Blonde stormram

Deze keer geen zure trekmond of een verongelijkte blik, maar een brede lach toen hij zei: ‘Het onmogelijke is gebeurd.’ Kernachtiger had Geert Wilders zijn eigen overwinning in Scheveningen niet kunnen verwoorden. Anders dan de opiniepeilingen de afgelopen weken aangaven, werd het geen bescheiden overwinning.

De PVV kwam gisteren toch nog onverwacht als de grootste winnaar van de verkiezingen uit de bus en groeide daarmee uit tot de derde partij van Nederland, nog vóór het CDA. Voor anderhalf miljoen Nederlanders is zijn campagneleuze ‘hoop en optimisme’ geen semantische ironie gebleken - en dat cijfer ramt er keihard in: vanaf 9 juni 2010 is Geert Wilders onomkeerbaar een serieuze machtsfactor geworden. Al is het maar als oppositieleider.

Hoe anders is dat dan tot nu toe? Los van Wilders’ pleidooi voor het nemen van regeringsverantwoordelijkheid - hij vindt dat ‘Den Haag’ niet om hem heen kan en wil met ‘iedereen’ praten - en het speculeren over een brede rechtse coalitie, zal hij door deze overwinning worden gesterkt. Met 24 zetels in de Kamer kan hij het politieke klimaat in Nederland verder ontwrichten, en de polarisatie in de samenleving doen toenemen. Dat is niet hoopvol, en stemt pessimistisch. Allochtonen zullen zich de komende jaren onverminderd onbehaaglijk voelen in Nederland.

Wat was het een verademing dat de verkiezingsdebatten niet werden gedomineerd door integratie, de pikzwarte kanten van de migratie en de dreigende islamisering van Nederland, maar gingen over een noodzakelijke hervormingsagenda om Nederland uit de economische crisis te trekken. Wilders probeerde tijdens de debatten wel om als de oude redenaar Cato telkens weer alles tot migratie en islamisering te herleiden, of het nu om de gezondheidszorg ging of de woningmarkt. Dat leek vooral hilarisch, net als zijn uitspraak dat hij spijt had dat hij zich had vergist dat Marokkanen niet vijf maar zes keer crimineler zijn dan autochtonen. Nu de uitslag van de verkiezingen bekend is zal velen het lachen wel vergaan.

In de stilte van het stemhokje is gekozen voor een man die zijn nieuwe fractiegenoten oproept om een stormram mee te nemen naar Den Haag. Er is gekozen voor onvrede. In de verkiezingen onder scholieren kwam hij gisteren zelfs als grootste uit de bus met dertig zetels - en dat is onomkeerbaar een ruk naar rechts.

Wilders mag nu wel triomfalistisch feest vieren, de wrok ligt op de loer. Een rechtse coalitie lijkt zo'n krappe meerderheid dat regeringsdeelname een illusie lijkt - los van het feit of VVD en CDA dat al zouden willen, in deze tijden van crisis. De rechtszaak tegen hem wacht nog op voltooiing. Het zijn beide omstandigheden waar hij de boter uit kan braden. Als oppositieleider zal hij waarschijnlijk nog hoger van de toren blazen dan hij nu al doet.

De winst van Wilders is beschamend. Hij heeft zijn punten al gescoord, zijn harde standpunten over migratie en integratie zijn allang overgenomen door andere partijen, de VVD voorop, en kon eerst nog worden gedacht dat hij als hardhandige vroedvrouw moslims zou dwingen zich tot gematigdheid uit te spreken, nu staat ons louter verharding te wachten. Ook al is premier Wilders ons bespaard gebleven, in het buitenland zal het beeld van het tolerante Nederland definitief zijn gesneuveld. Met de massieve steun voor de PVV past de partij in het rijtje van, onder meer, het Vlaams Blok (nu Vlaams Belang) en de FPÖ van wijlen Jörg Haider.