Sport

Blauw

Het schaatsseizoen komt er weer aan, het nieuwe. En daar verheugen we ons allemaal op. Eindelijk weer gewoon winnen, lekker, in plaats van al het gehark en gestuntel in de grijze middenmoot zoals we deze zomer voortdurend hebben moeten aanschouwen. Geen zestiende plaatsen meer, geen vroegtijdige uitschakelingen, geen teleurstellende prestaties. Nee, winnen. Goud. Het hoogste treetje op het podium. De titel. Ons zij de victorie.
De winter is van Nederland. Want de winter, dat is schaatsen. Het seizoen begint voor ons op 31 oktober met de Aegon NK afstanden in Heerenveen. Vanaf 7 november is er elk weekend een Essent ISU World Cup, in steeds een ander land. Vlak na Kerst wordt in Heerenveen het Aegon NK allround gereden, en 3 en 4 januari 2009 het Aegon NK sprint in Groningen. (Voor de kunstschaatsliefhebbers is er op 6 maart 2009 de Aegon Challenge Cup in Den Haag.)
De voorpret begint met de eerste exclusieve schaatsbijlagen bij de kranten. Achterop staat dan een enorme advertentie van de hoofdsponsor van de Nederlandse schaatsers, Aegon: ‘Het doel is goud in 2010 Vancouver, 2014 Sochi – eerlijk over onze schaatssponsoring. Aegon.’
Aegon – spreek uit: Eegon – is een verzekeringsmaatschappij die trouw het vaderlandse schaatsen blijft steunen, zo veel ze maar kan. Daar krijgen ze dan ook iets voor terug. De naamsbekendheid van Aegon is groter dan die van Jezus Christus en Mahatma Gandhi. Er is geen foto te vinden van Erben Wennemars waarop hij niet een pak draagt met ‘Aegon’ erop, op een arm, een been, plus nog een keer ‘Aegon’ op zijn kop. Op de benen van Annette Gerritsen, op het voorhoofd van Annette Gerritsen. Op de armbanden die de schaatsers dragen om binnen- en buitenbaan aan te duiden staat ‘Aegon NK’.
Maar nu is de hoofdsponsor van het Nederlandse schaatsen, Aegon, volgens de krant ‘op z’n zachtst gezegd not amused dat de nieuwe schaatspakken van fabrikant Nike niet langer leverbaar zijn in de gewenste kleurstellingen (Aegon-blauw) en denkt om die reden aan herziening van het contract met de KNSB’.
Oeps. Dat mag niet gebeuren. We moeten in de ‘gewenste kleurstellingen (Aegon-blauw)’ schaatsen, anders wordt het niks. We doen dat al jaren zo en het gaat al jaren goed. Dankzij die kleurstellingen konden vorig jaar Sven Kramer en Paulien van Deutekom de Aegon Ard Schenk Award winnen.
Want we willen naar Vancouver. In dit pre-Olympische seizoen kunnen de schaatsers nominaties verdienen voor 2010, voor de Olympische Spaelen. Daar wordt nu al op gefocust, door traeners en schaatsers. Ze willen dat het dit jaar weer records gaat raegenen. De waereldtitel moet natuurlijk naar een Naederlander gaan, niet iemand uit Zwaeden of zo. Iederaen waet dat het een vraeselijke taegenslag zou zijn als de gewenste kleurstellingen niet gelaeverd konden worden.
Misschien hoort het bij het Grote Verlangen om het schaatsen interessanter te maken voor ‘het publiek’. Dat hoor je mensen wel eens zeggen. Dat hoor je eigenlijk altijd en overal, dat een sport die behoorlijk interessant is voor het publiek opeens ‘interessanter voor het publiek’ moet worden gemaakt. Spectaculairder, sneller, springeriger.
Dat vindt ook Ben Jongejan, een groot schaatstalent van 23. Hij herinnert zich het EK van vorig jaar in Rusland, waar het stadion tijdens de 1500 meter nog bomvol was. ‘Maar tijdens de tien kilometer zat er geen Rus meer op de tribune. Dat was veelzeggend. Het gaat om spektakel. Alleen daarvoor is interesse.’
‘Waarom zou je niet komen tot een soort minivierkamp?’ vervolgt Jongejan. ‘Shani Davis heeft al meermaals gepleit voor het invoeren van een klassement over 500, 1000, 1500 en 3000 meter. In het belang van het schaatsen zou ik daar wel iets in zien. Je krijgt een kort en spectaculair programma. Precies wat het publiek wil.’
Niet waar. Er is ook publiek dat niets liever heeft dan de tien kilometer. Er zijn mensen, ik ken ze, die geen kort en spectaculair programma willen, maar juist een lang en saai programma. Met acht ritten op de tien kilometer, waarvan zeven met een bleke Noor tegen een saaie Oost-Duitser, beiden onbelangrijk voor het klassement, met vier dweilpauzes en slecht kunstlicht. Dat willen sommige mensen. Maar Ben Jongejan niet. Die wil cheerleaders en trommels en trompetten.
Het moet, zegt hij, allemaal springeriger, dat schaatsen. Laevendiger. We houden ons hart vast. Nog aeven en we zullen het gaan belaeven, eerst in Haerenveen. Dan waeten we of het publiek krijgt wat het wil, of dat het wil wat het krijgt. Maar misschien valt het taegen en komen we van de drup in de raegen.