Boze bonders

Bij het Amsterdamse marktonderzoekbureau Centrum wordt gewerkt aan een opmerkelijke klus. Telefonische enquêteurs van dat bureau moeten zich voordoen als medewerkers van de Bouw- en Houtbond FNV en leden van die bond die een contributieachterstand hebben opgebouwd, manen tot betaling. ‘Als we bellen zijn we niet van Centrum maar van de Bouw- en Houtbond’, vertelt een anonieme medewerker van het marktonderzoekbureau.

Officieel bestaat de Bouw- en Houtbond FNV al langer dan een jaar niet meer. Ze is net als de Industriebond, de Dienstenbond en de Vervoersbond opgegaan in het grote, een half miljoen leden tellende FNV Bondgenoten. In De Groene van 27 januari is te lezen hoe een jaar na de fusie de chaos bij de megabond niet was te overzien. Het begrotingstekort was opgelopen tot een slordige veertig miljoen, het lukte maar niet een CAO af te sluiten en niemand die precies wist hoeveel mensen er in dienst waren en in welk kantoor zij zich ophielden.¶Om de financiële nood te lenigen stemden de bondsraadsleden eind vorige maand op de bondsraad in met twee omstreden bezuinigingsmaatregelen. Meer dan tweehonderd van de negenhonderd banen zullen in de nabije toekomst gaan verdwijnen en het FNV Magazine zal minder frequent gaan verschijnen.¶Met de inschakeling van marktonderzoekbureau Centrum blijkt dat Bondgenoten-crisismanager Cees de Wildt zich ook van minder grof geschut bedient. De anonieme medewerker: ‘Op een gegeven moment ben ik naar de supervisor gestapt. Je krijgt zo veel mensen aan de lijn die vreselijk tegen je tekeergaan en het FNV-lidmaatschap willen opzeggen. De supervisor zei dat hij de klus ook ongewoon vindt. Er is met de FNV over gesproken maar die vinden dat het doorgang moet vinden. De FNV is een grote klant van ons.’