Tilda Swinton in The Human Voice, regie Pedro Almodóvar © Cinéart

The Human Voice is de nieuwste van ‘Almodóvar’, Pedro natuurlijk, de Spaanse cineast die zijn films steevast begint met een kleurrijk design en de mededeling: ‘Een film door Almodóvar’. Het verhaal, gebaseerd op Jean Cocteau’s beroemde toneelstuk La voix humaine dat voor het eerst in 1930 in Parijs werd opgevoerd, gaat over liefdesverdriet: een vrouw in de steek gelaten door haar minnaar. In de hoofdrol zien we Tilda Swinton die in de eerste scène een bouwmarkt bezoekt. Haar aankoop: een hakbijl.

La voix humaine is vaak verfilmd, het allermooist door Roberto Rossellini eind jaren vijftig: L’Amore met de legendarische Anna Magnani in de hoofdrol. De grote Magnani. Wát een performance zet ze neer in Rossellini’s film. De setting is haar slaapkamer, bijna gothic met weinig licht en veel schaduwen en spiegels en meubels even uitgeleefd als Magnani, de geminachte vrouw. Ze speelt met haar hele lichaam, maar het is haar gezicht dat het volle verhaal van de obsessieve liefde vertelt. De pijn in haar ogen. De woede om haar mondhoeken. Het vergeefse verlangen impliciet aanwezig in haar prachtige mond. De rauwe snikken in haar stemgeluid, in de woorden die ze probeert te spreken om betekenis te geven aan de tragiek van de verloren relatie.

Almodóvar benadert het stuk anders. Om te beginnen speelt de zwierige Swinton de rol van de vrouw, en dan weet je eigenlijk al dat er geen sprake kan zijn van de lijdzaamheid waarmee Magnani het liefdesverraad ondergaat. Almodóvars titelsequentie bestaat uit allerlei grafische voorstellingen van gereedschap en klusmaterialen. Dan is Swinton met haar hondje in de bouwmarkt. Ze heeft een enorme zwarte zonnebril op die die grote ogen en sterke jukbeenderen bedekt. Gedecideerd loopt ze naar de afdeling hakbijlen, kiest er een uit en laat die inpakken.

Met het motief van het klussen benadrukt Almodóvar het theatrale aan het verhaal. Swinton woont duidelijk op een set, een loods waar haar appartement is nagebouwd. Dit schept spanning, omdat de emoties die Swinton voelt allerminst nep zouden moeten zijn.

Zo raakt Almodóvar ook een zenuw in de tijdgeest; deze film van pakweg een half uur is gemaakt voor en tijdens de lockdown. De vorm past perfect in het idee van het leven als een onwerkelijke ervaring terwijl wat je voelt pijnlijk echt is. Is het appartement deel van een film waaraan Swinton werkt? Is zij een actrice die haar greep op de werkelijkheid kwijt is en denkt dat de film haar leven is?

Deze vragen scheppen een inconsistentie in The Human Voice. Immers, als het allemaal fake is, dan blijft er weinig over van de authenticiteit van Swintons verdriet.

Ze is een fabuleuze actrice, maar het lijkt net alsof ze gevangen zit in de regie van Almodóvar, een regisseur die vrouwen allerminst minacht, integendeel, hij adoreert ze, vooral vrouwen die in de greep zijn van neuroses (zie Women on the Verge of a Nervous Breakdown uit 1988). Misschien biedt het apocalyptische einde van The Human Voice uitkomst. La Swinton. Met een sigaret. En een aansteker.

Te zien vanaf 25 maart op picl.nl