Breaking

In Het nieuwsdieet pleit Rolf Dobelli voor een leven zonder nieuws. Maar wat zijn de consequenties van zo’n nieuwsvrij bestaan?

Volgens mij had ik op 9 november 2016 een afspraakje. Dat wil zeggen, ik weet nog dat ik had afgesproken, dat we wijn dronken, dat er vast een kaarsje op tafel stond, maar de mogelijkheid van een afspraakje-afspraakje lijkt een logische onmogelijkheid. De dag daarvoor had Trump de verkiezingen gewonnen en alles voelde tevergeefs. Oogcontact werd vermeden, gesprekken vielen stil, en niet op een zwoele, geladen manier, maar simpelweg uit de doffe ellende.

Een dag later was ik op de uitreiking van een literaire prijs, de enige man die er monter rondliep was een uitgever. Hij had niet het idee dat de verkiezing van Trump haaks stond op het hele bestaan van rede, kunst, literatuur. ‘Als historicus vind ik dit toch wel heel interessante tijden, hoor’, zei hij. Natuurlijk had ik moeten zeggen: ‘Zou je dat ook tegen Abel Herzberg in de trein naar Westerbork hebben gezegd? “Nou Abel, dit moet jij toch wel boeiend vinden!”’ Een feestelijke avond werd het niet. De winnaar nam zijn prijs een beetje beteuterd in ontvangst.

Die dagen haalde ik de apps van de NOS en The New York Times van mijn telefoon, en logde ik uit op alle socialemediakanalen. Ik wilde het nieuws niet meer, wilde het niet horen.

Dit is precies hoe we door het leven moeten gaan volgens het deze maand verschenen Het nieuwsdieet: Omgaan met de overload aan informatie van de Zwitserse filosoof en zakenman Rolf Dobelli. Rob Wijnberg zweert bij hem, en in een zekere zin verwoordt hij een correspondentiaanse filosofie: het nieuws is slecht. Journalisten richten zich op wat nieuw is, maar nieuw is niet per se relevant. Zo schreven journalisten op 11 november 1993 allemaal over het bezoek van de Israëlische premier Rabin aan Bill Clinton en over het aangetaste schoudergewricht van de paus. Maar ze schreven niet dat die dag de eerste internetbrowser werd gelanceerd, ‘na de atoombom wellicht de twintigste-eeuwse uitvinding met de grootste gevolgen’.

Ondertussen is het nieuws zo’n sneldraaiende machine dat journalisten het niet kunnen bijbenen, zodat het volzit met pr, vermomde marketing, halve waarheden, fake news. Het stimuleert terrorisme, zegt Dobelli, want terroristen plegen aanslagen voor de media-aandacht. Wantrouw alles dat ‘BREAKING’ is. Bovendien brengt nieuws sombere verhalen waar je niets aan kunt doen je huiskamer binnen, waardoor we in een ‘mini-depressie’ van hulpeloosheid vallen. Dobelli: ‘Op vrijwel niets dat in het nieuws komt, hebben wij invloed. Daarom kunnen we die dingen gerust links laten liggen.’

Jezelf verbinden aan de wereld is een morele verplichting: 'not giving up'

Dobelli mijdt nieuws al tien jaar. Het is zijn ervaring ‘dat als er echt iets belangrijks gebeurt, je het hoort, zelfs als je in een tegen het nieuws beschermde bunker leeft’. Als er ergens een bus wordt opgeblazen krijg je dat mee, want ‘familie, vrienden en collega’s zullen je op betrouwbaardere wijze dan alle nieuwsorganisaties over de “grote” gebeurtenissen vertellen’. Wat je wel kunt doen volgens Dobelli is populairwetenschappelijke boeken lezen, want dat zijn ‘niets anders dan ultralange, zorgvuldige, samengestelde artikelen waar veel onderzoek voor is gedaan’. Dat boeken jaren kosten om te schrijven doet er niet toe, ‘want er zijn maar heel weinig gebeurtenissen die voor jou urgent zijn qua tijd’.

Het punt is alleen, zou je denken, dat als er gebeurtenissen plaatsvinden die wel ‘urgent zijn qua tijd’, je dat liever meteen hoort. Nu kun je je vliegticket naar Wuhan nog cancellen, niet als je moet wachten tot Malcolm Gladwell er over zes maanden een populairwetenschappelijke longread over heeft geschreven. En als je geen nieuws hoeft te lezen omdat familie, vrienden en collega’s je dat nieuws toch wel vertellen – hoe komen zij dan aan hun nieuws? Dan parasiteer je op hun nieuwsinname. Of moeten ze het via ooggetuigen op Twitter weten? Misschien, maar dan moeten die maar net ooggetuigen in hun netwerk hebben en moeten die ooggetuigen ook maar net toevallig blind te vertrouwen zijn. Je kunt wel verklaren alleen meta-journalistieke beschouwingen te willen lezen, maar je kunt alleen meta zijn als iemand eerst zijn of haar mouwen opstroopt en het veldwerk voor je verricht.

Een week na de verkiezingen van 2016 opende ik toch Facebook weer. Zo ongeveer het eerste wat ik zag was een filmpje van de sketchshow Saturday Night Live. Kate McKinnon had tijdens het verkiezingsseizoen Hillary Clinton gespeeld. Nu zat ze met haar Hillary-pruik en -broekpak achter een piano en speelde ze ‘Hallellujah’ van Leonard Cohen. Well I’ve heard there was a secret chord/ That David played and it pleased the Lord/ But you don’t really care for music, do you?

Cohen was de dag voor de verkiezingen overleden. McKinnon zong het nummer met een snik in haar stem, en toen het af was draaide ze zich naar de camera toe en zei: ‘I’m not giving up, and neither should you.’

Het nieuws volgen is misschien geen morele verplichting, maar jezelf verbinden aan de wereld wel. Not giving up. Dat is wat zo stuitend is aan het boek van Dobelli. Eigenlijk zegt hij: maak je om niets druk dat niet binnen de vierkante meter van jouw leven valt, voel je niet verbonden met mensen die je niet kent. Wat niet weet, wat niet deert. Als je daarover nadenkt, is dat meer dan dom; het is laf.