Buitenland

Brutaal Italië

Italië tart de begrotingsafspraken van de muntunie. De Europese Commissie heeft de Italiaanse begroting intussen afgewezen en Rome drie weken gegeven om aanpassingen te doen. De Italiaanse regering houdt voorlopig voet bij stuk. Dit gaat over veel meer dan euroregels alleen. Het gaat over iets dat lang verstopt was in de muntunie: Europese politiek.

Het discours waar de huidige Italiaanse regering in meegaat, schildert het bestaande EU- en eurobeleid in vele tinten negatief: als te beknottend, of als te (moreel) gebiedend, of als te eenzijdig gericht op liberalisering, privatisering en schaalvergroting, of als een combinatie van deze onwenselijkheden. De onderliggende argumentatie: de politiek moet controle herwinnen op de Brusselse instituties, want hun macht is te groot en te eenzijdig geworden – gericht op de liberale kapitalistische economie – en hun belangenbehartiging navenant te eng. Conclusie: verandering moet via het ter discussie stellen van de bestaande orde.

In de groep lidstaten die in deze richting experimenteert, neemt het Verenigd Koninkrijk de extreemste positie in. Dit land zoekt een alternatief buiten de EU. Ook radicaal zijn de Oost-Europese regeringen. Zij tarten Brussel door de bestaande EU-instituties actief te ondermijnen. Dit is hun manier om alternatieven te ontwikkelen via politieke strijd. De Poolse en Hongaarse regeringen doen dit echter niet van buiten, zoals het VK, maar van binnenuit: hun EU-lidmaatschap stellen zij niet ter discussie.

Minder extreem, maar wel brutaal, is Italië. Cruciaal hierbij is dat Italië niet alleen EU-lid is, maar ook lid van de muntunie. Ook voor Italië staan de lidmaatschappen niet ter discussie; de Vijfsterrenbeweging heeft een euro-exit vlak voor de verkiezingen afgezworen. Wat Rome wil is een discussie over het politieke idee achter de muntunie, geen haarkloverijen over percentages.

Of dat verstandig is, staat te bezien. Het eerste gevecht is al gaande. Dat is de confrontatie met de (eigen) financiële markten. Drie weken zijn ervoor ingeboekt. Organisator: de Europese Commissie. Want dit is hoe de Commissie terug bluft: drie weken suspense ‘to stare down the populists’, zoals men het in Brussel wel omschrijft. Of dat verstandig is, staat evenzeer te bezien.

De onaffe politiek van de muntunie is te lang verstopt in sterke instituties

De Commissie zal op deze manier veel eurocynisme verversen. Een voorbeeld: gevestigde Italiaanse belangen zullen (wederom) hun ware gezicht laten zien als kapitaalvluchtelingen op weg naar meer Duitse delen van de eurozone, waar hun vermogen veiliger is. Hierdoor zal Italië zichzelf en de muntunie verzwakken. Dit vreet al jaren aan vertrouwen.

Nieuw is dat de huidige regering dit soort dingen behandelt als bijzaken. Zij gokt niet langer op berekening. In plaats daarvan manoeuvreert Italië zich in een sleutelrol, in een politiek landschap, waar de wind van verandering krachtig wordt aangeblazen door Brexit en de ontwikkelingen in Oost-Europa. Rome weet: een veranderende EU die samenwerking wil blijven koesteren, kan niet zonder eurolid Italië.

Wat zo blijkt is iets dat algemener is. Politiek kun je niet verstoppen in beleid en instituties, althans niet blijvend. De ideeënstrijd die politiek tot politiek maakt, stolt nooit. Dat mag ook niet in open samenlevingen, geworteld in vrijheid van denken: er is altijd een alternatief, er moet altijd verkenning zijn, onderzoek.

De onaffe politiek van de muntunie is te snel en te lang verstopt in sterke instituties, zonder echt democratisch debat. Ook de eurocrisis is zo bezworen. Intussen zit de politiek van de euro verscholen in de balansen van de ECB en een keur van leningen, doorgerold, bilateraal, trekkingen op fondsen enzovoort. Zoiets kan niet duren, omdat de euro uiteindelijk een politieke verantwoordelijkheid is van de lidstaten en hun democratieën.

De verantwoordelijkheid en de ideeënstrijd die daarbij hoort mag niet afgeschoven worden op instituties die daar niet voor geëquipeerd zijn, zoals de Commissie. Evenmin mag ze overgelaten worden aan de markt of de Britse, Poolse, Hongaarse en Italiaanse regeringen van dit moment. Dit moet een zaak zijn van alle lidstaten, de kopgroep van euroleden voorop. De vraagstukken zijn er urgent genoeg voor. Die gaan behalve over regels, over rechtvaardigheid, solidariteit, en goed en fout bestuur. Oplossing ervan vergt iets anders dan bluf: de politieke creativiteit om nieuwe openingen te vinden binnen de bestaande verdragen, waar verreweg de meeste lidstaten helemaal niet vanaf willen.