rest van de avond achteraan, vlak bij de deur blijven staan.
Lucio Relvers staat daar ook, maar dan uit hoofde van zijn functie. Sinds acht jaar is hij in Nederland, maar het Braziliaanse elftal blijft hij trouw. Alleen Brazilië kan kampioen worden, dat weet hij zeker. Lucio: 'Brazilië heeft échte supporters. Iedereen hier is ervan overtuigd dat we kampioen worden. Als we verliezen, dan is het hele land in een diepe rouw gedompeld. Als Nederland verliest, dan zegt iedereen blij te zijn dat “ze” toch zo ver zijn gekomen. Dat is geen goede mentaliteit. Je moet zeggen dat je wint, dan win je ook.’
De vaderlandsliefde van Lucio en zijn landgenoten komt het best tot uiting tijdens het volkslied. De mensen vlak bij de televisie krijgen tranen in de ogen als ze de klanken van het Ouviram do Ipiranga horen. De Deense nationale hymne interesseert de Brazilianen niet. Terwijl in beeld de Scandinaviërs arm in arm hun volkslied meezingen, schalt door de luidsprekers van café Olele Olala een soort salsa-nieuwe-stijl, de Braziliaanse voetbalhit van dit moment.
Als de wedstrijd begint, loopt de temperatuur nog verder op. Vooral als de NOS-commentator na twee minuten wel heel erg enthousiast over het Deense doelpunt van Jörgensen is. 'Zo gaat het steeds’, zegt Lucio. 'Die Frank Snoeks is tegen ons en dat laat hij merken ook.’
Het personeel van Olele Olala heeft gezamenlijk een fax naar de NOS gestuurd. Lucio: 'We zijn woedend over die commentator. Hij heeft geen respect voor de Braziliaanse voetballers. Alles wat ze doen is in zijn ogen slecht. De tegenstanders van Brazilië vindt Snoeks zo goed dat hij staat te juichen. Die man zou neutraal moeten zijn.’
Gelukkig oordelen de Brazilianen tien minuten later als Bebeto scoort al een stuk milder over de arme NOS-commentator. Als het doelpunt valt, breekt het Braziliaans carnaval los. De muziek gaat aan en terwijl de Denen al weer dicht in de buurt van het Braziliaanse strafschopgebied komen, host de menigte nog door.
Eigenlijk is het nu wel weer mooi geweest. 1-1. Dan wordt het ook wel 2-1 en wint Brazilië, voorspelt een wat aangeschoten vrouw aan de bar. De warmte wordt haar teveel en ze gaat weg. 'Viva Brasilia’, roept ze als ze de uitgang heeft bereikt.
'Viva Brasilia’, zegt ook Lucio, anderhalf uur later als de wedstrijd is afgelopen en de Denen ternauwernood met 3-2 zijn verslagen. Lucio blijft Frank Snoeks een lastpak vinden: 'Als Snoeks ook de finale verslaat, dien ik bij de NOS een officiële klacht tegen hem in. Wij Brazilianen hebben toch ook recht op een onafhankelijke commentator.’
De Duitsers
Duitsers in Nederland, ze zijn er wel maar je ziet ze niet. In Amsterdam alleen al wonen er rond de twintigduizend. Ze verstoppen zich tussen de Nederlanders. Ze vermijden, zo lijkt het, iedere omgang met elkaar. Amsterdam kent alle soorten restaurants en cafés, van alle nationaliteiten, maar waar is de Duitse Bierhalle? Er is geen Duitse Kneipe, nergens een Duitse Stammtisch, niet eens een simpele Imbiss. Ja, er is een Seemannsheim, dat zich schuil houdt achter een antwoordapparaat. En er is een Hilfsverein, waar dakloze en verslaafde Duitsers opvang vinden. 'We kijken met de mensen hier wel naar het voetbal’, meldt de Verein in onberispelijk Nederlands met een licht Duits tongvalletje. 'Maar we willen geen journalisten.’ En na enig aandringen: 'Frau Direktor is er niet, ik mag dat niet beslissen.’ En: 'De termijn voor zo'n beslissing is te kort.’ Na nog verder aandringen: 'Zaterdag zijn we gesloten.’ Duitse schaamte.
Schaamte overheerst. Nationale gevoelens worden met kracht onderdrukt. Men is zich erg bewust van de imagoproblemen die Duitsers in Nederland hebben. Bent u van plan naar de wedstrijd van Duitsland tegen Kroatië te kijken? 'Ik kijk wel, maar ik ben niet per se voor de Duitsers.’ 'Ik kijk met Nederlandse vrienden en ben hartstikke voor Oranje.’ 'Ik kijk niet want ik heb een hekel aan dat opgeblazen Nationalgefühl.’ 'Ik kijk niet want ik heb geen televisie in huis. Prinzipsache.’
Het zijn de antwoorden gegeven door mensen op en rond het Goethe Institut, boekhandel Die Weisse Rose, de Duitse ambassade en het Duitsland Instituut (anderhalf jaar geleden opgericht om Duitslands imago te verbeteren). Goed opgeleide cultuurdragers allemaal, maar hun Nederlandse evenknieën steken hun voetbalchauvinisme toch ook niet onder stoelen of banken?
Er blijkt ook angst achter te zitten. Een Duitse correspondent meldt meer dan eens onheus te zijn bejegend toen hij zich met een Duits gezelschap in een Amsterdams café begaf. Hij denkt dat wie het waagt om in een Amsterdams café waar voetbal wordt vertoond voor een Duits doelpunt tegen Kroatië te juichen, ernstig gevaar loopt. Is dat de reden waarom de Duitsers met wie ik uiteindelijk in een Iers café heb afgesproken, niet komen opdagen? De Kroatische doelpunten worden er in ieder geval luid bejubeld. Evenals de Platzverweis voor verdediger Wörns.
Dat ze er niet waren, blijkt de volgende dag een misverstand. Ze zaten in een ander café. En, hoe is het 'Aus für Deutschland’ aangekomen? 'Ach, de Duitsers waren het hele toernooi al slecht. Die haben mehr Fussball gearbeitet als gespielt.’
'Wir hatten ein Traum, und der Traum is geplätzt’, zei bondscoach Berti Vogts met de nodige pathetiek op de Duitse televisie. En de presentator stelde voor om eindelijk maar eens de oude filosofische wijsheid uit het spreukenboek te schrappen die luidt: 'Een voetbalwedstrijd duurt negentig minuten lang, met vijftien minuten pauze, en aan het eind winnen de Duitsers.’