Calvino

Het oude vuur is gedoofd: een calvinist maakt zich op om Frankrijk in de reformatie der politieke zeden te dompelen. Het poldermodel lijkt voortaan op alle fronten - dus niet uitsluitend het economische - te gaan zegevieren. Want, geloof me, door Lionel Jospin te kiezen heeft het Franse volk een vermomde Nederlander binnengehaald. Dat snappen Jospin en de Fransen natuurlijk niet. Maar als ik de nieuwe Franse premier observeer, word ik duizelig en weet het zeker: Jospin (je zou zijn naam bijna als Jos Pin willen uitspreken) bezit geen enkel charisma, oogt degelijk en saai, heeft weinig tot geen humor en glimlacht daarom bijna nooit.

Bij Jos hoeft men geen franjes te zoeken, en ook geen tierelantijnen en poeha, geen ditjes en datjes, mitsen en maren, zussen en zo’s, poes en pas. Ook bezit hij geen plezierjacht en geen buitenechtelijke dochter, hij is grijs, sober en integer. Lionel Jospin zou in bepaalde opzichten de neef van Wim Kok kunnen zijn. Hem zal je niet aan tafel aantreffen te midden van zijn hovelingen, zoals Mitterrand, met een servetje over zijn hoofd, bezig de tere botjes van een minuscule ortolaan (een beschermde vogelsoort) in alle discretie uit te zuigen. Nee, Jos is meer van het genre asceten dat om zes uur precies bij het voltallige gezin aanschuift om zich met genoegen aan een bord gekookte bloemkool met maïzenasaus over te geven. En als hij zoals afgelopen zondag toch moet triomferen, gebeurt dit in alle bescheidenheid met een opgeheven hand die zijn applaudisserende toehoorders in hun ongepaste uitbundigheid moet afremmen. Jos wil praten, bruggen bouwen, compromissen zoeken en is wars van politiek cynisme of manipulatie. Dat is on-Frans. Dat klopt niet. Jos is een calvino, een protestant, heeft twee keer een joint gerookt, vindt het Nederlandse drugsbeleid helemaal niet slecht. Jospin is een bijna-Nederlander. Nog gekker: de Fransen willen door een ‘presque Néerlandais’ geregeerd worden. Politiek Frankrijk lijdt aan een permanente infectie, en Jospin is een antibioticum dat in de drassige polders vervaardigd had kunnen worden. En het ergste is dat ook ik vind dat een vleugje calvinisme een positieve uitwerking op het verziekte Franse politieke klimaat zou kunnen hebben.
Ik heb natuurlijk veel uit te leggen. Door de verkiezing van Jos verkeer ik bijna in een existentiële crisis vol tegenstrijdigheden. In hem herken ik de typisch Nederlandse calvino die het politieke debat in dit land tot een boekhoudkundig gebeuren heeft omgetoverd. Een saai eenpartijstelsel zonder depressies en hogedrukgebieden, waar iedereen het met iedereen eens dient te zijn en waar ieder kuchje van Bolkestein de resonantie van een ontplofte kernkop lijkt te krijgen. Waar parlementsleden over de grootte van de soepkommetjes in de kantine debatteren. Kortom, alles waar ik van gruw. Maar nu juich ik de verkiezing toe van een Franse zwartkous die zijn boterham met Hollandse tevredenheid belegt! Het is niet anders: Frankrijk is aan vernederlandsing toe als men enigszins wil redden wat er nog te redden valt. Want terwijl de Nederlandse politiek door ingekorte dwergen wordt bevolkt, die als de dood zijn dat hun toupetjes boven het maaiveld uitsteken, wordt de Franse door opgeblazen kikkers overbevolkt, die de ganse dag bezig zijn hun buitenproportionele ego’s van voren naar achteren te verplaatsen en omgekeerd. Zet twee Fransen naast elkaar aan een cafétafeltje en je hebt subito een nieuwe politieke partij met twintig stromingen en honderd tendensen. Ieder nieuw lid van die club zal bij het verkrijgen van zijn partijkaart onmiddellijk zijn presidentiële ambities aan de anderen kenbaar maken en nog maar één belang dienen: het eigen. Een Franse politicus is per definitie zijn enige politieke vriend en tegelijk een potentiële dissident van zichzelf. Op het politieke toneel woedt een permanente atoomoorlog vol individuele vetes, afgunst, woestijnjaren en frustraties. In deze poel des verderfs tellen geen normen en waarden meer, en de wetten die voor de gewone burgers gelden, worden zeer creatief geïnterpreteerd. Het aantal oud-ministers, burgemeesters, kamerleden, penningmeesters of partijvoorzitters die door justitie wegens malversaties zijn aangeklaagd of al achter de tralies zijn gezet, is niet meer bij te houden. Het is niet overdreven te stellen dat op het gebied van politieke corruptie in West-Europa Frankrijk als goede tweede achter Italië staat. Intussen kunnen de problemen, en het Front National dat ze vakkundig uitbuit, rustig blijven groeien.
Tot nu toe en ondanks zijn in een laat stadium tot bloei gekomen presidentiële ambities is Jospin, de onkreukbare, een buitenbeentje gebleven. Een kleurloze calvino die hopelijk zijn land voor de definitieve implosie kan behoeden. Als die dwerg maar niet te hard gaat groeien.