Boomsma voor de rechter

Schrijvers horen niet voor de rechtbank thuis. Hun enige rechter zij de recensent. Als de buitenwacht zich met de materie bemoeit, lijdt dit onveranderlijk tot ongelukken. Bijvoorbeeld in het geval waarin W. F. Hermans de katholieken zou hebben beledigd. Of in het geval dat G. K. van het Reve zich aan godslastering schuldig zou hebben gemaakt. Het leidde tot vrij clowneske rechtsgedingen, die voornamelijk hebben aangetoond dat juristen zelden boeken lezen, het wetboek van strafrecht wellicht uitgezonderd.

Maar welke politiek en historisch verblinde dwaas heeft besloten de schrijver Graa Boomsma voor de kadi te slepen? Het geding dat donderdag voor de Groninger meervoudige kamer dient, is niet zozeer een farce als wel een schandaal. Het is gebaseerd op een uitlating van Boomsma in het Nieuwsblad van het Noorden, naar aanleiding van zijn boek De laatste tycoon, dat onze koloniale oorlog tot onderwerp heeft. In deze oorlog hebben sommige Nederlandse soldaten zich misdragen. Allicht - zij dienden in het leger van generaal S. H. Spoor, niet in het Leger des Heils. Of, zoals Boomsma het formuleerde: ‘Kort na de oorlog schreven de communisten: “Maak van onze jongens geen SS'ers.” Ik denk dat dat weerspiegelt wat er aan de hand was. Ze waren geen SS'ers, nee, ook al konden ze door de dingen die ze deden er wel degelijk mee worden vergeleken. Maar ze werden ertoe gedreven. Schoten ze niet, dan liepen ze de kans door een meerdere te worden neergeschoten. “Befehl ist Befehl”, “de ondergeschiktheid is de ziel van de militaire dienst”. Zoiets raak je nooit meer kwijt.’
Als een dergelijke genuanceerde stellingname al tot strafrechtelijke vervolging leidt, kunnen wij - schrijvers, journalisten - veiligheidshalve beter de bijl in onze tekstverwerker zetten.
Nota bene zegt Boomsma eigenlijk dat 'onze jongens’ geen SS'ers zijn geweest. Terwijl wij inmiddels weten dat een aantal hunner - de schatting loopt van 15.000 tot 30.000 stuks - wel degelijk het SS-kostuum heeft gedragen, zij het een oorlog eerder. Ik verwijs naar De Groene Amsterdammer d.d. 15 september 1993, waarin wordt vastgesteld dat zij door de Nederlandse overheid ter reclassering de kampongs zijn ingezonden. Blijkens document I: 'Soldaat worden, zeeman, geplaatst worden als dienaar van het gezag op een meer afgelegen post in den Indonesischen archipel enz., zijn stellig de beste mogelijkheden.’ En blijkens document II, met het voorstel om de Nederlandse SS'ers goed te laten maken wat zij hebben misdreven. Aldus: 'Aan deze SS-soldaten, die met de wapenen zondigden tegen hun volk, zou de gelegenheid gegeven moeten kunnen worden thans met de wapenen dat volk te dienen en zoo zichzelf te rehabiliteren. Deze gelegenheid ligt voor hen in Nederlandsch-Oost-Indie".’
En zulks geschiedde.
De openbare aanklager heeft reeds van tevoren laten weten - het is een novem in de rechtspraak en tekent de opgefoktheid van de affaire - wat zijn eis zal zijn: vijfhonderd gulden boete. In theorie is het denkbaar dat de rechtbank hier gehoor aan geeft, al zou het mij verwonderen. Het is in elk geval ondenkbaar dat zo'n vonnis straks, in hoger beroep, niet tot de grond zal worden afgebroken.