Sylvain Ephimenco

Brief aan burgemeester Mans

Met grote tevredenheid heb ik kennisgenomen van uw aanblijven. U, de man die in Enschede 22 doden op zijn politieke geweten heeft. Even vreesde ik dat de symboolwaarde die u vertegenwoordigt door een laatste stuiptrekking van een in dit land algeheel stervend verantwoordelijkheidsgevoel teniet zou worden gedaan. Maar zoals verwacht werd een afgesproken en doorzichtig eentweetje met uw politieke vriendjes annex moreel medeplichtigen uit uw gemeenteraad voldoende om de al genoemde symboolwaarde voor ons allen te behouden. Ik onderstreep dat de term «medeplichtigen» niet opgaat voor de fracties van de Christen Unie, Enschede-Nu, SP, Groen Links en Yilmaz die uw aftreden hebben geëist.

Natuurlijk zou het rechtsgevoel van vele democraten in dit land aanzienlijk zijn toegenomen wanneer, zoals het hoort, het vertrouwen in uw persoon door een meerderheid in de raad was opgezegd. Maar in mijn ogen was een dergelijke stap van generlei waarde geweest. Een gedwongen en dus niet vrijwillig vertrek, niet minder dan tien maanden na de vuurwerk ramp, had u allicht een aura van martelaar verschaft die u vanzelfsprekend niet verdient. Alleen een ontslagneming uit eigen beweging kort na de misdadige nalatigheid van uw bestuur, die tot een in West-Europa ongekende catastrofe heeft geleid, was eervol geweest.

Dit gezegd hebbende moet ik bekennen dat ik veel bewondering koester voor de sluwheid, het cynisme, de acteertalenten, het gebrek aan politieke verantwoordelijkheid, de manipulatiedeskundigheid, het populisme en de hardnekkigheid waarmee u tien maanden lang uw overlevingsdrang met succes heeft kunnen voeden. Iets dat zelden wordt vertoond in een land waar ministers en andere lieden uit het openbaar bestuur soms voor nietige kwesties als het aanmaken van een nieuw paspoort of het niet declareren van een paar duizend gulden voor privéreisjes het veld moeten ruimen. Elk precedent is bewonderenswaardig. Pro ficiat daar om: u bent de eerste bestuurder wiens eclatante incompetentie tot de dood van 22 mensen en de vernietiging van 400 woningen heeft geleid en die heeft geweigerd zijn conclusies te trekken.

U, de burgemeester die zijn stad zo nonchalant «op afstand bestuurde» dat hij niet eens wist dat een moorddadig vuurwerkdepot midden in een woonwijk was gelegen. U, die dit verbijsterende gegeven tegenover een Duitse journalist ooit illustreerde met de historische woorden: «Ich habe es nicht gewusst.» U, die sluw genoeg was om niet onmiddellijk op te stappen, om vervolgens de Enschedese publieke opinie dag in dag uit te bewerken door het houden van toespraken, het deelnemen aan een witte mars, zich hyperactief te gedragen in het mediagenieke veld dat we «nasleep» plachten te noemen.

Het resultaat liegt er niet om: u bent ’s lands meest populaire incompetente bestuurder in eigen stad geworden. U, die keer op keer de schuldvraag op andermans of, liever gezegd, ander dan Mans’ bord heeft gelegd: van het rijk tot de provincie, van minister van Defensie tot de etikettenplakkers. U, die Mans genoeg was om bevriende fracties in Enschede een oordeel over uw persoon te laten uitbrabbelen waaraan vooraf langdurig was gesleuteld.

Voor dit allemaal dank ik u beleefd. Uw niets en niemand ontziende ambitie die maakte dat u aan uw gemeentelijke pluche hecht als een bacterie aan een wond, heeft ons, democraten en bewuste burgers van dit land, een symbool van onschatbare waarde opgeleverd. U verenigt in uw politieke persoon ongeveer alles wat wij verwerpen. Uw gebrek aan eergevoel en politieke verantwoordelijkheid staat gelijk aan een verleden van gedraai, schandelijke compromissen en demissie waarmee we ooit hopen te breken. Tot die tijd wens ik u veel overpeinzingen en reflectie. En om een beroemde troubadour die mij voorafging ludiek te parafraseren, eindig ik mijn aan uw gerichte epistel met deze woorden: meneer de burgemeester, slaap zacht.