Bombarderen helpt niet

Het besluit om vier Nederlandse F-16’s naar Syrië te sturen om daar doelen van Islamitische Staat te bombarderen zit in de molen van de onafwendbaarheid. Op Amerikaans verzoek gaan we daar meedoen.

Minister Koenders sprak over een gamechanger, waarmee hij bedoelde dat de regels van het spel zijn veranderd. Wat is het spel? De oorlog tussen de terreurbeweging van IS en het Westen. Eigenlijk ligt de verantwoordelijkheid voor de verandering bij IS. De terroristen hebben het front uitgebreid, aan het begin van dit jaar door de aanslag op de redactie van Charlie Hebdo, daarna de moordpartij in Parijs en vorige week de moorden in Amerika, San Bernardino. In het vervolg op 9/11, de verwoesting van de Twin Towers, noemen we de aanslagen in Parijs nu 13/11.

Nederland heeft als lid van de EU en de Navo een reeks bondgenootschappelijke verplichtingen waaraan alleen valt te ontkomen als we bereid zouden zijn onszelf in de westelijke wereld buitenspel te zetten. En kennelijk zijn onze bondgenoten van mening dat het ogenblik voor een substantiëlere Nederlandse inzet is gekomen. We bombardeerden al in Irak maar dat is niet voldoende. Dus binnenkort gooien onze F-16’s bommen op IS in Syrië. De grote vraag blijft of het zal helpen.

De oorlog tussen het Westen en het moslimterrorisme duurt nu meer dan veertien jaar. Na 11 september wilden de Amerikanen Osama bin Laden doden. Hij zou zich schuil houden in het Tora Bora-gebergte in Afghanistan. Dat werd zwaar gebombardeerd als inleiding tot de oorlog tegen al-Qaeda. Ook Nederland stuurde troepen. Bin Laden werd jaren later gedood door Special Forces in Pakistan. In een groot deel van Afghanistan hebben de Taliban het voor het zeggen en er komen nu veel vluchtelingen vandaan.

Hoe kunnen we IS in het hart treffen?

Het volgende bedrijf was de oorlog tegen het Irak van Saddam Hoessein. Weer begonnen met een zwaar bombardement op Bagdad, onder de code shock and awe. Aan de daarop volgende grondoorlog heeft opnieuw een Nederlands detachement meegedaan. Weer werd er geweldig gebombardeerd maar het hielp niet. Intussen is Irak een verwoest land, de oorlog heeft meer dan honderdduizend mensen het leven gekost en de stad Mosul hoort tot het gebied waar IS het voor het zeggen heeft. Bovendien is deze oorlog onder valse voorwendsels begonnen en ook daaraan was Nederland medeplichtig.

Daarna hebben we nog de mislukking van Libië gehad, Obama’s strategie van no boots on the ground en leading from behind en intussen was de heksenketel in Syrië begonnen. En intussen was IS ontstaan, op de puinhopen van de naties die het Westen weer naar de beschaafde wereld wil bombarderen. De grote vraag van nu is of we daarin zullen slagen.

De ervaring van deze eeuw leert dat de oorlogen van het Westen in het Midden-Oosten vier resultaten hebben: enorme aantallen doden, geweldige puinhopen, verwoeste staten en honderdduizenden vluchtelingen die alleen al door hun aantallen dreigen onze samenleving te ontwrichten. Met de beste voornemens zijn we de strijd begonnen. Het was de bedoeling welvarende democratieën te stichten, en het resultaat is volstrekt tegenovergesteld. En dan verzuimen we onszelf de vraag te stellen wat daarvan de oorzaken zouden kunnen zijn.

Hiermee wil ik niet zeggen dat we een rechtvaardiging of een excuus voor de wreedheden van IS moeten aanvoeren. Het blijft voor het Westen een dwingende noodzaak zich zo doeltreffend mogelijk tegen de terreur te verweren. Daarvoor bestaan twee manieren die gelijktijdig kunnen worden toegepast: verdediging en aanval. Al meteen na 9/11 is het Westen begonnen met het perfectioneren van de verdediging. Na de aanslagen in Parijs hebben we in Brussel gezien tot welke verlamming dat kan leiden. En we zien ook dat IS succes heeft met de uitbreiding van het front naar ons gebied. Toch blijft georganiseerde achterdocht onze beste verdediging.

Het gaat hier om de aanval. Hoe kunnen we IS in het hart treffen, buiten gevecht stellen, zonder daarbij de puinhopen aan te richten die ook al het gevolg waren van vorige militaire expedities? In de afgelopen veertien jaar is aangetoond dat bombarderen niet helpt, terwijl het sturen van grondtroepen te kostbaar is geworden. Een voorlopig uitzichtloos dilemma dat met onze vier F-16’s niet zal worden opgelost.