Mijn aardrijkskundeleraar op de middelbare school kende geen groter genoegen dan mij voor de klas te halen. Hij gaf me een stok in m’n handen en rolde – in mijn herinnering breed grijnzend - de wereldkaart uit, of de kaart van Europa, of Nederland, weet ik het, het was een kaart en als ik ernaar keek zag ik niks. Gewoon helemaal niks. Ja, kleurvlakken, vormen, en ergens moesten zich dan de Dolomieten bevinden, of de Alpen. Of Zwolle.

Wijs maar aan, Marja.

Ik had plakkerige handpalmen, en liet de stok zo’n beetje dralen over de kaart.

Wat dacht je ervan het een beetje in het zuiden te zoeken?

Ik haatte die man, met z’n baardje en z’n ribbroek, en z’n vakanties ‘bij de boer’ in Frankrijk. Ook zoiets: ik kon gewoon niet onthouden wat noord en zuid, en oost en west was. Nog steeds denk ik aan het Centraal Station van Amsterdam, als iemand aan mij vraagt of iets ten oosten of ten westen van iets anders is. En dan denk ik aan het pontje, noord, en aan het Waterlooplein, oost, en dan draai ik denkbeeldig om mijn as en dan weet ik het weer even. O ja, dat is west.

Ik moest aan mijn gehate leraar denken toen ik Matthijs van Nieuwkerk in de weer zag met Britt. Britt viel ooit op toen ze meedeed aan Take Me Out, het datingprogramma van RTL4, en de ene schunnige opmerking na de andere maakte. Nou hangt dat programma van schunnigheden aan elkaar, dat is natuurlijk ook de lol, maar Britt was mij ook opgevallen, omdat ze zo’n lief gezicht heeft, met een pijnlijk verlegen glimlach, en de ranzigheid van wat ze zegt zelf niet helemaal lijkt te bevatten. Maar ja, ik heb er succes mee dus ga ik er maar mee door, dat lijkt die glimlach te zeggen, en die net iets te verbaasde angstogen. Misschien maak ik het te mooi, helemaal sinds mijn zus me eraan herinnerde dat dit Britt was.

Britt?

Britt! Je weet wel! Van Anja!

Plotseling daagde het me weer. De verjaardagen een paar jaar geleden bij mijn zus, toen ze net alleen was en een huis vol nieuwe vriendinnen had, die allemaal zo hun sores met hun kinderen hadden. Britt was een geval apart, pendelend tussen haar vader en haar moeder, en altijd kwam ze bij mijn zus vragen of ze de hond mocht uitlaten. Een stoer meisje dat het liefst alleen met dieren omging. Nu zag ik het ook, dit was Britt maar dan in een bimbo-mal gegoten, met borsten en lange felblonde haren. Jeetje.

Inmiddels maakt Britt furore, en is ze ook te zien in een Expeditie Robinson-achtig programma, Echte meisjes in de jungle. Ik zag er een stukje uit bij De wereld draait door, waar ze dus te gast was. Nu komt mijn leraar aardrijkskunde in beeld. Allereerst liet hij het fragment zien uit dat programma waarin Britt gevraagd werd of ze bekende Surinamers kende, en na lang nadenken met Nelson Mandela aan kwam zetten. Van Nieuwkerk kijkt naar Britt, die inmiddels met de handen voor het gezicht geslagen aan tafel zit. Ongeveer zoals Linda van Dijck erbij zat bij Pauw & Witteman, die het bestonden – tafel vol aangeklede heren verder – het fragment uit een film te laten zien waarin ze naakt stond te douchen of iets dergelijks.

Ja dat was heel dom, stamelt Britt met rode konen.

Ja Britt, zegt Van Nieuwkerk. Want Nelson Mandela is… En hij wacht tot zij zijn zin afmaakt, wat ze niet doet. In plaats daarvan begint Britt over Umberto Tan, die ook geen Surinamer is, of juist wel.

Maar je weet toch wel Britt, komt Van Nieuwkerk terug, dat Nelson Mandela geen Surinamer is? Want Nelson Mandela is…

Weer weigert Britt het goeie antwoord te geven.

Stel me nu niet teleur, Marja. Dat zei die leraar aardrijkskunde naarmate mijn stok vaker mis prikte.

Van Nieuwkerk wil nu weten op wat voor school Britt zit. Het Jan van Egmond, bloost Britt. De school waar mijn nichtjes ook op zitten, maar dit terzijde.

Wat is dat? vraagt Van Nieuwkerk wantrouwend. Ik zit in vijf havo, zegt Britt. Vijf havo! Maar dat is dan toch een potje dom dat je niet weet wie Mandela is? Gelukkig gaat Van Nieuwkerk nu zelf vertellen wie Mandela is en waarom.

Dus wat doe je dan de volgende keer Marja, vroeg mijn leraar aardrijkskunde als ik eindelijk, eindelijk, terug mocht naar mijn plaats.

Maar nu weet je het wel hè Britt, wie Mandela is.

Ja, knikt Britt. Weer die pijnlijke lach. Nu weet ik het.

Vorige week werd ik geïnterviewd aan de School voor Journalistiek in Tilburg. Een van de studenten in de klas vroeg welk boek je echt gelezen moet hebben. Een leuk hoofd had hij, en een wakkere blik.

Anna Karenina, zei ik.

Hoe?

Anna Karenina, zei ik iets langzamer.

Blanco gezichten alom. Ik was opeens zo confuus dat ik niet meer wist wie het geschreven had.

De jongen kwam erna naar me toe.

Is zeker een dik boek hè, zei hij.