Boris jeltsin wordt steeds democratischer

Boris Jeltsin wil nog steeds niet zeggen of hij meedoet aan de presidentsverkiezingen van juni. De Russische tv-kijker weet wel beter. Op het avondjournaal trotseert de president dezer dagen met een helm op de sneeuwstorm in de bouwput aan het Moskouse Manegeplein. Of hij drinkt een beker kwas bij het Russische antwoord op McDonald’s. Een zaal studenten krijgt van Jeltsin te horen dat hij hun beurs met twintig procent zal verhogen. De volgende dag kondigt hij plechtig aan dat iedereen voortaan zijn loon op tijd uitbetaald krijgt. ‘s Middags geeft hij genereus enkele miljarden dollars weg aan de wederopbouw van Tsjetsjenie. Een president die in een paar dagen zoveeel onvervulbare beloften doet, wil worden herkozen.

Het wordt geen gemakkelijke strijd voor Jeltsin. Hoe strak zijn adviseurs de gordijnen van het Kremlin ook gesloten houden, het is nu zelfs tot de president doorgedrongen dat het Russische volk zich massaal heeft afgekeerd van het soort hervormingen dat zijn ambtsperiode heeft getypeerd. Het IMF en de Amerikaanse regering mogen vinden dat het monetarisme voor Rusland de enige weg is, de overwinning van de communisten en nationalisten in de parlementsverkiezingen van december heeft laten zien dat de meeste Russen er anders over denken. Wie financiele stabilisatie wil bereiken door lonen en pensioenen niet uit te betalen en vrije verkiezingen houdt, kan rekenen op een afstraffing.
Het moet gezegd, Jeltsin handelt sinds de parlementsverkiezingen democratischer dan de raadgevers aan de overkant van de oceaan zouden willen. Voor zijn herverkiezing is Jeltsin bereid gebleken om radicaal te breken met zijn eigen beleid, en vooral met de politici die dat beleid uitvoerden. Van de beide oppositiepartijen die in december de meeste stemmen behaalden, de communisten en de nationalisten, heeft de president inmiddels het platform gestolen. En als Jeltsin over de economie praat, is het net of de communistische partijleider Zjoeganov zijn zoveelse bijtende kritiek op het regeringsbeleid ten beste geeft. De laatste radicale hervormer in het kabinet, Anatoli Tsjoebais, kon vertrekken met een trap na uit het Kremlin. Het was zijn schuld dat de mensen tegen de regering hadden gestemd, zei Jeltsin.
In het nieuwe sociale klimaat hoeven Ruslands miljoenen bejaarde kiezers niet meer maandenlang op hun pensioen te wachten. De oneerlijke privatisering is een halt toegeroepen. In plaats van Tsjoebais is de directeur van de verliesgevende Lada-fabrieken benoemd. Die zal ervoor zorgen dat de vaderlandse industrie eindelijk steun ontvangt en minder aandacht besteden aan het beperken van de uitgaven.
Het andere grote obstakel voor Jeltsin is de impopulaire oorlog in Tsjetsjenie, die hem wel eens het presidentschap kan kosten, zoals de Vietnam-oorlog voor Johnson. Hier lijkt de vernieuwde president Jeltsin vooral te luisteren naar de ultranationalist Zjirinovski. Die waarschuwde onlangs dat als Jeltsin niet binnen een maand alle Tsjetsjeense dorpen zou bombarderen met napalm, hij gegarandeerd in juni de verkiezingen zou verliezen - en dat Zjirinovski zelf het bombardement op 1 juli alsnog zou uitvoeren. Het Kremlin greep de gijzelingscrisis in Dagestan aan om deze theorie in praktijk te brengen. De Tsjetsjeense bandieten moesten koste wat kost om zeep worden geholpen.
Hier ging het mis. In plaats van de kracht van de staat toonden Jeltsins blunderende generaals in Pjervomajskoje vooral de zwakte van de strijdkrachten en hun eigen incompetentie. Ze waren grof genoeg om het dorp inclusief de gijzelaars plat te bombarderen, maar niet mans genoeg om de ontsnapping van de meeste rebellen met hun gijzelaars tegen te gaan. De leugens waarmee de officiele woordvoerders het debacle begeleidden, werden met de dag ongeloofwaardiger.
Jeltsins zelf herhaalde voor de televisiecamera’s op kinderachtige wijze de onwaarschijnlijke verhaaltjes die hem door zijn generaals op de mouw waren gespeld om hun falen te verbergen. Hij verklaarde de operatie een succes: de Tsjetsjeense leider Doedajev had zijn lesje geleerd. Enkele dagen later hielden de rebellen hun triomfantelijke eerste persconferentie in Tsjetsjenie.
De commentatoren konden niet kiezen of ze nu medelijden met de president hadden of dat ze zich voor hem schaamden. Medelijden is moeilijk op te brengen, want iedereen in Rusland vindt dat de oorlog in Tsjetsjenie Jeltsins eigen schuld is. Andrej Piontovski van het Instituut voor Strategische Studies koos dan ook voor het tweede: ‘Het algemene gevoel is een gevoel van schaamte voor onze president. Hij is een schandvlek, een intellectueel en fysiek incompetent man.’
Jeltsin zal nog heel wat kwas moeten drinken en bouwputten bezoeken, voordat hij deze indruk heeft weggewerkt. Zo is de Jeltsin nieuwe stijl al meteen bij zijn geboorte mislukt. Hoe hard hij ook optreedt, Jeltsin roept eerdere associaties op met de nadagen van Brezjnev dan met de dageraad van een trots regime.
Op economisch gebied heeft Jeltsin in ieder geval de macht om geld uit te delen aan die lagen van de samenleving die het meest onder zijn hervormingen hebben geleden. Maar hoe geloofwaardig is een president die jarenlang de welvaart van zijn burgers opoffert aan de strijd tegen de inflatie, om vervolgens vijf maanden voor de verkiezingen de sociale kampioen uit te hangen en zich om de inflatie niet meer te bekommeren?
Nu Jeltsin om zich heen een team van conservatieve sovjetfiguren heeft verzameld, kunnen de kiezers zich bovendien afvragen wat nog het verschil is tussen hem en communistenleider Zjoeganov. Als Jeltsin toch geen hervormer meer is, waarom zouden ze in juni dan niet stemmen op de echte communist?
Of het Kremlin deze zomer nu in handen blijft van Jeltsin-nieuwe stijl of dat het de nieuwe residentie van Zjoeganov wordt - het tijdperk van de westers georienteerde hervormingen lijkt voorlopig voorbij. Rusland zal zijn eigen weg zoeken en niet langer blind het westerse voorbeeld volgen. Dat zeggen ze dezer dagen zowel in het Kremlin als in de oppositionele Doema. Over die typisch Russische weg hebben ze het in Rusland al eeuwen, maar niemand weet hoe die precies loopt. Afgaande op de laatste jaren zal het een slingerbeweging worden tussen wild kapitalisme en inefficient staatsingrijpen, tussen wijd verbreide corruptie en repressieve maatregelen. Meer Brazilie dan Tsjechie.