Blij met de volgende ronde

‘We hebben gedaan wat we konden. We zijn een kleine club. Spelen tegen het grote Ajax is een eer. Ons uitgangspunt was niet te verliezen in Amsterdam. En nu hebben we zelfs nog gewonnen. Ik ben tevreden’, sprak de coach van Hapoel Haifa na afloop van de wedstrijd tegen Ajax.

‘We hadden elf geblesseerden. De achterhoede had een gemiddelde leeftijd van negentien. We hebben gedaan wat we konden. Ik ben blij met de volgende ronde’, sprak de coach van Ajax na afloop van de wedstrijd tegen Haifa.
Zelden een wedstrijd gezien die zo sfeervol begon en in een zo grote anticlimax eindigde.
'Shalom chaveriem, welkom vrienden’, schalde het voor de wedstrijd door de speakers. De Ajax-supporters klapten bij het horen van de opstelling van Haifa. Het stadion zat bijna vol. Even weer dat kippevelgevoel van voor een Europacup-wedstrijd. De vlaggetjes, de muziek, lekker weer, kortom een goede stemming. Maar snel werden een paar dingen duidelijk. Routiniers als Winter en Witschge in combinatie met jonkies als Lanzaat en Kanu konden geen moment ook maar iets laten zien van het mooie Ajax-voetbal.
Misschien nog wel veel erger was dat Hapoel Haifa nooit naar Amsterdam was gekomen met de intentie om te winnen. Vooraf nog best begrijpelijk na een thuisnederlaag van 3-0. Maar na de rode kaart van Ajax-verdediger Chivu en de daaropvolgende penalty werd het bijna verdacht dat Haifa niet wilde winnen van het grote Ajax. En dus werd het een vreselijk saaie wedstrijd.
Hoogtepunt was het kruisje dat Giovanni Rosso van Haifa sloeg nadat hij de Israelische ploeg op voorsprong had gezet.
Toen een Israelische journalist na afloop vroeg waarom Haifa niet had geprobeerd met grotere cijfers te winnen, reageerde de Israelische coach geërgerd. 'Luister eens, vooraf had niemand verwacht dat we konden winnen. Nu hebben we gewonnen, is het zeker weer niet goed. Ik ben tevreden’, bromde hij, waarop de pers-chef van Haifa het woord nam.
Hij sloot de persconferentie van de derde ronde in de Uefacup af met een dankwoord aan Ajax. Dank aan het bestuur, aan de spelers en aan de fans van Ajax voor de fantastische ontvangst. Zo was iedereen tevreden, behalve het publiek.