Blaaskapel in het hoofd

Wat gebeurt er in uw hoofd als u een roman leest?
Mijn leraar Engels op de middelbare school zei dat hij niets specifieks zag, maar een Lawrence Olivier-achtige stem de tekst hoorde voordragen. Een goede vriend zegt dat lezen voor hem niet verschilt van naar een speelfilm kijken: zijn hersenen maken van de letters op papier automatisch de vertaalslag naar scènes en actie op zijn netvlies.

Mijn broer noemt zichzelf de ultieme empathische* lezer, en zegt dat hij altijd zichzelf ziet op de pagina’s, ongeacht de scène/tijd, en dat het decor bestaat uit herinneringen aan plaatsen waar hij zelf is geweest.
Vorige week verscheen Langs duistere wegen van tekenaar en schrijver David B., bij Oog & Blik, het stripfonds van De Bezige Bij, en op een of andere manier oogt dit stripboek als wat zich in mijn hoofd afspeelt tijdens het lezen. Het is een mengeling van historische beelden, filmische scènes en beeldende kunst. David B. (nom de plume van de Fransman David Beauchard, 1959) heeft het getekend in een losse, eclectische stijl. Het ene moment wordt het verhaal verteld in simpele filmische scènes, dan weer worden de plaatjes onderbroken door abstracte beelden uit de oorlog. Het ene moment bevinden de personages zich in het fysieke decor, het andere moment bestaat hun decor uit hun dromen en nachtmerries. De achtergrondgeschiedenis van het verhaal wordt uit de doeken gedaan door de cijfers ‘1919’, alsof het jaartal zelf tegen je spreekt – iets dat klinkt alsof William T. Vollmann het geschreven zou hebben.
Het avontuurlijke verhaal is overigens ook heerlijk. We schrijven 1919. Onder leiding van de aristocratische dichter Gabriele D’Annunzio roept een groep Eerste Wereldoorlog-veteranen in het noordoosten van Italië de stad Fiume uit tot vrijstaat. De oorlog is niet afgelopen, zeggen ze: ‘Wij zijn de oorlog.’ De stad groeit uit tot een broeinest van futuristen, fascisten, revolutionairen en andere hemelbestormers, en balanceert tussen een vrije utopie en een wetteloze chaos – de enigen die de nieuwe staat erkennen zijn de leden van de Dada Club in Berlijn. Het Italiaanse leger omsingelt de stad, maar valt niet binnen; zes maanden later volgt de lezer het verhaal van oorlogsveteraan Lauriano, die zich ontfermt over Mina, een zangeres die tegen haar zin in Fiume is terechtgekomen en nu weer probeert de stad te ontvluchten.
De mooist getekende scène is er een die nog nooit in mijn hoofd bij het lezen is opgedoken. Lauriano leest staande een krant en Mina glipt onder de krant door in zijn armen; Lauriano houdt de krant en Mina tegelijk vast. Elk volgend plaatje is vanuit een ander perspectief, alsof Lauriano en Mina in een wals gevangen zijn en over de straten van Fiume tollen.
Een muzikaal intermezzo.
In je hoofd klinken de strijkers en de blaaskapel, tanana-nana-nana, tanana-nana.

David B., Langs duistere wegen. Oog & Blik, 122 blz., € 29,90

* lees: narcistische