Brazilianen ontvangen Syriërs met open armen

São Paulo – De Syrische Fitoon Assi haalt haar tablet te voorschijn tijdens een bijeenkomst van de Verenigde Naties over vluchtelingen in São Paulo. Het apparaat doet dienst als tolk wanneer haar Portugees tekortschiet. Verder beweegt ze zich als een vis in het wate

‘We woonden in Damascus’, begint ze, als ze eindelijk even zit. ‘Mijn man en ik besloten dat we niet langer in Syrië konden blijven. We zijn met onze twee dochters (8 en 10 jaar) eerst naar Libanon gevlucht. Daar hebben we vijf maanden gezeten. We zijn op internet gaan zoeken en ontdekten dat we voor Brazilië een toeristenvisum konden krijgen. De Verenigde Staten, Canada en Europa zouden we nooit binnenkomen. Hier mochten we gewoon het land binnen en asiel aanvragen. Mijn man heeft (na een jaar) zijn status binnen. Ik nog niet. Ons huis in Damascus is ondertussen platgebombardeerd.’

Assi en haar gezin behoren tot de groeiende groep vluchtelingen die Brazilië weet te vinden. Tot 2010 ging het om enkele honderden asielaanvragen. Sindsdien is dat aantal gegroeid tot 26.000 aanvragen. Het gaat om mensen uit Afrikaanse landen, het Midden-Oosten en Latijns-Amerika, maar ook uit Azië. De grootste groep die haar status al erkend zag, bestaat uit Syriërs. Die krijgen sinds 2013 per definitie een reisvisum van de consulaten. En iedereen die het land binnen weet te komen, mag asiel aanvragen. Een kleine achtduizend zijn er inmiddels erkend.

Hoewel Assi dus nog wacht op haar definitieve status als vluchteling – de wachttijden zijn nogal opgelopen bij het ministerie van Justitie – mag ze zich ondertussen vrij bewegen in het land. Ze heeft samen met haar man een stand (Jasmijn van Damascus) geopend op de beroemde Avenida Paulista, in het hart van São Paulo, waar ze Syrisch leerwerk verkoopt, zoals tassen en riemen. ‘Het is hier goed zaken doen, al is São Paulo wel duur. We betalen vijfhonderd euro huur en moesten een borg van tweeduizend euro betalen. Maar ik ben heel blij, want sinds een maand zitten mijn dochters eindelijk weer op school, een openbare school op de Paulista.’

Dat Brazilië een nogal lichamelijk land is, is voor de islamitische Assi geen probleem. ‘Ik ben van Saoedi-Arabische afkomst, maar ben opgegroeid in het moderne Damascus. Ik heb al veel Braziliaanse vriendinnen. Zij helpen me enorm – meer dan de Arabische gemeenschap. Terug naar Syrië kan niet meer. Mijn toekomst ligt nu hier.’