Brandende ogen

ETHAN CANIN
AMERICA AMERICA
Random House, 458 blz., € 21,50
De Nederlandse vertaling, Amerika, Amerika, verschijnt in januari bij Ambo Anthos

Het schrijven van die ongrijpbare Great American Novel is eigenlijk hetzelfde als het slaan van een homerun bij honkbal. Het is een kwestie van naar de bal durven slaan met alles wat je hebt; niet bang zijn om te missen, je moet die bal naar de hemel willen meppen, door de sterren heen.
Hoewel het een zaak van loslaten is, van je angst wegdenken en durven doen, is er een context: je moet weten hoe je de bal moet raken en waar de bal vandaan komt, anders is de grootse slag vergeefs. Dus dit zijn de randvoorwaarden voor de Great American Novel: het moet een familiesaga zijn (zie: The Sound and the Fury), de kroniek van een tijd en een plaats (zie: Gone with the Wind), en het moet een beeld geven van een sociale klasse (zie: The Grapes of Wrath), het liefst door de ogen van iemand die niet tot die klasse behoort (zie: The Great Gatsby). Want hoewel Amerika het land van vrijheid & gelijkheid is, is er geen land dat meer geobsedeerd is door de verschillen tussen arm, rijk en bijna-rijk.
Wanneer je een roman America America noemt, en aan alle genoemde randvoorwaarden voldoet, dan ben je als schrijver in ieder geval niet bang om mis te slaan. En Ethan Canin (1960), vooral bekend van zijn verhalenbundel Emperor of the Air (1988), mikt op de sterren. America America gaat over Corey Sifter, een tiener uit een arbeidersgezin, die in de Nixon-jaren komt te werken op het landgoed van de Metarey-familie, een dynastie die al generaties lang upstate New York van werk voorziet. Uit een soort aristocratisch paternalisme ontfermt vader des huizes Liam Metarey zich over hem, stuurt hem op zijn kosten naar een privé-school en zo wordt Corey een surrogaatlid van de familie. Materey is koningmaker bij de Democratische partij, een idealist die de populistische senator Bonwiller klaarstoomt om een gooi naar het presidentschap te doen. Corey raakt bij de campagne betrokken, wordt verliefd op Materey’s dochters – wat een kloof slaat tussen hem en zijn working class ouders.
Van huis uit schrijft Canin vooral korte verhalen, en ook nu kun je zien dat hij met weinig woorden raad weet. Hij schrijft op de vierkante centimeter. Zo vermeldt hij en passant dat het dorpje Saline, waar de Metareys wonen, afwisselend wordt uitgesproken alsof het rijmt met malign en machine. Meer zegt hij niet. Dat is knap; malign is kwaadaardig en machine is onmenselijk. Hij schrijft het op de eerste pagina’s, met twee woorden krijgt zo het vriendelijk ogende dorpje direct iets omineus.
Dat omineuze wordt vooral bewaarheid in senator Bonwiller, wiens geheimen door Metarey over het hoofd worden gezien. Corey ziet ze ook niet, hij gaat mee in Metarey’s verafgoding van Bonwiller, in diens protest tegen de falende Vietnam-oorlog, zijn plannen Amerika’s arbeidersklasse economisch te helpen, zijn beloftes de sociale ongelijkheid aan te pakken. Metarey en Corey willen Bonwillers schaduwzijde niet zien. Als die dan toch onthuld wordt, kunnen ze niet anders dan hun eigen betrokkenheid onder ogen komen.
Langzaam werkt Canin naar de onthulling van Bonwillers geheim toe. Daarin schuilt het manco van de roman; wie bekend is met Chappaquiddick en Ted Kennedy ziet het geheim van kilometers ver aankomen. En de gemanipuleerde constructie van het boek – Canin schiet heen en weer door de tijd – zorgen voor een pseudo-suspense, want je weet toch al wat gaat komen. Het gevaar van de mate waarin Canin Amerikaanse Literatuur bedrijft (met hoofdletters) is dat hij een clichébeeld optrekt. Veel scènes lijken zo uit een Ralph Lauren-advertentie te kunnen komen. Vader en zoon die samen in de tuin werken, verliefde tieners die via de schutting heimelijk elkaars kamers bezoeken, de familie die gezamenlijk zeilt of op de veranda met de hond speelt. Alsof Canin ze geschreven heeft met de star spangled banner om zich heen geslagen, met een portret van Scott Fitzgerald op zijn bureau.
Uiteindelijk zal het me worst wezen, want het blijft indrukwekkend proza. Canins passages over de uitwerking van politiek en macht op normale mensen doen aan Don DeLillo of Norman Mailer denken, en zijn scènes over familiebanden zijn van het niveau Philip Roth. Elk personage is met veel empathie op de bladzijden gezet. Zonder larmoyant te worden is Canin soms heerlijk aanstekelijk sentimenteel, wanneer hij schrijft over zonen en moeders, vaders en dochters, over mentoren en ideaalbeelden, over eerste kussen.
De begrafenis van Corey’s moeder voelt aan alsof je er zelf bij bent, met brandende ogen, achter in de kerk; de manier waarop hij heen en weer springt tussen Metarey’s dochters Clara en Christian heeft iets onvermijdelijks, zoals liefde altijd onvermijdelijk is.
Het slaan van een homerun is geen alles-of-niks-poging: je kunt de bal weliswaar missen, maar hij kan ook ergens halverwege het veld belanden, lang niet slecht. America America is geen homerun, maar het is goed genoeg om je in de tribune op je stoel te doen staan en de longen uit je lijf te schreeuwen om de slagman aan te moedigen.