Bouterse richt zich op Moskou

Paramaribo – Ineens was Suriname het gesprek van de dag in Servië en Kosovo. Het land had op 27 oktober besloten om zijn erkenning van de Republiek Kosovo in te trekken, zo maakte de Servische buitenlandminister Ivica Dacic op een persconferentie in Belgrado triomfantelijk bekend. Suriname mengt zich daarmee in een diplomatieke Balkan-heksenketel. Sinds Kosovo zich in 2008 eenzijdig afscheidde van Servië, lobbyen beide landen wereldwijd om staten ertoe te bewegen de kleine Balkanstaat wel of juist niet te erkennen. Daarbij weet Kosovo zich gesteund door de VS en Servië door Rusland. Suriname was een van de laatste landen die Kosovo heeft erkend, op 8 juli vorig jaar, maar is nu ook een van de eerste die dat besluit intrekt.

In Kosovo werd met ongeloof gereageerd op deze draai. Een regeringswoordvoerder zei geen officieel bericht van Paramaribo te hebben ontvangen en stelde bovendien dat erkenning niet zomaar teruggedraaid kan worden. Maar ondertussen was er al een Surinaamse delegatie onderweg naar Belgrado, waar minister Mike Noersalim kwam verklaren dat Suriname zich niet wil mengen in ‘interne aangelegenheden van bevriende landen zoals Servië’. Daar bleek het Surinaamse parlement door overdonderd. ‘Het is in strijd met de afspraken tussen de regering en het parlement’, zegt oppositieleider Chan Santokhi, die zich afvraagt of Paramaribo niet onder druk is gezet van Rusland. Want opmerkelijk genoeg kwam de ommezwaai inzake Kosovo daags voor een bezoek van buitenlandminister Yldiz Pollack-Beighle aan Moskou. Daar tekende zij een handjevol samenwerkingsakkoorden met Rusland. Het kroonstuk vormt een partnerschap met de Diplomatieke Academie van het Russische buitenlandministerie die Suriname gaat helpen bij het opzetten van een diplomatenschool. Voortaan zullen de diplomaten deels in Moskou studeren.

Zo lijkt het betwisten van de Kosovaarse onafhankelijkheid de voorbode van een nieuwe buitenlandkoers die binnen de invloedssfeer van het Kremlin komt te liggen. Rusland speelt al langer in op het anti-Amerikaanse sentiment in Latijns-Amerika. Maar de toenadering tussen Moskou en Paramaribo is volgens oppositieleider Santokhi niet realistisch. ‘Rusland ligt te ver weg en de strategische belangen liggen ver uit elkaar. De regering-Bouterse beschikt niet eens over het vermogen om het huidige aantal internationale akkoorden uit te voeren, zelfs niet met buurland Brazilië.’ Volgens hem is het gewoon het zoveelste staaltje zigzagbeleid van Bouterse.