SPORT

Boven

We kenden al Pennies from Heaven, maar nu kennen we nog meer. Want er is meer tussen hemel en aarde dan waar ook.

Uit de hemel daalt van alles neer.

Marianne Vos, negentien jaar pas, werd zaterdag wereldkampioen wielrennen. Met Brabantse uitbundigheid legde de opvolgster van Leontien van Moorsel, Petra de Bruin, Keetie van Oosten-Hage en Trijntje Fopma uit hoe het allemaal zo was gekomen. Ze heeft een duidelijke opvatting van sport: je wint of je wint niet. Kenners prijzen haar instinct, tactisch inzicht en koelbloedigheid.

Jong als ze is, wist Vos heel volwassen de koers te lezen en op het juiste moment toe te slaan. Waar ze de kracht vandaan haalde wist niemand, maar na een slopend lange rit reed ze met een vernietigende sprint de concurrentie op een straatlengte.

Vos zei: ‘Je moet nooit opgeven, want wie het langste volhoudt, wint.’ Ze is ervan overtuigd dat pijn bij topsport in het hoofd zit. ‘Je denkt dat je niet meer verder kunt, maar daarna ben je altijd nog in staat om een trap harder te doen. Op zo’n moment wint de wil het van de pijn.’

Vos studeert biomedische wetenschappen, dus ze weet waar ze het over heeft. Het was haar vader die echt opening van zaken gaf: ‘Misschien dat ze een beetje hulp krijgt, op de een of andere manier.’

Vader Vos refereerde aan het geloof van zijn gezin, wonend te Babyloniënbroek. Geloof in God: ‘Ik ga er ook steeds meer in geloven dat ze helpen daarboven. Dat ze daar haar doping vandaan heeft.’

Zo. Het ligt op straat. Het is eruit. Iedereen weet nu waar de beste doping vandaan komt. Alle epo kan in de prullenmand, bloedtransfusies hoeven niet meer. Geen moeilijke trucs met andermans urine. De definitieve doping is eindelijk gevonden.

Hoe gaat het in de praktijk, fysiek? Hoe komt die kracht van God in het sportende lichaam terecht? Is God een enzym? Een neurotransmitter? Een hormoon? Is adrenaline zijn afgezant? Zijn endorfinen zijn assistenten?

Er worden verschillende methoden gehanteerd door de gelovige topsporter. Badmintonster Mia Audina, bijvoorbeeld, zegt elke keer voordat ze serveert: ‘In Jezus’ naam’. Andere sporters zeggen dat ook wel, maar dan klinkt het heel anders.

We horen wel eens dat de sporter op de grens van de uitputting plots ‘de hand van God’ voelde, die hem ‘als het ware over de berg duwde’. Of die hem ‘nieuwe kracht’ gaf, kracht om de pijn te overwinnen, of te verbijten, te doorstaan, en door te gaan, verder, naar die verdraaide eindstreep.

Dat kan God zijn, het kan ook de neurotransmitter dopamine (C8H11NO2) zijn.

De gelovige sporter maakt vaak gewag van een rechtstreeks contact met God waardoor hij zich ineens gelukkig voelt, en geen pijn meer heeft, nergens niet. En op zo’n moment weet hij zeker dat God bestaat, en dat Hij aan zijn kant staat.

Bij zware inspanning produceert het lichaam endorfinen, opiaat-achtige stoffen met een pijnonderdrukkend effect, die een gevoel van geluk of euforie veroorzaken.

De gelovige sporter vindt kracht waar het lichaam verzwakt is. Vindt warmte waar de hele wereld koud is. Wilskracht waar de moed in de schoenen is gezakt. Vertrouwen waar geen hoop meer is.

Serotonine (N2OC10H12) heeft een exciterende werking.

Hoe dan ook, God is goed bezig, dat blijkt maar weer. Hij is niet van gisteren en begrijpt dat wie in deze tijd de hearts and minds van de mensen wil veroveren, moet beginnen bij het amusement of in de sport. Tot Gods commerciële tv-zender de lucht in gaat, richt hij zijn pijlen op de sport. Dat doet hij door aansprekende topsporters voor zich te winnen. Ronselen is een groot woord. Hij heeft een voorkeur voor jonge mensen, omdat je daarmee nog een tijdje vooruit kunt. Gods palmares is nog niet indrukwekkend, maar er wordt aan gewerkt. De reeks overwinningen geboekt in zijn naam gaat snel groeien.

God stelt een groep apostelen samen, of zendelingen, die hem nog bekender moeten maken. Straks begint hij een eigen wielerploeg. Naamsbekendheid, daar gaat het om, zeggen sponsors altijd: dat de toeschouwer voortdurend Gerolsteiner hoort, of T-Mobile. Discovery. Rabobank.

‘God’ klinkt mooi voor een wielerploeg. Daar is vast wel een fraai logo bij te bedenken. En God is een familiebedrijf, dat spreekt de mensen ook erg aan. Dus als de tweeduizend sporters van Athletes in Action zeggen dat ze Jezus beroemder willen maken dan de Olympische Spelen, dan is dat ook goed. Het gaat over hetzelfde, tenslotte.

Reli-doping. In Jezus’ naam. Zie dat maar eens op te sporen.