Menno Hurenkamp

Boeven vangen op maat

Goddank gaat het slecht met de economie. Het betekent dat veiligheid als politiek thema even uit de belangstelling verdwijnt. (Voorpagina Het Parool van 2 januari: «Er is een veiligheidsprobleem aan de kust doordat de kracht van de golven harder is dan tot nu toe aangenomen.») Dat biedt weer ruimte in de discussie over boeven vangen en opsluiten. Waarom kondigt de hoofdcommissaris van politie te Amsterdam Jelle Kuiper aan dat a) de misdaad in de hoofdstad substantieel daalt en hij b) meer cellen wil? Minder misdaad is dus niet minder boeven, of is er wat anders aan de hand?

De politie sloot onlangs een prestatiecontract met de minister van Binnenlandse Zaken. Dit jaar moet onder meer een minimaal aantal boetes worden uitgedeeld. Lukt dat niet, dan volgen sancties en vliegt er desnoods iemand uit — de verantwoordelijke chef of de burgemeester, die uiteindelijk de baas van de politie is. Het is de geest van Eduard Bomhoff die nog rondwaart in Den Haag: meten is weten, ook voor de politie. Veel mensen zijn hier tegen, maar waarom? Als je zulke eisen aan de politie stelt, zullen de dienders alleen die zaken doen die bijdragen aan de cijfers, stakkers pakken en de moeilijke gevallen laten lopen. Eventjes met de bezem over de Wallen en je quotum voor die maand is weer binnen. Je beloont zo slecht gedrag, zeggen de critici.

Het werkt zo als je als bestuurder een getal vastlegt in de wet en er verder niet naar omkijkt. Maar dat hoeft niet. Rudy Guiliani was tot voor kort burgemeester van New York. Hij beschrijft in een recent boek hoe zijn stadsbestuur de politie van de Big Apple dagelijks confronteerde met de nieuwste misdaadcijfers van de verschillende buurten. Met een digitale kaart liet hij de New Yorkse politie blok voor blok bijhouden waar criminaliteit ontstaat of dreigt te ontstaan. De agenten mochten wekelijks aan het bestuur uitleggen waarom het in hun buurt slechter of beter ging dan in een andere buurt.

Er valt veel commentaar te leveren op het pocherige relaas van de rechtse houwdegen Guiliani, maar zowel de lichte als de zware criminaliteit in New York is over een termijn van verscheidene jaren significant gedaald. Prestatieafspraken zijn dus niet volledig zinloos. Alleen moet in het Nederlandse geval de ene overheidsdienst (het justitieapparaat) mee willen werken met de andere (de politie). Dat kost meer geld, en dat moet nu van het ministerie van Justitie komen. De eerder genoemde Eduard Bomhoff klapt in zijn boek Blinde ambitie uit de school dat dit ministerie niet zo goed weet wat een gevangeniscel eigenlijk kost. Daarom krijgt het departement geen cent van het machtige ministerie van Financiën.

Jelle Kuiper weet vast wel dat hij zijn cellen zeker niet krijgt als hij zo dom is om te verklappen dat hij de misdaadcijfers ook zonder extra gevangenissen al omlaag krijgt. Stel nu dat hij zorgt voor wat wisselgeld als de prestaties achterblijven? Als hij zijn prestatienorm niet haalt, ligt dat natuurlijk aan het cellentekort. Zo verdwijnt het veiligheidsvraagstuk weer eventjes uit de wijken en richting de polder. Na de introductie van gedachtegoed over de doodstraf is dat bijna een verademing.