Commentaar: Bommenmoe

Bommenmoe

Dat Nederlandse kranten hun koppen niet meer laten schreeuwen over bomaanslagen in Israël, daar kijkt niemand van op. Maar ook in Israël zelf slaat de bommenmoeheid toe. Zondagochtend nog reet een explosief in de kustplaats Netanya de kamikazedader en drie Israëli’s uiteen. Grenzen met de bezette gebieden op slot; straffe taal van de chef-staf over het intensiveren van de strijd tegen de Palestijnse terreur; groots speuren van de politie naar verdachte personen en pakketjes: geen Israëli kijkt daar nog van op.

Ook een opzienbarende uitlating met betrekking tot de Palestijnse opstand kon de Israëlische gemoederen niet beroeren. Vorige week meldde de Palestijnse communicatieminister Imad Faluji tijdens een bijeenkomst in Libanon dat de nog immer voortrazende «tweede intifada» «zorgvuldig was gepland» sinds Arafats terugkeer van de mislukte Camp David-besprekingen. In brede kring werd al langer getwijfeld aan het spontane karakter van de gevechten. Nu is inderdaad duidelijk dat het ging om een koel staaltje Palestijnse machtspolitiek, bedoeld om een vredescompromis buiten beeld te houden. De nieuwe intifada betekende het einde van het vredesstreven van de Arbei ders partij, aangevoerd door Barak. Hij dolf het onderspit tegen Likud-havik Sharon, wiens bezoek aan de Tempelberg vóór de ontboezeming van Faluji alom werd gezien als de oorzaak van het nieuwe geweld. In nota bene door hem zelf uitgeschreven verkiezingen.

De Israëli’s lijken nauwelijks te malen om Faluji’s uitspraak. Zij «wisten» dit immers allang en maakten Sharon tot premier. Een symbolische daad tegen de vrede. Sharon heeft zijn kabinet van nationale eenheid ongeveer rond. Over vrede wordt nauwelijks meer gesproken. Het gaat nu om «nieuwe maatregelen» tegen de Palestijnen. De vrees is dat daarmee zo’n beetje het hele Israëlische politieke spectrum — inclusief de aanvankelijk op vrede beluste Arbeiderspartij — gecompromitteerd zal raken.

Hoeveel jaren leeft men al met bommen, en hoeveel jaren zullen nog volgen, met een Likud-havik aan het roer? Israëlische media hebben daarover wel genoeg gespeculeerd. Dus zette Ha’aretz twee dagen na de aanslag in Netanya op de voorpagina een ander, óók verontrustend bericht. «Negen verkeersdoden op één dag.» Israëli’s zijn berucht om hun rijstijl. Dit jaar vielen al 96 dodelijke verkeersslachtoffers. Maar, zo sluit Ha’aretz het stukje af, het aantal asfaltdoden daalt. Waren het er in 1999 nog 552, vorig jaar vielen er «slechts» 511. Had de krant toch nog iets positiefs te melden.