De overheid is echt niet overal voor nodig

Blockchain in de polder

De samenleving omarmt ‘blockchain’, de disruptieve technologie achter geldalternatieven als bitcoin. Maar omarmen we ook de radicale idealen en aannames die daarachter verscholen liggen?

Medium cropgroene blokchain groot

Breed lachend en ratelend van enthousiasme laat de 33-jarige Rylana Doesburg een QR-code op haar telefoon zien: een hoekig patroon van witte en zwarte vierkantjes. ‘Dankzij dit plaatje heb ik vorige maand rompertjes, een winterjas en kerstcadeaus voor mijn dochter kunnen kopen.’ Sinds drie maanden maakt de alleenstaande bijstandsmoeder uit Zuidhorn gebruik van het ‘kindpakket’ van de gemeente.

Het is een van de vele potjes waar ze uit mag putten, al is dit administratief wel het gemakkelijkste. Zodra er iets verandert aan haar inkomenssituatie moet ze voor al haar andere toelages de papieren in duiken om te zien of ze niet plots te veel of juist te weinig ontvangt. ‘Een paar weken geleden had ik even werk in een fabriek hier vlakbij, maar ik heb al weer m’n ontslag gekregen’, verzucht ze. Het werk was op. ‘Nu moet ik opnieuw gaan uitrekenen waar ik recht op heb en formulieren invullen.’ Ze is dankbaar voor het oerwoud van subsidieregelingen dat Nederland kent voor mensen in financiële nood – al is ze ook angstig daarin te verdwalen zodra ze een misstap begaat. ‘Als ik één foutje maak is er de kans dat ik alles moet terugbetalen.’

Het lichtpuntje in die papierberg is de QR-code op haar telefoon. Als ze die afbeelding scant bij een van de twaalf aangesloten winkels in Zuidhorn kan ze spullen kopen voor haar driejarige dochter. Elke keer dat zo’n scan plaatsvindt, wordt er een geanonimiseerde opdracht verzonden naar een blockchaindatabase die direct controleert of aan alle voorwaarden wordt voldaan: heeft ze nog voldoende tegoed? Klopt de winkel? Bij een akkoord worden er ‘ethers’ (cryptomunten) overgemaakt van de gemeentekas naar de winkelier, een transactie die via een speciale bank direct wordt omgezet in euro’s.

‘Vroeger had ik gedoe met gemeentecoupons, nu staat het geld binnen een dag op mijn rekening’, zegt een fietsenmaker die sinds de invoering van het nieuwe systeem drie kinderfietsen verkocht aan armlastige dorpsgenoten.

Wat blockchain is weten Doesburg en de fietsenmaker niet precies en dat er ‘ethers’ mee gemoeid zijn ook niet. Toch draait het systeem op de innovatieve technologie die door niet de minsten wordt onthaald als ‘de grootste informatierevolutie sinds het internet’.

Blockchain staat wereldwijd in de belangstelling. In Radical Technologies beschrijft stedenbouwkundige en designer Adam Greenfield het als een van de eerste hedendaagse technologieën die zo radicaal anders zijn dat intelligente mensen ze maar lastig kunnen bevatten. Voor wie toch een poging wil doen een korte uitleg: blockchain is een door de massa gecontroleerde administratie. Niemand is eigenaar en een netwerk van aan elkaar geschakelde computers zorgt middels een algoritme voor de correctheid ervan.

Dat heeft grote voordelen. Op dit moment wisselen mensen online data uit door elkaar kopieën te sturen. Dit artikel is op een laptop geschreven, toen gemaild naar de hoofdredacteur en daarna verstuurd naar de eindredactie. Dat waren allemaal kopieën van het origineel. Dat werkt prima, maar voor complexere data-uitwisselingen kan het ronduit onhandig zijn. Wie honderd euro overmaakt moet er bijvoorbeeld zeker van zijn dat de ontvanger dat geld krijgt en de gever het niet meer bezit. Als die honderd euro blijft bestaan in meerdere boekhoudingen ontstaan er fouten, als dat moedwillig gebeurt noemen we het zelfs fraude.

Nu zijn banken, notarissen, overheden of andere tussenpersonen verantwoordelijk voor deze controle. Blockchain belooft die mensen buitenspel te zetten. Niet een centrale partij maar alle gebruikers samen controleren met hun gezamenlijke computerkracht de juistheid van informatie. Wie eigendom overdraagt naar iemand anders via de blockchain stuurt een order het systeem in. Die orders komen terecht in zogenaamde ‘blocks’. Elke tien minuten controleert een netwerk van computers die blokken en na goedkeuring worden ze toegevoegd aan de ketting. Vanaf dat moment is de order onomkeerbaar. Blockchain creëert zo een lange keten waarbij individuen die elkaar niet kennen eigendom kunnen overdragen zonder tussenkomst van een derde partij. ‘Blockchain maakt vertrouwen in digitale vorm beschikbaar’, vat het ministerie van Economische Zaken het bondig samen.

Niet alleen in Zuidhorn spreekt dat tot de verbeelding. ‘Nederland innovatieland’ stort zich volledig op deze ontwikkeling. Zo is er de Dutch Blockchain Coalition, waarin de overheid, het bedrijfsleven en universiteiten de mogelijkheden onderzoeken. Daarnaast lopen er onder de vlag Blockchain Pilots, een door de rijksoverheid opgezet hip platform, dertig experimenten in gemeenten en op ministeries. Ook de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (vng) heeft al anderhalf jaar zo’n pilotprogramma lopen.

In Zaandam testen ze uit of trouwen en scheiden via de blockchain kan plaatsvinden, in Eindhoven willen ze zo grondeigendom vastleggen en in Drechtsteden gaan de parkeervergunningen voor invaliden voortaan in een gedecentraliseerde database.

‘Wat ik hier zie heb ik nog nergens anders in de wereld gezien. Nederland is verder dan bekende blockchainhubs als Dubai en Singapore’, zegt Vinay Gupta, werkzaam bij blockchaintoepassing Ethereum, waarmee mensen bindende contracten kunnen sluiten zonder tussenkomst van derden. Hij sprak die woorden uit in de Ridderzaal, waar in september vorig jaar een grote blockchainconferentie plaatsvond. Oud-minister Stef Blok deed een woordje en prins Constantijn opende het evenement. Volgens de prins barst het rond de veelbelovende technologie nu nog van de bubbels, hypes en fouten. ‘Maar uiteindelijk blijven de echte sieraden over: de nieuwe Googles en Amazons.’

Een ronde langs Nederlandse gemeenten die met blockchain experimenteren leert dat ze vrijwel allemaal nog in de ‘conceptuele fase’ zitten of ‘nog brainstormen’. Wie echt wil zien hoe blockchain lokaal kan worden toegepast, zo zegt iedereen, moet afreizen naar de groene plattelandsgemeente Zuidhorn, onder de rook van Groningen. ‘Amper een jaar geleden wilden we ook hier “iets met blockchain doen”’, zegt Erwin Van der Maesen de Sombreff, de ambtenaar die het idee intern opperde. Wat het moest zijn of wat ze ermee zouden kunnen, wist eigenlijk niemand. ‘Wat we wel wisten is dat het op ons af komt en disruptief is, vooral voor de overheid zelf. We konden afwachten of de vlucht vooruit kiezen’, zegt Van der Maesen de Sombreff. Die vlucht vooruit werd een stagevacature voor studenten gespecialiseerd in de technologie.

Vanaf dat moment is het snel gegaan. Nadat twee studenten waren aangenomen en het budget hadden gekregen om pilots uit te werken en mee te doen aan een belangrijke blockchainwedstrijd – die ze wonnen – stond Zuidhorn plots op de digitale kaart.

Twee maanden geleden werd het de eerste gemeente die een serieuze zorgtaak van de overheid, de kindpakketten, decentraliseerde. Eigenlijk opnieuw. Nadat eerst een hoop zorgtaken van de rijksoverheid naar de gemeenten gingen, wordt nu zelfs een zorgtaak gedecentraliseerd naar de burgers. Wat voorheen complex was en de inspanning van vele ambtenaren vergde, vindt nu plaats tussen burgers, ondernemers en zorgverleners met minimale tussenkomst van de gemeente.

‘Blockchain herbergt rechtse principes zoals het streven naar het verwijderen van “the middleman”’

In Zuidhorn neemt een algoritme nu een groot deel van de controle op kindpakketten over en zijn burgers zelf beheerder geworden van hun eigen stukje van de ‘chain’. En daarmee eigenaar van hun eigen data. ‘Het ideaal van het soevereine individu is een belangrijke drijfveer voor veel mensen in de blockchainbeweging’, zegt Maarten Velthuijs, de 24-jarige student die begon als stagiair maar Zuidhorn nu begeleidt bij het blockchainproject. Inmiddels doet hij dat vanuit zijn eigen stichting Forus, een samentrekking van for en us. Zes overwegend jonge programmeurs en consultants werken samen met een brede schare freelancers voor de stichting. De telefoon staat er roodgloeiend: ook andere gemeenten en organisaties als Stichting Vluchtelingenwerk willen blockchainoplossingen.

Dat uitgerekend Zuidhorn als kleine gemeente blockchainwedstrijden wint, komt doordat we het radicale ideaal van verandering echt hebben omarmd, zeggen ze op het gemeentehuis. Veel partijen zitten zichzelf nog in de weg, volgens Velthuijs: ‘De Rabobank zou nooit de bitcoin ontwikkelen. Waarom zou een bank een munt uitvinden die als doel heeft de banken buitenspel te zetten?’ Wethouder van Economie en Innovatie Fred Stol is het daar roerend mee eens: ‘Je moet bereid zijn je eigen positie te herzien. We zien de wereld heel snel veranderen en de overheid is al lang niet meer leidend. Wij worden stapsgewijs onderdeel van een netwerk in plaats van dat we daar vanuit een ivoren toren op neerkijken.’

Wereldwijd nemen de zorgen over blockchaintoepassingen juist toe. Niemand betwist de revolutionaire kracht van de decentrale-administratietechnologie, maar wel de intenties van ontwikkelaars die aan de wieg ervan staan. De Verenigde Naties, de ecb en het imf waarschuwen in verschillende rapporten of bij monde van bestuurders voor de ideologische opvattingen die verscholen liggen in de code van blockchaintoepassingen. Helemaal verwonderlijk is dat niet, aangezien uitgerekend zij zelf onder vuur liggen vanuit de blockchainbeweging.

Het weghalen van machtige tussenpersonen, zoals de overheid of banken, is een lang gekoesterde wens van online activisten. ‘Sinds de komst van het internet is hackersethiek doorspekt met anarchistische idealen’, zegt Tsjalling Swierstra, hoogleraar technologiefilosofie en ethiek in Maastricht. Opvallend is dat de blockchainbeweging vooral anarchisten van bepaalde snit aantrekt: anarchokapitalisten. In academische literatuur geoormerkt als ‘cyberlibertariërs’, technisch knappe koppen die geloven dat het internet een vrije en ongereguleerde markt moet zijn waarin individualiteit en eigendomsrecht leidend zijn.

‘Toen de eerste blockchaintechnologieën opkwamen herkende ik direct de uiterst rechtse economische ideeën van mijn tijd op Wall Street, daar waren complottheorieën over goud en de rol van de Federal Reserve heel dominant’, schrijft David Golumbia in een e-mail. Jarenlang was hij softwareontwikkelaar in de financiële sector, nu werkt hij als mediaprofessor aan Virginia Commonwealth University. Over de parallellen tussen rechtse economische opvattingen aan Wall Street en nieuwe blockchaintoepassingen schreef hij het boek The Politics of Bitcoin: Software as Right-Wing Extremism, dat vooral leest als een waarschuwing voor enthousiastelingen die nu achter de hype aan lopen terwijl ze andere denkbeelden aanhangen.

‘Blockchain herbergt een aantal intrinsiek rechtse principes zoals het streven naar het verwijderen van “the middleman”. Voorstanders noemen dat een onnodige schakel en vervelende bureaucratie, ik noem dat legitieme controle en regulatie.’ Volgens Golumbia past de brede omarming van blockchain in een decennialang streven om de overheid te verkleinen. ‘Het gevaar is dat door de snelle verspreiding van blockchaintechnologie ook de onderliggende filosofie zich verspreidt, en die is sterk gekant tegen democratische controle over economische ongelijkheid.’

Als voorbeeld noemt hij de blockchaintoepassing Ethereum, die op dit moment zeer in de belangstelling staat. Hiermee kunnen mensen wereldwijd ‘slimme contracten’ met elkaar sluiten zonder obstakels. De afspraken worden geprogrammeerd en zijn bindend doordat de contracten altijd zijn gekoppeld aan cryptogeld dat onderdeel is van het systeem. Een voorbeeld van zo’n slim contract is bijvoorbeeld een testament: als mijn neefje achttien wordt en ik ben overleden, dan gaat er een bepaalde hoeveelheid ether (internetgeld) naar zijn account. Dat kan over landsgrenzen heen en zonder hulp van een notaris of bemoeienis van de overheid geprogrammeerd worden. ‘Dit type contracten tussen mensen, zonder tussenkomst van anderen, is het soort systeem waar cryptolibertariërs al lange tijd naar zoeken’, zegt Golumbia. ‘Het faciliteert de vrije markt maar zet de overheid en externe controle buitenspel.’

Toen nieuwswebsite Vice vorig jaar vroeg naar de denkers waar Ethereum-oprichter Vitalik Buterin zich door laat inspireren, dreunde hij meteen de namen Ludwig von Mises, Friedrich Hayek, Milton Friedman, Thomas Sowell, Murray Rothbard en Ayn Rand op.

Small cropgroene blokchain klein 1

Die namen tieren welig op blockchainfora en cryptocurrency-websites. Vooral Von Mises, Rothbard en Hayek lijken daar in zwang. Niet de minste denkers, maar ze zijn ook zeker niet onomstreden. Ze maken deel uit van de Oostenrijkse Economische School, waar eind negentiende eeuw en gedurende de twintigste eeuw de neoklassieke theorieën werden geformuleerd die later het zaadje plantten voor wat we nu het neoliberalisme noemen.

Volgens technologiefilosoof Tsjalling Swierstra zijn er grote overeenkomsten tussen de aanhangers van blockchain en de opvattingen van de Oostenrijkse School. Beide vertonen een sterk geloof in cybernetisme, de systeemtheorie die beschrijft hoe biologische en mechanische systemen het best werken als ze zich constant voeden door interne terugkoppeling. De vele afzonderlijke onderdelen zouden het best functioneren als ze vrij zijn van externe ingrepen die dat proces kunnen verstoren. Noem het de wetenschappelijke onderbouwing van de onzichtbare hand van Adam Smith.

‘Hayek is sterk beïnvloed geweest door cybernetica, het sluit precies aan bij de kern van zijn vrijemarktverdediging: het idee dat de staat altijd dommer is omdat alle verspreide kennis in een samenleving niet goed te centraliseren valt’, zegt Swierstra. De blockchain herbergt eenzelfde overtuiging dat centrale aansturing en controle het altijd afleggen tegen een web van individuen die vanachter hun computer hun eigen behoeftes najagen. ‘Je zou in de technologiefilosofie het vrijemarktideaal moeten beschouwen als de voorloper van blockchain.’

Het is geen toeval dat deze technologie sterk is opgekomen tijdens crisisjaren, zegt René Penning de Vries, door het ministerie van Economische Zaken aangesteld als ‘Boegbeeld ict’: ‘Er is een vertrouwensprobleem ontstaan tussen de centrale macht en burgers. Door via blockchain mensen meer controle terug te geven over hun eigen data kun je tot nieuwe verhoudingen komen en kan het vertrouwen hersteld worden.’ Risico’s ziet hij ook: ‘Deze technologie komt voort uit een vrijgevochten nerdy omgeving die sterk libertarisch georiënteerd is. Veel ministeries en bedrijven zagen het een paar jaar geleden daarom als een donkere wolk boven hun hoofd. Inmiddels zien zij ook de voordelen en is het onze taak om met die overheden te onderzoeken hoe we dit op een verantwoorde manier laten landen in de samenleving.’

Het schrikbeeld is volgens hem de monopoliepositie van de big five uit Silicon Valley: de bedrijven Facebook, Apple, Amazon, Microsoft en Alphabet (het moederbedrijf van Google). ‘Zij domineren op dit moment het internet. Terwijl als je 25 jaar geleden had gevraagd of we dat nu gewild hadden daar nooit voor was gekozen. Dezelfde ethische en politieke vragen moeten we nu bij blockchain stellen.’

Wordt blockchain een facilitator van gemeenschappen of van wildwestcowboys?

Blockchain omarmen gaat gepaard met een machtsafname van de overheid, beamen de wethouders in Zuidhorn. De grote vraag is volgens hen niet of dat zo is maar waar die macht komt te liggen. ‘Als het om de stoplichten gaat blijven wij die als overheid echt wel leveren. En als er iemand door rood rijdt moet diegene direct worden gestopt’, zegt Stol. ‘Maar als het gaat om het organiseren of openhouden van een verzorgingstehuis of een nieuw voetbalveld kun je dat ook teruggeven aan de burgers.’ Er wordt al hardop gedroomd over wat nog meer via de blockchain geregeld zou kunnen worden na het kindpakket: vanzelfsprekend andere sociale potjes, maar ook kavelregistratie en duurzaamheidsleningen voor zonnepanelen.

Toegegeven, zegt de cda-bewindsman zittend naast zijn ChristenUnie-collega, deze omgeving is ideaal voor een blockchainexperiment. ‘Noaberschap (nabuurschap) en christelijke waarden zorgen ervoor dat de gemeenschap graag zaken zelf oplost en daar initiatief toe neemt.’ De wethouders wijzen graag door het raam naar buiten, waar het einde van het dorp te zien is en lange weilanden zich uitstrekken tot aan het volgende dorp. ‘Vroeger hebben we ons laten verleiden door het ideaal van de markt, ook hebben we heel sterk geleund op de overheid. Beide zijn niet zaligmakend gebleken. Mensen willen het hier samen met elkaar doen. Zonder centrale macht.’

In politiek-filosofische termen: de macht moet terug naar de commons, naar de gemeenschap. ‘Op een plek als Zuidhorn waar de bevolking redelijk homogeen is en onderlinge verbanden sterk zijn, is het gemakkelijker om dat te doen’, beaamt ook Maïka De Keyzer, onderzoeker naar ‘de commons’ aan de Universiteit Antwerpen. Uniek is het wel, zegt ze. ‘De geschiedenis leert dat het weghalen van centraal gezag niet automatisch leidt tot macht voor het collectief. Een kleine elitegroep of enkele individuen weten deze macht vaak te monopoliseren.’

Volgens haar is blockchain niet inherent links of rechts maar nieuw gereedschap dat de vorm aanneemt van de meest dominante ideologie die op dit moment door onze samenleving waart, dat is volgens haar nu individualistisch vrijemarktdenken. ‘Als we blockchain willen inzetten voor het beheren van collectief eigendom, dan moet dat denken wel eerst breder ontwikkeld zijn.’

Code is nooit neutraal. De mensen die technologie omarmen projecteren hun eigen wereldbeeld op dat waar ze aan sleutelen. De eerste en bekendste blockchaintoepassingen zijn cryptovaluta, online geld waarmee burgers buiten hun officiële staatsmunt handel kunnen drijven met elkaar. Een idee dat door Friedrick Hayek al in 1976 is beschreven in The Denationalization of Money, waarin hij zich verzette tegen centrale banken en stelde dat de staat geen monopolie zou moeten hebben op valuta. In libertarische denktanks wordt vandaag de dag graag teruggegrepen op dit 41 jaar oude betoog om nieuwe tech-initiatieven te prijzen.

De bekendste ‘cryptomunt’ bitcoin verbloemt haar ideologische opvattingen niet. De anonieme uitvinder – het pseudoniem Satoshi Nakamoto – schreef in november 2008, een maand nadat hij de blauwdruk voor zijn cryptomunt publiceerde, onomwonden dat zijn uitvinding ‘erg aantrekkelijk zou zijn voor mensen met een libertarisch wereldbeeld, als we het maar goed uitleggen. Maar ik ben beter met code dan met woorden.’

Wie beter naar die code kijkt ziet dat de munt zo geprogrammeerd is dat er uiteindelijk maar 21 miljoen van zijn, wat betekent dat net als bij goud de totale hoeveelheid eindig is. Een technologische keuze is dat niet. Het is een louter economisch en ideologisch besluit om schaarste te beschermen. En dat sterk aansluit bij het sterke sentiment onder libertariërs dat de ooit afgeschafte goudstandaard – die de waarde van de dollar koppelde aan goud – zou moeten terugkomen. Ondanks brede consensus onder economen dat het afschaffen van die standaard een goed idee was, blijken juist de keuzes van een klein groepje pleitbezorgers uit rechtse hoek doorslaggevend bij hoe nieuwe blockchaintoepassingen vorm krijgen. Het manifest van de Bitcoin Foundation is doorspekt met kritiek op ons huidige ‘fiatgeld’ en bevat een lofzang op de afgeschafte goudstandaard.

Die analogie met goud is er constant. Wie bitcoins wil verkrijgen kan ze simpelweg kopen maar ook minen. Delven in het Nederlands en een verwijzing naar het opgraven van goud. Bitcoin is zo gebouwd dat alle transacties in het gezamenlijk grootboek gecontroleerd moeten worden. Dat gebeurt via een algoritme en kost veel computerkracht. Wie die computerkracht ter beschikking stelt krijgt een vergoeding: de kans om bitcoins te delven. Net als bij echt goud wordt het vinden ervan steeds lastiger.

Daarmee grijpen de cyberactivisten terug op het soort romantiek dat in de Verenigde Staten wijdverspreid is onder conservatieve libertariërs: een diepgeworteld verlangen naar de tijd waarin Amerika nog een open vlakte was waar mensen ontsnapt aan het juk van Europese monarchieën een eigen bestaan konden opbouwen. ‘Het aardige van het libertarisme is dat het een erg egalitaire retoriek heeft’, zegt ook Swierstra. ‘Iedereen maakt kans. Maar we weten uit de geschiedenis dat gemeenschappen heel egalitair kunnen beginnen maar dat je zonder collectieve mechanismen in rap tempo grote machts- en inkomensverschillen krijgt. Daar moet je dan collectief dwingende regels voor verzinnen om dat op te lossen, maar daar willen libertariërs niet aan.’

Opvallend is dat net als bij de echte Californische goudkoorts in de negentiende eeuw er mensen van het eerste uur zijn die voor miljoenen euro’s aan bezit hebben opgebouwd, terwijl zij die zich nu melden de portemonnee moeten trekken of mogen hopen dat ze nog een klompje kunnen delven door mee te draaien in het bitcoinsysteem. Hoe groter de computerkracht, des te groter de kans dat je iets ‘opgraaft’. In de praktijk betekent dit dat een handjevol gigantische bedrijven, veelal in China, nu vrijwel alle transacties controleren en eraan verdienen. Van gelijke kansen is geen sprake meer. Degenen met geld of kennis domineren de software waar in principe gebruikers gelijke invloed op hadden moeten hebben.

Wordt blockchain een facilitator van gemeenschappen of van cowboys in een wildwest-omgeving? Die tweespalt is tekenend voor hoe politieke organisaties wereldwijd vertwijfeld naar blockchain kijken. Het is revolutionaire technologie waarvan velen de technologie graag willen, maar de revolutie niet. De oplossing is dan vaak om voor een ‘besloten blockchain’ te kiezen. De aanvankelijk kritische Verenigde Naties gebruiken op dit moment blockchain om noodhulpvoedselprogramma’s in Jordanië slimmer en transparanter uit te voeren. Ze gebruiken de slimme technologie in een gesloten context. Het systeem en de data blijven zo eigendom van de organisatie en ze kunnen zelf bepalen wie kunnen deelnemen en wie niet. Blockchain is zo niets meer dan een optimalisatietechnologie.

Banken omarmen inmiddels de cryptomunt ripple, die de voordelen geniet van blockchaintechnologie maar door een centraal gestuurde organisatie wordt beheerd. En dus niet het disruptieve karakter kent dat bitcoin en andere populaire geldalternatieven kenmerkt. Voor cyberlibertariërs van het eerste uur een doorn in het oog. Zij vrezen dat hun libertarische omwenteling in de kiem wordt gesmoord; dat uiteindelijk overheden aan de knoppen blijven draaien en niet een publiek algoritme.

De wethouders Bert Nederveen en Fred Stol op het gemeentehuis in Zuidhorn kozen bewust – en in tegenstelling tot veel overheidsorganen – voor een publieke blockchain. ‘We geloven in deze technologie en wilden dus per se een openbare blockchain opzetten. Zodat de macht ook echt bij de gemeenschap komt te liggen.’ Wel was het van doorslaggevend belang dat de studenten die het ontwikkelden dat zouden doen vanuit een stichting. ‘We wilden ze wel netjes betalen natuurlijk maar voorkomen dat geld en commerciële belangen het doel zouden worden’, zegt Bert Nederveen. ‘Wat hier wordt gemaakt is voor de gemeenschap en moet dat ook blijven.’

Vanachter de deur van het kantoor waarin de wethouders hun verhaal vertellen, dromt langzaam het feestgedruis van een aanstaand oudejaarsfeest binnen. Het 150 man tellende gemeentehuis viert elk jaar ter afsluiting een groot feest, inclusief quiz, optredens en borrel. Het is maar de vraag hoe lang dat nog op deze locatie zal gebeuren. De gemeente wil stapsgewijs ‘het gemeentehuis’ afschaffen en via digitale systemen los van elkaar kunnen werken.

‘Onze medewerkers moeten per 1 januari 2019 met laptops in de buurthuizen zitten om de burger direct te bedienen’, zegt Stol. ‘Als gelijke en als onderdeel van een gemeenschap. Zonder hiërarchie, zonder gedoe. Dat past bij een gemeenschap waar de overheid niet langer leidend is.’