Cambodja snoeit ‘weeshuisindustrie’

Phnom Penh – Je komt ze in heel Cambodja tegen: de met hekken afgebakende weeshuizen.

Met pleinen vol joelende kinderen en blonde vrijwilligers die vanuit het Westen zijn ingevlogen om goed te doen. Ooit waren de weeshuizen nodig om kinderen op te vangen die door oorlogsgeweld hun ouders hadden verloren. Maar terwijl Cambodja zich in de afgelopen decennia ontwikkelde en de vrede omarmde, nam hun aantal alleen maar toe.

Dat er in vijf door Unicef onderzochte provincies 267 weeshuizen zijn in plaats van 139 moet een schok voor de Cambodjaanse overheid zijn geweest. Zeker 128 tehuizen staan volgens het in maart gepubliceerde onderzoek niet geregistreerd en kennen geen enkel overheidstoezicht. Eerder onderzoek toonde al aan dat drie van de vier ‘weeskinderen’ nog minimaal één ouder hebben. De tehuizen zitten dan ook vol met kinderen die volgens experts veel beter af zijn bij hun familie.

Volgens Unicef Cambodja moeten tehuizen worden gezien als het laatste redmiddel voor kinderen zonder ouders of familie, en alleen als een tijdelijke oplossing. Bij de weeshuizen zien ze dat anders. Zij sturen hun personeel met busjes het platteland op waar ze in armoede levende families een voorstel doen dat ze soms maar moeilijk kunnen weerstaan: een westerse opleiding, een goed bed en elke dag genoeg te eten.

Onderzoekers roepen al jaren dat veel weeshuizen worden gerund als een onderneming waarin het vooral draait om het binnenhalen van donaties. Die donaties, waarvoor sommige tehuizen kinderen laten dansen en zingen voor toeristen, verdwijnen vaak in de zakken van de directie. En dan zijn er nog de tehuizen waar kinderen te weinig eten krijgen of het slachtoffer zijn van seksueel misbruik.

Dat er iets moet veranderen, is volgens James Sutherland inmiddels ook doorgedrongen tot de overheid. Volgens de woordvoerder van Friends-International heeft de overheid jarenlang onvoldoende zicht gehad op wat zich afspeelt in de weeshuisindustrie. ‘Maar nu de omvang van het probleem in kaart is gebracht, is de overheid meer toegewijd dan eerder om het aantal tehuizen in te perken’, zegt hij. Daar komt nog wel wat bij kijken. Al jaren in weeshuizen wonende kinderen moeten re-integreren, ouders moeten ervan overtuigd worden dat het beter is hun kind thuis te laten opgroeien. ‘Dat zal niet makkelijk zijn’, voorspelt Sutherland. ‘Maar families moeten inzien dat als je een probleem hebt met je kinderen er ook andere oplossingen zijn dan het in een tehuis stoppen.’