Broer

Welke romans moet je als scholier echt gelezen hebben voordat je je diploma haalt? De medewerkers van Dichters&Denkers geven advies.

Laatst was ik bij een literaire avond waar hevig werd getreurd om het feit dat Simon Vestdijk niet meer wordt gelezen door ‘jonge mensen’. Met weemoed dacht men terug aan de eigen schooltijd in de jaren zestig en zeventig, toen het ondenkbaar was dat de Anton Wachter-boeken zouden ontbreken op de leeslijst.

Er zijn twee denkfouten die keer op keer worden gemaakt bij leeslijst-discussies. Ten eerste dat de eigen leesgeschiedenis een heilige maatstaf is, en alles wat daarvan afwijkt een teken van algehele teloorgang. Ten tweede dat er zoiets bestaat als de boeken voor de middelbare scholier.

Ik ontdekte Louis Couperus, W.F. Hermans en Jeroen Brouwers op de middelbare school. Ik vond Max Havelaar vreselijk en overgewaardeerd, en was brutaal en hoogmoedig genoeg om dat breed uit te meten in mijn boekverslag. Later begon ik zelfs vrouwen te lezen – Hella Haasse, Mensje van Keulen, Charlotte Mutsaers.

Dan mijn broertje: geen lezer, nooit geweest. Hij runt een bar en is een hartstochtelijk ajacied, waarmee ik niets algemeens wil impliceren over leesgedrag – alleen om aan te geven: hij leidt een ander soort leven dan ik. Recentelijk moest hij revalideren van een operatie, en zo kwam hij voor het eerst sinds de moeizaam verteerde verplichte kost op de middelbare school tot het lezen van romans. Er gebeurde iets wat ik geweldig vond: hij begon begeesterd te praten over de boeken die hij had gelezen. Alleen met de goden van Alex Boogers ; Murat Isiks Wees onzichtbaar ; Walter van den Bergs Van dode mannen win je niet .

Goed geschreven coming-of-age-verhalen over jongens die een moeilijke jeugd hebben gehad. Zo’n andere jeugd dan de mijne, zei mijn broer, en toch herkende ik er ook zoveel in. Het mogen platitudes zijn, maar als je mijn broer voor een klas onwillige lezers had gezet, dan had hij ze allemaal mee gekregen.