Film

Borats denkfout

Film Borat

Sacha Baron Cohens malle Kazakstaanse reporter Borat is een heerlijke creatie, maar de speelfilm waarin hij nu zijn verschijning maakt, is mislukt, zowel als parodie op het leven in niet-westerse landen als politieke en sociale satire waarin Amerika op de hak wordt genomen. En dan is er ook nog de Borat-hype. Het pijnlijkst is de gewaarwording dat een bezoek aan de bioscoop niet eens nodig is voor diegenen die de afgelopen twee weken in Nederland de kranten hebben gelezen en naar de televisie hebben gekeken. Want Borat maakt keer op keer dezelfde grappen, in de film, maar ook voor de camera’s tijdens zijn zorgvuldig bedachte optredens tussen de prostituees op de Amsterdamse Wallen, op een persconferentie en op de sofa in het praatprogramma van Robert Jensen. Vervolgens blijft vrijwel niets over in de film Borat, op de individuele genialiteit van Baron Cohen na.

Regisseur Larry Charles, bekend als producent van de sitcom Seinfeld, begint zijn film sterk. We leren Borat kennen als de dikwijls ontwapenende verslaggever die vol moed zijn wereld aan de camera toont: een buurman met afgunst en moord in de ogen, een wanstaltige echtgenote, een dorpsverkrachter en een zuster die met alles en iedereen naar bed gaat. Dan stapt Borat samen met een dikke, vieze producent op het vliegtuig om een documentaire over het leven in Amerika te maken.

Hier ontspoort de film onomkeerbaar, en ik vermoed dat de reden ervoor te maken heeft met iets wat verdacht veel op een denkfout lijkt. Namelijk: het idee achter Borat is kennelijk het op satirische wijze becommentariëren van het politieke en sociale leven in Amerika. Hiertoe bedienen regisseur Charles en scenarist Baron Cohen zich van de benaderingswijze waarbij de vreemdeling als buitenstaander met nieuwe ogen naar het alledaagse kijkt. Dat kan boeiend zijn, ook al is het bepaald niet nieuw. Begin jaren tachtig maakte Paul Mazursky bijvoorbeeld het mooie Moscow on the Hudson, waarin Robin Williams de rol van een Russische immigrant vertolkte, en meer recent speelde Tom Hanks de rol van Viktor Navorski in Steven Spielbergs The Terminal, een onderschatte film waarin blijkt hoezeer Amerika een land is dat bestaat bij de gratie van etnische diversiteit. De meeste Amerikanen accepteren diversiteit als een vanzelfsprekend kernonderdeel van de nationale identiteit, omdat de Amerikanen zelf verschillende etnische achtergronden hebben. Op lugubere wijze blijkt deze aanvaarding bijvoorbeeld uit het feit dat de kapers van de 9/11-vluchten ongestoord vlieglessen konden volgen, zonder dat de instructeurs of de vliegscholen er al te veel aandacht aan besteedden. Ook in Borat is de normaliteit van het anderszijn evident als de reporter rijlessen krijgt. Hoe Borat ook zijn best doet om ‘anders’ te zijn, door zichzelf tot de belichaming van de Ander te maken, zijn rij-instructeur blijft lachen en lesgeven. Dan probeert Borat, nu desperaat: ‘Dus ik ben je vriend?’ Waarop de instructeur beleefd en ietwat verveeld antwoordt: ‘Ja, ja, je bent m’n vriend.’ Zo zit de film vol met voorbeelden van Borat die zich als een halve gare gedraagt om reacties te ontlokken. Wanneer die grotendeels uitblijven, ontstaat de indruk dat Borat in Amerika helemaal niet een vreemde eend in de bijt is. In een land vol gekke mensen en etnische minderheden past Borat eigenlijk volmaakt. Hierdoor verliest de film alle scherpe kantjes.

Wat overblijft is de meesterlijke comedy van Sacha Baron Cohen. Als personage is Borat heerlijk, vooral met die gekke snor waardoor hij veel doet denken aan Groucho Marx. Het is trouwens denkbaar dat Groucho voor Baron Cohen een inspiratiebron is geweest. Ook het vreemde stapje van Groucho is terug te vinden bij Borat. Zo is Borat een prachtige figuur. Hij is helaas terechtgekomen in een lelijke film.

Borat: Cultural Learnings of America for Make Benefit Glorious Nation of Kazakhstan

Vanaf 2 november