Boekhandel

Er schuilt iets ironisch in het feit dat boekverkopers nu weer het meeste invloed hebben op de verkoop van lite­ratuur. Boekverkopers zitten in het invloedrijke programma De wereld draait door en wat zij aanbevelen, wordt een succes.

De recensent in krant en tijdschrift wordt naar de achtergrond gedrongen.

Het ironische is dit: het gaat niet goed met het boekenvak, hoor ik. Men koopt nog wel boeken, maar toch minder dan vroeger. Internet is een bedreiging, plus de gedaalde kosten voor de uitgever om een boek te fabriceren, zodat de boekenmarkt overspoeld raakt.

De boekhandelaar kan nu niet alleen boeken verkopen, maar hij kan ook zelf bepalen welke boeken een succes worden.

Het oogt als een win-win-situatie: de aandacht die het boek krijgt, is voordelig voor het programma van Matthijs, is voordelig voor de boekhandel en is voordelig voor de auteur.

Daar komt nog iets bij. Door de formule van het programma (‘de beste boeken van deze maand’) zien we de slechte boeken niet. Een boekhandelaar zal ook niet snel zeggen: ‘Ik heb nu een boek gelezen en dat was heel slecht.’ Hij deprecieert dan zijn eigen handel. Doet hij dat toch, dan levert hij, behalve zichzelf, ook de schrijver en de uitgever een streek.

Hoe slecht zou ik zijn?

Heel slecht, denk ik – en daarom ben ik ongeschikt om aan dat programma mee te doen.

Ik bedoel: mijn tweede droom is om boekhandelaar te zijn. Ik heb er vele, vele malen serieus over nagedacht. Steeds als ik dreigde ontslagen te worden, dacht ik: ik ga een klein boekwinkeltje beginnen. Vrienden en vriendinnen van mij hebben dat ook gedaan.

Maar als ik dan voor zo’n programma van Matthijs van Nieuwkerk gevraagd zou worden, dan ontwaakt in mij de geslepen ondernemer. Ik zou dan vooral de boeken gunstig bespreken waaraan ik het meest kon verdienen. Dus boeken die veel geld kosten. Bij goedkope boeken heb je meer omzet nodig, dat is lastig als je een klein winkeltje hebt.

Ik hou van literatuur (echt waar), maar als het gaat om de verkoop ervan zou ik eerder idealisme suggereren dan een literaire idealist zijn.

(‘Dit schitterende boek van Kaboeki Doeki vind ik echt groots. Het kost inderdaad 250 euro, maar het is een bezit voor het leven, ­Matthijs.’)

Nu is er nog een andere trend die hier tegenin gaat.

Bijzondere boeken zijn tegenwoordig goedkoop. Hoe komt dat? Nou, bijzondere boeken betreffen vaak studies die rijk geïllustreerd zijn. Zo’n boek zou geen uitgever willen en kunnen uitgeven ware het niet dat de schrijver er vaak via fondsen subsidie op krijgt. Die fondsen willen graag de uitgave steunen – en niet de schrijver. Wat je dan krijgt, is een goedkoop boek. Ik geef toe, bij literatuur ligt dit anders. Maar bij boeken over literatuur weer niet.

Ik heb mijn droom om boekhandelaar te worden niet opgegeven, en voor uitgeven heb ik geen talent. (Ik heb wel eens wat in eigen beheer uitgegeven, wat om niet bij mij kan worden opgehaald. De God Onverkoopbaar, zoals uitgeverij Van Oorschot eens zei over W.F. Hermans’ boek De God Denkbaar Denkbaar de God.)

De boekenmarkt weerspiegelt ook onze crisis, vermoed ik.