Menno Hurenkamp

Bos en Balkenende (2)

Vorige week beloofde ik duidelijk te maken wat Bos en Balkenende bijeenbrengt, althans wat hun ideeën betreft. Eens zien hoe ver we nu komen, we hebben nog een jaar tot de verkiezingen. Omdat sociologen volgens de media weer hot zijn trommelen we er twee op als illustratie: drs. Marcel van Dam en prof. Jacques van Doorn.

Marcel van Dam werd groot door andere mensen klein te maken. Dus lang leve de econoom Flip de Kam – wél lid van de pvda – die in het discussieprogramma Buitenhof Van Dam met zijn geraas over de aow kalmpjes op zijn nummer zette. Van Dam liet zien dat de solidariteit in deze maatschappij soms zoek lijkt. Gesteld voor de keus tussen een paar tientjes per maand bijbetalen door rijke ouderen (lees: Van Dam) en langer doorwerken voor de volgende generatie koos Van Dam achteloos voor het langer doorwerken door anderen. Rijke ouderen is iets beloofd, daar mag je niet aankomen, ook niet als jongere mensen het minder hebben. Een heldere keus: niet links, niet rechts, maar egoïstisch.

Waarom wil Van Dam niet betalen? De socioloog J.A.A. Van Doorn legde het onlangs in Trouw uit. De verzorgingsstaat heeft de traditionele zorgrelaties en solidariteitsgevoelens aangetast. Omdat je altijd geld van de overheid kon krijgen, vindt niemand meer dat het voldoening biedt om zelf je moeder te verzorgen of geld aan de missie in Afrika te geven. Ook de «publieke deugd» van geld willen geven aan de generaties na jou is hierdoor verdwenen – voilà Van Dam. Van Doorn heeft niet helemaal gelijk. In de Verenigde Staten hebben ze nooit een verzorgingsstaat gehad en daar is de drang om te delen ook nogal beperkt. Maar feit is dat er iets moet gebeuren, met die verzorgingsstaat. Er moet weer duidelijk worden waar dat ding voor dient. Wie regelt dat? De vvd niet. Die club wil alles wat op zorg lijkt nog altijd vermarkten, uitbesteden, in aandelen omzetten, tralali tralala, als de overheid maar krimpt. Die ook door pvda en cda in het verleden gedragen opvattingen hebben stevig bijgedragen aan Van Dams ikke-ikke. Bos en Balkenende proberen daar beiden terecht enige afstand van te nemen: Bos eind april, Balkenende begin vorig jaar.

Bos vindt: de overheid moet mensen geen hulp laten consumeren, maar in hen investeren; de overheid moet geen oude mannen steunen maar jonge kinderen; de overheid moet geen banen beschermen maar mensen. Balkenende vindt: het aanbod aan kennis moet op peil blijven door scholing; mensen moeten kunnen omgaan met mobiliteit; er moet meer gewerkt worden, maar dat moet beter tussen mensen en in gezinnen verdeeld. Ondanks het sinds 1960 afgekondigde einde van de ideologie wil de sociaal-democraat zijn doel bereiken via een ambitieuzere publieke sector en de christen-democraat via een verantwoordelijker middenveld. Maar achter die woorden schuilt ruwweg dezelfde opvatting. Namelijk dat het belangrijk is opnieuw te formuleren dat we – met minder pretenties en grotere eisen aan individuen – wel degelijk werk en zorg zinvol collectief kunnen organiseren. In theorie zouden Bos en Balkenende zo de hervormingen die Lubbers in 1982 in gang zette en die Kok in 1994 nog eens aanjoeg kunnen afronden. Willen ze dat? En gaat Marcel van Dam dan wel betalen? Volgende week verder.